Met een regelmaat van de klok verschijnen alarmerende cijfers over armoede in Vlaanderen. Leven in armoede is een schending van de mensenrechten. Maar het is niet enkel een verhaal van individuen, het legt ook een bom onder onze samenleving. Stijgende ongelijkheid brengt immers ieders welvaart en geluk in het gedrang.

Maandag berichtte De Morgen over het stijgend aantal kwetsbare leerlingen in het secundair onderwijs. In het schooljaar 2015-2016 beantwoordden 170.399 van 434.603 leerlingen aan de criteria van de Vlaamse overheid. Bijna 4 op de 10 jongeren in onze middelbare scholen zijn dus thuisloos, ontvangen een schooltoelage of hebben een laagopgeleide moeder.

Begin deze maand leerde de Armoedemonitor ons dat 150.000 tussen 0-17 jaar in Vlaanderen onder de armoederisicodrempel leven, voor een gezin van 2 volwassenen en 2 kinderen betekent dat met minder dan 2.274 euro per maand rondkomen. Daarnaast leeft 17% van de kinderen in gezinnen die zelf aangeven dat ze niet rond komen met hun inkomen. Ruim 1 op de 5 kinderen kan niet dromen van een weekje vakantie. En 1 op 4 leeft in een gezin dat een onverwachte uitgave van 1.100 euro niet aankan.

'Welk alarm moet nog afgaan voor Vlaamse regering van armoede een topprioriteit maakt?'

Naast stijgende armoede is er dus ook het stijgende armoederisico. 1of 5 personen in Vlaanderen hebben een verhoogd risico om bij de minste tegenslag op hun pad (denk maar aan ziekte) in een armoede-dal te belanden, een dal waar je waar moeilijk weer uitkruipt. Veelal zijn het eenoudergezinnen of net grote gezinnen en alleenstaanden.

De meeste mensen in armoede zijn aangewezen tot de huurmarkt. Ook daarover regent het de voorbije tijd berichten, bijvoorbeeld naar aanleiding van het rapport van de Huurdersbond half mei. De prijzen van de goedkoopste woningen stegen nog nooit zo sterk als vorig jaar. Vele betalen veel te veel voor hun woning, en dat is zeer problematisch voor wie een klein inkomen heeft. Een garantie op een betaalbare woning kan heel wat mensen uit armoede of armoede-risico halen.

'Vergeet niet dat achter elk cijfer ook een verhaal van schending van basisrechten en een gebrek aan basiscomfort verborgen zit. De cijfers staan voor een lege brooddoos, een te kleine winterjas, een gemiste schooluitstap, geen vriendjes op bezoek, lagere schoolresultaten.'

Volstaan die cijfers niet om over te gaan tot actie voor de minister van Armoedebestrijding? Vergeet niet dat achter elk cijfer ook een verhaal van schending van basisrechten en een gebrek aan basiscomfort verborgen zit. De cijfers staan voor een lege brooddoos, een te kleine winterjas, een gemiste schooluitstap, geen vriendjes op bezoek, lagere schoolresultaten. De cijfers staan voor een uitgesteld doktersbezoek, voor een onverwarmde kamer om te studeren en voor te veel matrassen in een te kleine studio. Achter de cijfers schuilt vaak schaamte, onzekerheid, een minderwaardigheidsgevoel.

Tegelijk staan de cijfers ook voor doorzettingsvermogen, creativiteit en vechtlust, zowel bij kinderen en volwassenen in armoede, als bij de leerkrachten, de sociaal werkers, de vrijwilligers... Maar zij botsen op grenzen. De armoede structureel bestrijden, dat gaat hun petje te boven. Dat geven ook Lieven Boeve (VSKO) en Raymonda Verdyck (GO!) aan. Iedereen erkent immers dat het onderwijs de uitgelezen plek is om gelijke kansen en een gelijke start te bieden voor iedereen, maar het onderwijs alleen kan het niet redden. De extra mile van zovele hulpverleners en organisaties zijn nodig en getuigen van veel engagement en solidariteit, maar bieden geen structurele oplossing.

Armoede is niet enkel schrijnend en mensonwaardig, het legt ook een bom onder de samenleving. De groeiende kloof tussen arm en rijk in onze samenleving is als een tikkende tijdbom. Richard Wilkinson toont aan dat er in een ongelijke samenleving minder welvaart voor iedereen, of omgekeerd: dat landen met minder inkomensgelijkheid het op sociaal vlak beter doen dan landen met meer ongelijkheid, met de levensverwachting, lichamelijke en geestelijke gezondheid, druggebruik, scholing en het vertrouwen in andere mensen als graadmeter.

De ambitie om de kinderarmoede te willen halveren tegen 2020 blijft lovenswaardig, maar is alsmaar minder geloofwaardig. Er is een plan, er zijn acties, maar geen resultaat. En de resultaten van je beleid toets je niet aan het bestaan van een actielijst, maar aan de verbeteringen in de samenleving. De realiteit spreekt voor zich. Dus, Vlaamse regering, kan u één goede reden geven waarom u van armoede geen topprioriteit maakt? De klok tikt... Welk alarm moet er nóg afgaan?

