Het Festivalhuis zelf biedt de meeste kunstenaars en is meteen ook een sterke start. In beeld en woord staan menselijke kwetsbaarheid en eenzaamheid centraal: een foto boordevol tactiele roerloosheid van Karin Borghouts, een schilderij van Mieke Teirlinck, waar het lege bed wacht op de patiënt of de aflijvige net weggehaald werd, en de fragiele Zen-achtige doekjes van Marie Reintjes. Beeldhouwster Karolien Soete vervaardigt verwerende handen uit hardhout en zeep, terwijl Bram Ellens met achterkanten van schilderijen grote cocons construeert: wat er op de doeken staat, is verborgen en ingekapseld.

Orphans (2018) van Bram Ellens. © .

Walden

Op de zolder - niet toevallig onder de hanenbalken - hebben schrijver Koen Peeters en dichter Bart Janssen een aparte tentoonstelling verzorgd, meteen een van de hoogtepunten van Watou.

De curatoren gaan uit van de boom, een al dan niet solitair levend wezen. Tegelijk verwijzen ze naar het gebrek aan bomen in West-Vlaanderen: daar zit de verwoesting van de Eerste Wereldoorlog voor iets tussen. Janssen & Peeters spelen 'boomschilderijen' van Fik Van Gestel en Stefaan Vermuyten - twee sterke ensembles - uit tegen de boomringen in Middelheim Museum van Jef Geys en een vlijmscherpe sculptuur van Peter Rogiers.

'Untitled' (2004) van Peter Rogiers en 'Selva Oscura', tweeluik (2018) van Caroline Alida © .

Fragiliteit zit ook in het takkenhuisje van Stief Desmet Op de nieuwe begraafplaats van Watou, met weids uitzicht over de akkers, bouwde hij met in brons gegoten 'takken' een skelet van een huis: een verwijzing naar William Thoreaus beroemde 'terug naar de natuur'-boek 'Walden' maar vooral een treffend beeld van onze condition humaine.

Enkele ruimere presentaties doen het goed. Het schildersduo Reniere & Depla verkent het thema van de berg: niet alleen spelen ze met de lange traditie van de berg in de schilderkunst (de knipoog naar de 'Wandelaar boven de nevelen' van Caspar David Friedrich), maar de berg is - net zoals de zee - een natuurfenomeen waarin we onze verzuchtingen en verlangens projecteren. De berg als uitdaging, ongenaakbaarheid en symbool van het sublieme.

Ook Laura De Coninck - die het affichebeeld van Watou 2019 ontwierp - krijgt veel ruimte in het Klooster. Haar werk komt het dichtst bij de pure betekenis van 'saudade': in eenvoudige penseeltekeningen borstelt ze rudimentaire lichamen die elkaar aantrekken, koesteren en afstoten, vrijen, ruzie maken of zich hullen in verdriet en eenzaamheid.

Werk van Laura De Coninck © .

Tweederangsversies van Jeff Koons

Saudade is een erg rekbaar begrip en op nogal wat plaatsen lijkt de band met weemoed of heimwee erg los of vergezocht. Dat neemt niet weg dat bijvoorbeeld de Douviehoeve sterke momenten heeft in de verkenning van mens, natuur en de grenzen tussen beide: een adembenemende sculptuur van Michel François - tientallen waterzakjes aan nylondraden -, zestig ton teelaarde met groeiende champignons gevat tussen glazen wanden (een installatie van Zeger Reyers) en een aangrijpende film van Jeroen Eisinga: schapen die samentroepen in een sneeuwstorm.

Hier en daar wordt de baseline van Jeroen Brouwers 'Niets bestaat dat niet iets anders aanraakt' wel erg letterlijk geïnterpreteerd en zit er in de ensembles te veel overeenkomst, te veel 'beeldrijm' en al te weinig spankracht. Jammer is ook dat met de poëzie van Fernando Pessoa weinig wordt gedaan: de unieke Portugese dichter krijgt een aparte presentatie in de Douviehoeve maar wordt onvoldoende in het geheel betrokken.

En - helaas - is er ook nogal wat zwakke kunst te zien waarin het werk van grote namen als Mark Manders, Berlinde De Bruyckere of Wim Delvoye dunnetjes wordt overgedaan. De kerk van Watou is in dat opzicht een zwaktebod: niemand zit te wachten op tweederangsversies van Jeff Koons.

Misschien moeten er voor de 40ste editie minder kunstenaars op minder locaties uitgenodigd worden. Less is more. Maar dat neemt niet weg dat, elk jaar weer, het Kunstenfestival Watou een aparte belevenis blijft.

INFO

Watou 2019 loopt tot 1 september. www.kunstenfestivalwatou.be