150.000 kinderen leven in armoede. 150.000. 12 procent van de Vlaamse jeugd. Dat zijn de harde cijfers van de Armoedemonitor. Het zijn deze cijfers die minister van Armoedebestrijding Liesbeth Homans (N-VA) aanhaalde om van een trendbreuk te spreken. Het rapport, dat vandaag in het Vlaams Parlement werd besproken, is in absolute tegenspraak met die conclusie. Uit de monitor blijkt dat ongeveer 650.000 Vlamingen - ofwel 1 op 10 - in 2015 moesten zien rond te komen met een inkomen onder de armoederisicodrempel. Een echte schande voor een welvarende regio zoals Vlaanderen.

150.000 kinderen leven in het superieure Vlaanderen in armoede. Dàt is niet normaal. Tijdens de bespreking van de voortgangsrapportage vonden alle partijen - terecht - dat de cijfers een schande zijn. Maar de vraag is nu of deze verontwaardiging zich ook zal vertalen in de bijsturing van het beleid. Het is alle hens aan dek om het verontrustend hoog aantal kinderen en personen in armoede terug te kunnen dringen. Er is een trendbreuk in het beleid nodig om tot een échte trendbreuk in de cijfers te kunnen komen. Of deze Vlaamse regering daar al dan niet in slaagt, zal op 3 juli duidelijk worden.

'Wat betekent superieur nog als 150.000 kinderen bij ons in armoede moeten leven?'

3 juli wordt de dag waarop deze Vlaamse regering kleur zal bekennen. Het moment van de waarheid. In de eerste plaats voor de N-VA minister van Armoedebestrijding Homans. Het was deze minister die aan de start van haar termijn zwoer dat ze de kinderarmoede zal halveren. En dat we haar daar op mogen afrekenen. Of ze haar dure eed - enigszins - zal nakomen, zal op 3 juli duidelijk zijn. Maar het wordt ook hét moment van de waarheid voor de tweede grootste Vlaamse meerderheidspartij CD&V. CD&V maakte al verschillende keren kenbaar dat zij het sociaal gezicht van deze meerderheid wil zijn. Indien zij deze belofte wil nakomen, dan zal zij op 3 juli moeten kunnen aantonen dat zij niet gewichtloos is in het (non)-beleid om de armoede te bestrijden.

De Armoedemonitor maakt ons ook duidelijk dat er een aantal groepen een steeds groter risico hebben om in de armoede te vallen. Het gaat om personen in eenoudergezinnen, personen in grote gezinnen en alleenstaanden. Zij hebben een hoger armoederisico dan gemiddeld. Als deze Vlaamse regering de armoede wil reduceren, dan zal zij moeten inzetten op deze groepen. Dat kan zij onder meer doen door te differentiëren in de bestaande ondersteuningsmaatregelen. Zo is het geweten dat de huisvestingskosten voor eenoudergezinnen sterk doorwegen in het gezinsbudget. Dat geeft aanleiding tot problemen met betalingen, en tot een val in de armoede. De Kinderrechtencommissaris stelt daarom voor om de ondersteuningsmaatregelen voor de meest kwetsbare huurders, zijnde huurpremies en huursubsidies, te differentiëren en te verfijnen voor deze groep.

De Vlaamse bevolkingsprognose toonde recent aan dat net de alleenstaanden en de eenoudergezinnen alleen nog maar verder zullen toenemen in de toekomst. De Vlaamse regering moet zich daar op voorbereiden. Vlaanderen verandert en het beleid moet mee veranderen. Te meer wanneer vandaag blijkt dat net eenoudergezinnen en alleenstaanden een grotere kans dan gemiddeld hebben om in de armoede terecht te komen. Als de Vlaamse regering de armoede echt wil aanpakken en de Pact2020-doelstellingen behalen, dan zal zij een specifiek beleid moeten ontwikkelen naar eenoudergezinnen, alleenstaande en grote gezinnen.

De komende twee maanden worden cruciaal. Het is de laatste kans van N-VA-minister van Armoedebestrijding Homans en van het sociale gezicht van deze regering CD&V om aan te tonen dat ze armoede echt willen bestrijden. Dat ze 150.000 kinderen in armoede niet alleen in woorden een schande vinden, maar dat ze de verontwaardiging ook vertalen in een bijsturing van het beleid en er daden aan koppelen.

