Alexandre Dusart, Mathieu Delouvroy, Singaoku Kale en David Browet worden ervan beschuldigd Jean-Marie Monzibila te hebben gedood in de nacht van 31 augustus op 1 september 2009. Allen maakten ze deel uit van de radicaal-islamistische Abil-gemeenschap, in Gilly. "Er waren veel activiteiten in het bos en Adill, de leider van de groep, nam vaak het woord om over het geloof te praten. Hij had het meeste invloed. Hij organiseerde activiteiten, vergaderingen. Toen de feiten plaatsvonden, was ik vier maanden bij de groep", aldus Browet, die aangaf nog zeer gelovig te zijn, maar niet praktiserend. Het lichaam van het slachtoffer werd zwaar verminkt gevonden in het Ter Kamerenbos. Volgens het rapport van de wetsarts werd de 35-jarige inwoner van Anderlecht gewurgd en verbrand, kreeg hij talloze trappen, stoten van een blok hout en werd zijn oor afgesneden. De feiten werden eerst gekwalificeerd als slagen en verwondingen met de dood tot gevolg, zonder intentie om te doden, en de zaak werd verwezen naar de correctionele rechter. Maar de voorzitter van de correctionele kamer, die het dossier in 2015 onderzocht, oordeelde dat het een misdrijf was en dat hij daarom niet bevoegd was om over het dossier te oordelen. De zaak werd vervolgens naar assisen verwezen. (Belga)

Alexandre Dusart, Mathieu Delouvroy, Singaoku Kale en David Browet worden ervan beschuldigd Jean-Marie Monzibila te hebben gedood in de nacht van 31 augustus op 1 september 2009. Allen maakten ze deel uit van de radicaal-islamistische Abil-gemeenschap, in Gilly. "Er waren veel activiteiten in het bos en Adill, de leider van de groep, nam vaak het woord om over het geloof te praten. Hij had het meeste invloed. Hij organiseerde activiteiten, vergaderingen. Toen de feiten plaatsvonden, was ik vier maanden bij de groep", aldus Browet, die aangaf nog zeer gelovig te zijn, maar niet praktiserend. Het lichaam van het slachtoffer werd zwaar verminkt gevonden in het Ter Kamerenbos. Volgens het rapport van de wetsarts werd de 35-jarige inwoner van Anderlecht gewurgd en verbrand, kreeg hij talloze trappen, stoten van een blok hout en werd zijn oor afgesneden. De feiten werden eerst gekwalificeerd als slagen en verwondingen met de dood tot gevolg, zonder intentie om te doden, en de zaak werd verwezen naar de correctionele rechter. Maar de voorzitter van de correctionele kamer, die het dossier in 2015 onderzocht, oordeelde dat het een misdrijf was en dat hij daarom niet bevoegd was om over het dossier te oordelen. De zaak werd vervolgens naar assisen verwezen. (Belga)