2018 was het jaar waarin klimaatverandering schrikwekkend tastbaar werd. De almaar snellere opeenvolging van almaar extremere weerfenomenen - denk aan de aanhoudende droogte in ons land, het noodweer in Italië en de bosbranden in de Verenigde Staten - toont duidelijk aan dat de gevolgen van klimaatverandering geen apocalyptische toekomsttaferelen meer zijn, maar de huidige realiteit. Daarnaast wees het meest recente IPCC-rapport ons nogmaals op de enorme uitdagingen die we het hoofd moeten bieden om onze kans op een leefbare toekomst te vrijwaren.

Welke partij claimt het klimaat?

In het licht van deze ontwikkelingen komen zondag in Brussel tienduizenden bezorgde burgers op straat in het kader van de 'Claim the Climate' betoging om op te roepen voor een ambitieus en sociaal rechtvaardig klimaatbeleid. Desondanks is het vooralsnog zoeken naar een politieke partij die het klimaatvraagstuk op een geloofwaardige manier claimt. Deze generatie politici slaagt er schijnbaar niet in om passende antwoorden te formuleren op de complexe uitdagingen die klimaatverandering stelt. In de plaats daarvan kenmerkt het huidige klimaatbeleid in ons land zich door onsamenhangende maatregelen, dagjespolitiek, afwezigheid van daadkracht en gebrek aan draagvlak. Om een sociaal en ambitieus klimaatbeleid eindelijk van de grond te krijgen hebben we een totaalvisie nodig op de lange termijn, waar bovendien wervingskracht van uitgaat.

Begroting spijzen of bekommernis om milieu?

Jammer genoeg staan we daar vandaag nog ver van. Laten we dit illustreren aan de hand van één concreet voorbeeld: de accijnzen op diesel. In het kader van de federale tax shift moest de verhoging van deze accijnzen het rijden met dieselwagens ontmoedigen. Hierdoor zijn automobilisten geneigd om over te stappen op benzinewagens. Het klimaateffect hiervan is miniem, bijvoorbeeld door het feit dat benzinewagens over het algemeen meer verbruiken dan dieselwagens. Maar nog belangrijker is het feit dat deze zogenaamde klimaatmaatregel het principe van individueel wagenbezit niet in vraag stelt. Om echt een totaalvisie te weerspiegelen, zou ze moeten samengaan met andere maatregelen zoals een grotere investering in openbaar vervoer. Het is dan ook moeilijk om je van de indruk te ontdoen dat deze accijnzen er eerder kwamen om de begroting te spijzen dan vanuit een oprechte bekommernis voor milieu en klimaat.

Daarnaast is het in ons land en in Frankrijk de laatste weken ook pijnlijk duidelijk geworden dat deze maatregel in het kader van de tax shift gekenmerkt wordt door een gebrek aan draagvlak in de samenleving. Waarom moeten mensen deze inspanningen doen? Welk perspectief biedt dit hen? Het grotere plaatje ontbreekt, en vaak treffen deze maatregelen de zwakkeren in onze samenleving. Politieke partijen slagen er nog steeds niet in om ecologische- en sociale uitdagingen als deel van één en hetzelfde geheel te zien.

Opiniemakers als Dirk Holemans hebben het al voor ons gezegd: het transitiedenken moet sociale rechtvaardigheid centraal zetten om te voorkomen dat klimaatbeleid een asociaal gegeven wordt en tegenstand opwekt bij mensen die het nu al moeilijk hebben om de eindjes aan elkaar te knopen. Het is dan ook aan (progressieve) politieke partijen om de huidige politieke cultuur van actie-reactie te overstijgen en te komen tot een alomvattend verhaal, een maatschappijvisie op lange termijn die mensen duidelijk maakt dat een ambitieus klimaatbeleid in hun eigen belang is, niet ten koste moet gaan van sociale voorzieningen en zelfs kan zorgen voor een sterk herverdelend effect.

Wij willen hierbij dan ook een oproep doen aan politieke partijen om de verkiezingen van 2019 te gebruiken om zo'n langetermijnvisie te ontwikkelen, en die ook te communiceren naar de kiezer. Zowel het Vlaamse, federale als Europese niveau hebben stuk voor stuk hun eigen rol te spelen in het bewerkstelligen van de ecologische transitie met voldoende aandacht voor sociale rechtvaardigheid. Het is dan ook een unieke kans voor partijen om zichzelf heruit te vinden. De burger heeft immers nood aan een overkoepelend verhaal, een duidelijke langetermijnstrategie omtrent waar we als samenleving naar toe gaan. Want of we het nu erkennen of niet: klimaatverandering is dé maatschappelijke uitdaging van de 21ste eeuw. Wanneer politieke partijen halsstarrig blijven (re)ageren op basis van de orde van de dag, zal de realiteit ons sneller inhalen dan we zelf ooit voor mogelijk hielden.

Frederik De Roeck behaalde net zijn doctoraat in de politieke wetenschappen met als focus 'Europees milieu- en klimaatbeleid'.