150.000 kinderen leven in armoede. 150.000. 12 procent van de Vlaamse jeugd. Dat zijn de harde cijfers van de Armoedemonitor. Het zijn deze cijfers die minister van Armoedebestrijding Liesbeth Homans (N-VA) aanhaalde om van een trendbreuk te spreken. Het rapport, dat vandaag in het Vlaams Parlement werd besproken, is in absolute tegenspraak met die conclusie. Uit de monitor blijkt dat ongeveer 650.000 Vlamingen - ofwel 1 op 10 - in 2015 moesten zien rond te komen met een inkomen onder de armoederisicodrempel. Een echte schande voor een welvarende regio zoals Vlaanderen. 150.000 kinderen leven in het superieure Vlaanderen in armoede. Dàt is niet normaal. Tijdens de bespreking van de voortgangsrapportage vonden alle partijen - terecht - dat de cijfers een schande zijn. Maar de vraag is nu of deze verontwaardiging zich ook zal vertalen in de bijsturing van het beleid. Het is alle hens aan dek om het verontrustend hoog aantal kinderen en personen in armoede terug te kunnen dringen. Er is een trendbreuk in het beleid nodig om tot een échte trendbreuk in de cijfers te kunnen komen. Of deze Vlaamse regering daar al dan niet in slaagt, zal op 3 juli duidelijk worden. 3 juli wordt de dag waarop deze Vlaamse regering kleur zal bekennen. Het moment van de waarheid. In de eerste plaats voor de N-VA minister van Armoedebestrijding Homans. Het was deze minister die aan de start van haar termijn zwoer dat ze de kinderarmoede zal halveren. En dat we haar daar op mogen afrekenen. Of ze haar dure eed - enigszins - zal nakomen, zal op 3 juli duidelijk zijn. Maar het wordt ook hét moment van de waarheid voor de tweede grootste Vlaamse meerderheidspartij CD&V. CD&V maakte al verschillende keren kenbaar dat zij het sociaal gezicht van deze meerderheid wil zijn. Indien zij deze belofte wil nakomen, dan zal zij op 3 juli moeten kunnen aantonen dat zij niet gewichtloos is in het (non)-beleid om de armoede te bestrijden.De Armoedemonitor maakt ons ook duidelijk dat er een aantal groepen een steeds groter risico hebben om in de armoede te vallen. Het gaat om personen in eenoudergezinnen, personen in grote gezinnen en alleenstaanden. Zij hebben een hoger armoederisico dan gemiddeld. Als deze Vlaamse regering de armoede wil reduceren, dan zal zij moeten inzetten op deze groepen. Dat kan zij onder meer doen door te differentiëren in de bestaande ondersteuningsmaatregelen. Zo is het geweten dat de huisvestingskosten voor eenoudergezinnen sterk doorwegen in het gezinsbudget. Dat geeft aanleiding tot problemen met betalingen, en tot een val in de armoede. De Kinderrechtencommissaris stelt daarom voor om de ondersteuningsmaatregelen voor de meest kwetsbare huurders, zijnde huurpremies en huursubsidies, te differentiëren en te verfijnen voor deze groep.De Vlaamse bevolkingsprognose toonde recent aan dat net de alleenstaanden en de eenoudergezinnen alleen nog maar verder zullen toenemen in de toekomst. De Vlaamse regering moet zich daar op voorbereiden. Vlaanderen verandert en het beleid moet mee veranderen. Te meer wanneer vandaag blijkt dat net eenoudergezinnen en alleenstaanden een grotere kans dan gemiddeld hebben om in de armoede terecht te komen. Als de Vlaamse regering de armoede echt wil aanpakken en de Pact2020-doelstellingen behalen, dan zal zij een specifiek beleid moeten ontwikkelen naar eenoudergezinnen, alleenstaande en grote gezinnen.De komende twee maanden worden cruciaal. Het is de laatste kans van N-VA-minister van Armoedebestrijding Homans en van het sociale gezicht van deze regering CD&V om aan te tonen dat ze armoede echt willen bestrijden. Dat ze 150.000 kinderen in armoede niet alleen in woorden een schande vinden, maar dat ze de verontwaardiging ook vertalen in een bijsturing van het beleid en er daden aan koppelen.