Met een regelmaat van de klok verschijnen alarmerende cijfers over armoede in Vlaanderen. Leven in armoede is een schending van de mensenrechten. Maar het is niet enkel een verhaal van individuen, het legt ook een bom onder onze samenleving. Stijgende ongelijkheid brengt immers ieders welvaart en geluk in het gedrang. Maandag berichtte De Morgen over het stijgend aantal kwetsbare leerlingen in het secundair onderwijs. In het schooljaar 2015-2016 beantwoordden 170.399 van 434.603 leerlingen aan de criteria van de Vlaamse overheid. Bijna 4 op de 10 jongeren in onze middelbare scholen zijn dus thuisloos, ontvangen een schooltoelage of hebben een laagopgeleide moeder.Begin deze maand leerde de Armoedemonitor ons dat 150.000 tussen 0-17 jaar in Vlaanderen onder de armoederisicodrempel leven, voor een gezin van 2 volwassenen en 2 kinderen betekent dat met minder dan 2.274 euro per maand rondkomen. Daarnaast leeft 17% van de kinderen in gezinnen die zelf aangeven dat ze niet rond komen met hun inkomen. Ruim 1 op de 5 kinderen kan niet dromen van een weekje vakantie. En 1 op 4 leeft in een gezin dat een onverwachte uitgave van 1.100 euro niet aankan. Naast stijgende armoede is er dus ook het stijgende armoederisico. 1of 5 personen in Vlaanderen hebben een verhoogd risico om bij de minste tegenslag op hun pad (denk maar aan ziekte) in een armoede-dal te belanden, een dal waar je waar moeilijk weer uitkruipt. Veelal zijn het eenoudergezinnen of net grote gezinnen en alleenstaanden. De meeste mensen in armoede zijn aangewezen tot de huurmarkt. Ook daarover regent het de voorbije tijd berichten, bijvoorbeeld naar aanleiding van het rapport van de Huurdersbond half mei. De prijzen van de goedkoopste woningen stegen nog nooit zo sterk als vorig jaar. Vele betalen veel te veel voor hun woning, en dat is zeer problematisch voor wie een klein inkomen heeft. Een garantie op een betaalbare woning kan heel wat mensen uit armoede of armoede-risico halen.Volstaan die cijfers niet om over te gaan tot actie voor de minister van Armoedebestrijding? Vergeet niet dat achter elk cijfer ook een verhaal van schending van basisrechten en een gebrek aan basiscomfort verborgen zit. De cijfers staan voor een lege brooddoos, een te kleine winterjas, een gemiste schooluitstap, geen vriendjes op bezoek, lagere schoolresultaten. De cijfers staan voor een uitgesteld doktersbezoek, voor een onverwarmde kamer om te studeren en voor te veel matrassen in een te kleine studio. Achter de cijfers schuilt vaak schaamte, onzekerheid, een minderwaardigheidsgevoel. Tegelijk staan de cijfers ook voor doorzettingsvermogen, creativiteit en vechtlust, zowel bij kinderen en volwassenen in armoede, als bij de leerkrachten, de sociaal werkers, de vrijwilligers... Maar zij botsen op grenzen. De armoede structureel bestrijden, dat gaat hun petje te boven. Dat geven ook Lieven Boeve (VSKO) en Raymonda Verdyck (GO!) aan. Iedereen erkent immers dat het onderwijs de uitgelezen plek is om gelijke kansen en een gelijke start te bieden voor iedereen, maar het onderwijs alleen kan het niet redden. De extra mile van zovele hulpverleners en organisaties zijn nodig en getuigen van veel engagement en solidariteit, maar bieden geen structurele oplossing. Armoede is niet enkel schrijnend en mensonwaardig, het legt ook een bom onder de samenleving. De groeiende kloof tussen arm en rijk in onze samenleving is als een tikkende tijdbom. Richard Wilkinson toont aan dat er in een ongelijke samenleving minder welvaart voor iedereen, of omgekeerd: dat landen met minder inkomensgelijkheid het op sociaal vlak beter doen dan landen met meer ongelijkheid, met de levensverwachting, lichamelijke en geestelijke gezondheid, druggebruik, scholing en het vertrouwen in andere mensen als graadmeter.De ambitie om de kinderarmoede te willen halveren tegen 2020 blijft lovenswaardig, maar is alsmaar minder geloofwaardig. Er is een plan, er zijn acties, maar geen resultaat. En de resultaten van je beleid toets je niet aan het bestaan van een actielijst, maar aan de verbeteringen in de samenleving. De realiteit spreekt voor zich. Dus, Vlaamse regering, kan u één goede reden geven waarom u van armoede geen topprioriteit maakt? De klok tikt... Welk alarm moet er nóg afgaan?