Wim De Schamphelaere (Antwerpen, 1963) was zeker niet in de wieg gelegd om fotograaf te worden. Hij werd dan ook ingenieur biochemie. Zijn onrustige geest bracht hem tot de oprichting van een eigen bedrijf voor digitaal drukwerk. Maar ook dat vrat hem aan en na een depressieve periode besloot hij de wijde wereld in te trekken met een fototoestel alhoewel hij dat eerder nog nooit had gebruikt.
...

Wim De Schamphelaere (Antwerpen, 1963) was zeker niet in de wieg gelegd om fotograaf te worden. Hij werd dan ook ingenieur biochemie. Zijn onrustige geest bracht hem tot de oprichting van een eigen bedrijf voor digitaal drukwerk. Maar ook dat vrat hem aan en na een depressieve periode besloot hij de wijde wereld in te trekken met een fototoestel alhoewel hij dat eerder nog nooit had gebruikt.Zijn eerste reizen gingen naar Afrika, later trok hij naar Latijns-Amerika. In beide continenten vond hij rust en inspiratie. Sociaal van instelling bracht hij lange tijd door bij inheemse Afrikaanse gemeenschappen en poogde er het vertrouwen te winnen van de lokale bevolking. Eens het zover was haalde hij zijn camera boven en fotografeerde hij individuen op een natuurlijke manier. Het werd een serie in zwart-wit die klassiek lijkt maar opvalt door de de waardigheid van het personage dat hij eerbiedigt. Het zijn portretten met een naturel die de ziel van het model blootleggen zonder de sensatie te zoeken. Vakwerk voor een zogenaamde amateur-fotograaf.In Latijns-Amerika begon hij aan een project dat hem uniek maakte door het feit dat hij de mogelijkheden van de moderne computertechnieken ging exploreren. Het resultaat is verbluffend, de beelden zijn overwegend gericht op een samenhangende bevolkingsgroep, een stam of een dorp of een wijk. De foto's ogen als panoramisch en alhoewel ze het wel zijn ontwijkt hij er de nadelen van, zoals de vertekening eigen aan het draaien van de camera, of de sporen van het typische aaneenplakken van panorama's dat gebruikelijk was in de 19e eeuw. Door computermanipulatie ontstaan uitgerekte beelden tot soms zeven meter breed die eigenlijk fictieve situaties weergeven, en toch niet. Neem nu een reeks die in Cuba werd gerealiseerd: we zien een aaneenschakeling van woningen, een straat waar inwoners op hun balkon staan of aan hun voordeur of op straat. Het is een kleurrijke band van huizen die er in werkelijkheid niet uitziet als op de foto want de huizengevels werden gemixt zodat er een nieuw straatbeeld ontstond maar nog altijd authentiek blijft. Ook groepsportretten, vooral in Afrika, worden op die manier gerealiseerd, de mensen staan op een rij identiek aan de originele setting. Maar ze werden samengesteld uit bestaande beelden die met de wil tot creativiteit een andere volgorde kregen. Het is geen vervalsing, eerder een herschikking om artistieke redenen. De plaatskeuze van de modellen werd gemaakt volgens de grootte van de personages, de kleur van hun kledij, hun houding of de manier waarop ze zich wilden presenteren. Het is een andere en persoonlijke manier om een beeld te schetsen van een Afrikaans dorp of stam. Het is ook een hele onderneming van de fotograaf om, vaak bij afgelegen stammen, het vertrouwen te winnen van de bevolking om zich aan de magie van de fotografie over te geven. Het vraagt maanden geduld om een relatie met hen op te bouwen en ze te overtuigen dat er geen boze geesten in het spel zijn. Zowel de urbanistische patronen in Zuid-Amerika als het antropologisch aspect in Afrika worden door Wim De Schamphelaere op een uitermate persoonlijke en inventieve manier gebruikt om een unieke vorm van fotografie in België te bepalen. De kwaliteit is er, de fotografische aanpak uniek en het resultaat verbluffend. Wat wil je nog meer?Tentoonstelling "Wim De Schamphelaere, Exchanging Looks". Antwerpen, Galerie De Zwarte Panter, nog tot 23 juni.