Haat op sociale media afblokken

In de eerste 24 uur na de aanslagen in Christchurch verwijderde Facebook naar eigen zeggen 1,5 miljoen keer de live-video, die de dader van de aanslag zelf had opgenomen. Dat is een goede zaak. We weten dat extremisten sociale media als wapen inzetten, en dat we die kanalen maar beter zo snel mogelijk onklaar maken.

Een snelle verwijdering van online haat is zeer belangrijk. Als we de Gentse Feesten voorzien van betonnen blokken aan de rand van de binnenstad, dan snap ik niet waarom we dat nog steeds niet doen op sociale media.

We moeten ingrijpen op de platformen en kanalen die racisme en haat verbreiden.

Als land alléén virtuele betonblokken neerzetten heeft geen zin. Dat ondervindt ook de premier van Nieuw-Zeeland, Jacinda Ardern. Zij is terecht verbolgen dat Facebook de beelden van de aanslag in haar eigen land heeft verwijderd, maar ze elders in de wereld gewoon viraal kunnen blijven gaan. De reikwijdte van sociale media stopt niet aan landsgrenzen. We moeten dit dus op een hoger echelon trekken. Op ons continent kan dat alvast doen op het niveau van de Europese Unie. Maar wat mij betreft moet dit ook met de NAVO kunnen.

Minister van Justitie Koen Geens (CD&V) herinnerde de providers vrijdag nog eens aan de gedragscode die op Europees niveau bestaat. Maar die volstaat niet: de providers moeten de gegevens over die content ook bijhouden, zodat veiligheidsdiensten hun werk kunnen doen.

Twee jaar geleden introduceerde ik in ons parlement een voorstel voor een meer doeltreffende bestraffing van auteurs van haatdragende boodschappen op sociale media. Dat voorstel is nog steeds hangende in de commissie Justitie. Het werd nog niet besproken.

Ik zou zeggen: Minister Geens, laat ons deze resolutie snel behandelen.

Racisme benoemen

De eerste treden op de ladder van openlijk racisme zijn de banalisering ervan. 'Het is maar om te lachen, nietwaar?' Zoals een filmpje van de honderddagenviering van het college in Melle, vol scholieren verkleed als 'biddende moslims', inclusief man met bomgordel. Of nog: een wagen op het Aalsters carnaval, waarin de joodse gemeenschap werd afgebeeld volgens de normen van de jaren 1930.

Het zet de toon, waarop verder een escalatie kan gebouwd worden. En die toon klinkt alarmerend luider. Ondertussen wacht ik nog altijd op de beloofde evaluatie van de antidiscriminatiewetgeving van 2007.

Allochtonen bij de overheid

Na de aanslagen in Nieuw-Zeeland stelde de politieofficier Naila Hassan zeer helder: 'I'm a proud muslim and a leader in the New Zealand police.'

In België zijn allochtonen in overheidsdienst, laat staan in hoge functies, zwaar ondervertegenwoordigd. Dat geldt voor overheidsbedrijven als de NMBS, voor het onderwijs, voor de politiediensten. De deur naar jobs staat duidelijk niet voor iedereen even breed open. Nochtans is die representatie van onze diversiteit van bijzonder belang. De overheid heeft een voorbeeldfunctie.

Het federale regeerakkoord wou dat onevenwicht aanpakken. Ik vroeg kort geleden in het parlement aan minister van Ambtenarenzaken Sophie Wilmès om een stand van zaken. Haar antwoord was ontnuchterend. In de praktijk wordt deze hete aardappel doorgeschoven naar de volgende legislatuur.

Trollen uitroken

Radicalisering is niet het monopolie van een bepaalde bevolkingsgroep. Zowel het OCAD als Europol waarschuwen al een tijdje voor de demarches van extremistische groepen in de Europese Unie. Het toenemend extreemrechts discours baart hen zorgen. De lijst van 'persons of interest' van het OCAD is diverser dan men doorgaans zou aannemen.

We zien organisaties ontstaan zoals Schild & Vrienden. We zien groepen die banden hebben met de internationale alt right-strekking. We zien mogelijke buitenlandse inmenging in verkiezingscampagnes, met trollen die het debat op sociale media verzuren. Hoe uiteenlopend ze ook lijken, ze hebben één karaktertrek gemeen: ze willen polariseren en conflicten uitlokken.

Merkwaardig genoeg hebben net de Amerikaanse verkiezingen ons geleerd dat een fors deel van die berichten uitgestuurd worden door computerprogramma's. Als het merendeel van de politieke tweets afkomstig is van zogenaamde bots, wat let ons dan om die aan banden te leggen?

Veiligheid is een werkwoord

Mijn boek 'Veiligheid voor iedereen' werd geschreven vanuit mijn ervaringen in de parlementaire commissie Terrorismebestrijding, in de nasleep na de aanslagen in ons eigen land. Er is de afgelopen legislatuur heel wat wetgevend werk verricht. Er had meer kunnen gebeuren; ook dat moeten we onder ogen zien.

Tegelijk stond de (digitale) wereld niet stil. Christchurch moet ons aan het denken zetten. Een live-uitzending van de aanslagen in Zaventem, ik ben dankbaar dat zoiets ons drie jaar geleden bespaard is gebleven. Maar laat ons niet naïef zijn, en gewoon hopen dat zoiets nooit naar ons continent kan overwaaien. We moeten ingrijpen op de platformen en kanalen die racisme en haat verbreiden. De online wereld wordt door onze tegenstanders ingezet als een wapen, maar hun wapen geweld blijft niet - helaas - louter virtueel.

Veli Yüksel is Kamerlid en kandidaat voor Open Vld bij de verkiezingen van 26 mei. Hij zetelde in de commissie Terrorismebestrijding en de commissie Defensie. Hij is auteur van 'Veiligheid voor iedereen. De strijd tegen gewelddadig radicalisme' (Polis, 2018).