Het Festivalhuis zelf biedt de meeste kunstenaars en is meteen ook een sterke start. In beeld en woord staan menselijke kwetsbaarheid en eenzaamheid centraal: een foto boordevol tactiele roerloosheid van Karin Borghouts, een schilderij van Mieke Teirlinck, waar het lege bed wacht op de patiënt of de aflijvige net weggehaald werd, en de fragiele Zen-achtige doekjes van Marie Reintjes. Beeldhouwster Karolien Soete vervaardigt verwerende handen uit hardhout en zeep, terwijl Bram Ellens met achterkanten van schilderijen grote cocons construeert: wat er op de doeken staat, is verborgen en ingekapseld.
...