Sven Janssens is als politoloog en jongsocialist bezig met het klimaatbeleid.

2018 was het jaar waarin klimaatverandering schrikwekkend tastbaar werd. De almaar snellere opeenvolging van almaar extremere weerfenomenen - denk aan de aanhoudende droogte in ons land, het noodweer in Italië en de bosbranden in de Verenigde Staten - toont duidelijk aan dat de gevolgen van klimaatverandering geen apocalyptische toekomsttaferelen meer zijn, maar de huidige realiteit. Daarnaast wees het meest recente IPCC-rapport ons nogmaals op de enorme uitdagingen die we het hoofd moeten bieden om onze kans op een leefbare toekomst te vrijwaren. In het licht van deze ontwikkelingen komen zondag in Brussel tienduizenden bezorgde burgers op straat in het kader van de 'Claim the Climate' betoging om op te roepen voor een ambitieus en sociaal rechtvaardig klimaatbeleid. Desondanks is het vooralsnog zoeken naar een politieke partij die het klimaatvraagstuk op een geloofwaardige manier claimt. Deze generatie politici slaagt er schijnbaar niet in om passende antwoorden te formuleren op de complexe uitdagingen die klimaatverandering stelt. In de plaats daarvan kenmerkt het huidige klimaatbeleid in ons land zich door onsamenhangende maatregelen, dagjespolitiek, afwezigheid van daadkracht en gebrek aan draagvlak. Om een sociaal en ambitieus klimaatbeleid eindelijk van de grond te krijgen hebben we een totaalvisie nodig op de lange termijn, waar bovendien wervingskracht van uitgaat. Jammer genoeg staan we daar vandaag nog ver van. Laten we dit illustreren aan de hand van één concreet voorbeeld: de accijnzen op diesel. In het kader van de federale tax shift moest de verhoging van deze accijnzen het rijden met dieselwagens ontmoedigen. Hierdoor zijn automobilisten geneigd om over te stappen op benzinewagens. Het klimaateffect hiervan is miniem, bijvoorbeeld door het feit dat benzinewagens over het algemeen meer verbruiken dan dieselwagens. Maar nog belangrijker is het feit dat deze zogenaamde klimaatmaatregel het principe van individueel wagenbezit niet in vraag stelt. Om echt een totaalvisie te weerspiegelen, zou ze moeten samengaan met andere maatregelen zoals een grotere investering in openbaar vervoer. Het is dan ook moeilijk om je van de indruk te ontdoen dat deze accijnzen er eerder kwamen om de begroting te spijzen dan vanuit een oprechte bekommernis voor milieu en klimaat. Daarnaast is het in ons land en in Frankrijk de laatste weken ook pijnlijk duidelijk geworden dat deze maatregel in het kader van de tax shift gekenmerkt wordt door een gebrek aan draagvlak in de samenleving. Waarom moeten mensen deze inspanningen doen? Welk perspectief biedt dit hen? Het grotere plaatje ontbreekt, en vaak treffen deze maatregelen de zwakkeren in onze samenleving. Politieke partijen slagen er nog steeds niet in om ecologische- en sociale uitdagingen als deel van één en hetzelfde geheel te zien. Opiniemakers als Dirk Holemans hebben het al voor ons gezegd: het transitiedenken moet sociale rechtvaardigheid centraal zetten om te voorkomen dat klimaatbeleid een asociaal gegeven wordt en tegenstand opwekt bij mensen die het nu al moeilijk hebben om de eindjes aan elkaar te knopen. Het is dan ook aan (progressieve) politieke partijen om de huidige politieke cultuur van actie-reactie te overstijgen en te komen tot een alomvattend verhaal, een maatschappijvisie op lange termijn die mensen duidelijk maakt dat een ambitieus klimaatbeleid in hun eigen belang is, niet ten koste moet gaan van sociale voorzieningen en zelfs kan zorgen voor een sterk herverdelend effect.Wij willen hierbij dan ook een oproep doen aan politieke partijen om de verkiezingen van 2019 te gebruiken om zo'n langetermijnvisie te ontwikkelen, en die ook te communiceren naar de kiezer. Zowel het Vlaamse, federale als Europese niveau hebben stuk voor stuk hun eigen rol te spelen in het bewerkstelligen van de ecologische transitie met voldoende aandacht voor sociale rechtvaardigheid. Het is dan ook een unieke kans voor partijen om zichzelf heruit te vinden. De burger heeft immers nood aan een overkoepelend verhaal, een duidelijke langetermijnstrategie omtrent waar we als samenleving naar toe gaan. Want of we het nu erkennen of niet: klimaatverandering is dé maatschappelijke uitdaging van de 21ste eeuw. Wanneer politieke partijen halsstarrig blijven (re)ageren op basis van de orde van de dag, zal de realiteit ons sneller inhalen dan we zelf ooit voor mogelijk hielden.Frederik De Roeck behaalde net zijn doctoraat in de politieke wetenschappen met als focus 'Europees milieu- en klimaatbeleid'.Sven Janssens is als politoloog en jongsocialist bezig met het klimaatbeleid.