Column

Amir Bachrouri

‘Wat deden de partijen van Rousseau en De Donder toen ze in gemeenten als Molenbeek in het bestuur zaten?’

Amir Bachrouri Voorzitter van de Vlaamse Jeugdraad

Amir Bachrouri is voorzitter van de Vlaamse Jeugdraad. Zijn column verschijnt tweewekelijks.

Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Laten we toch nog eens terugkomen op Conner Rousseau en zijn uitspraak ‘Als ik door Molenbeek rijd, voel ik mij niet in België.’ De Vooruit-voorzitter wilde ermee zeggen wat velen denken, maar niet durven uit te spreken. Hij kreeg steun van de Affligemse burgemeester Walter De Donder (CD&V) die probleemontkenners oproept om samen met hem niet-Belgische gemeenten zoals Anderlecht te bezoeken. Het is ondertussen wel welletjes geweest met uitspraken van die slag. Een grondig debat over die wijken is geboden.

Laten we er niet flauw over doen: in die gemeenten, maar ook in andere Vlaamse buurten, zijn er gigantische uitdagingen. De torenhoge (jongeren)werkloosheidscijfers, de criminaliteitscijfers, de overlast, de schooluitval, de identiteitscrises en de feitelijke segregatie liegen er niet om. Je moet die problemen complexloos kunnen benoemen, zonder weggezet te worden als islamofoob of extreemrechts. Vertel het maar aan iemand als onderzoeksjournaliste Hind Fraihi, die lang voor het een hot topic werd een boek schreef over het oprukkende salafisme in Molenbeek.

Wat deden de partijen van Rousseau en De Donder toen ze in gemeenten als Molenbeek in het bestuur zaten?

Toenmalig Molenbeeks burgemeester Philippe Moureaux (PS) deed haar boek uit 2006 af als onzin, en voerde een hetze tegen haar: ze zou extreemrechts in de kaart hebben gespeeld. Een diehard islamofoob die hunkerde naar media-aandacht. Waar waren De Donder, Rousseau en andere moedige problemenbenoemers toen mensen als Fraihi maar ook lokale jeugdwerkers, buurtvaders, moskeegangers, leerkrachten − vaak met een migratieachtergrond − aan de alarmbel trokken over de problemen in die wijken? Wat deden de partijen van deze heren toen ze in die gemeenten in het bestuur zaten?

Om nog maar te zwijgen over de irrelevantie van een groot deel van de kritische reacties op die uitspraken, die niets bijdragen aan de problemen van de mensen die in die wijken wonen. Twee zijden van dezelfde medaille. Zo vroeg ik op Twitter wie van de verontwaardigden zijn kinderen naar een Molenbeekse buurtschool zou sturen. Of naar een lokale diverse jeugdwerking? Of er überhaupt zou gaan wonen?

Laten we niet romantiseren noch dramatiseren, maar wel aan de slag gaan met de jongeren uit die wijken die mooie organisaties uit de grond hebben gestampt. Hassan Al Hilou van Capital en Ibrahim Ouassari van Molengeek, bijvoorbeeld, die elke dag een steen in het Kanaal verleggen. Maak van het onderwijs weer een hefboom voor sociale mobiliteit, schat de jeugdwerkers naar waarde, investeer in goede talenkennis, versterk de doorstroming naar de arbeidsmarkt, stuur je kinderen er naar de lokale buurtscholen. Voor die jeugdwerkers, leerkrachten en lokale helden heb ik veel respect. Veel meer dan voor politici die alleen maar problemen benoemen (die ze mee gecreëerd hebben) en Twitteraars die op sociale media hun voorspelbare verontwaardiging uitschreeuwen.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content