VRT-CEO over grote exclusiviteitscontracten: ‘Wie publiek wil bereiken, moet investeren in schermgezichten’

VRT-CEO Frederik Delaplace © Belga Image

Als je een modern mediabedrijf wil uitbouwen en een breed publiek wil halen, dan heb je ’trekkers’ nodig, dan moet je investeren in mensen die dat publiek kunnen bereiken. Dat heeft de CEO van de VRT Frederik Delaplace donderdag gezegd in het Vlaams Parlement over de investering van de openbare zender in schermgezichten. Eerder bleek al dat zes VRT-gezichten een exclusiviteitscontract hebben van meer dan 300.000 euro per jaar. Delaplace erkende donderdag wel dat er bij die schermgezichten nood is aan meer diversiteit.

Frederik Delaplace kwam donderdag in het Vlaams Parlement het jaarverslag van de VRT voorstellen. Het is voor het eerst dat dit jaarverslag enige transparantie geeft over de exclusiviteitscontracten van de schermgezichten en radiostemmen. Behalve zes populaire namen die meer dan 300.000 euro per jaar opstrijken, zijn er ook elf contracten met een waarde tussen 101.000 en 300.000 euro en twee die minder dan 100.000 euro waard zijn. 

Het jaarverslag zegt echter niet wie aan die contracten verbonden zijn. In de media circuleerden onder meer al de namen van Niels Destadsbader, Tom Waes, Philippe Geubels, Karl Vannieuwkerke en Jeroen Meus.

‘Er zijn heel veel succesvolle programma’s van de VRT waarvan we ootmoedig moeten toegeven dat ze niet zo succesvol zouden zijn, als ze niet zouden gemaakt worden door en met de figuren die ze vandaag maken’, zei Delaplace, met op de achtergrond een slide van Destadsbader. ‘Daar hangt een prijs aan vast. Bij wijle een stevige prijs. En ik ben me daar verdomd goed van bewust dat dat veel geld is, maar het zijn wel medewerkers waarvan we zeggen dat ze die investeringen moeten terugverdienen.’

Delaplace voegde daar aan toe dat de investeringen in de schermgezichten marktconform zijn en dat de contracten die de VRT met hen afsluit ‘duidelijk, correct en eenduidig zijn en dat de rechten en de plichten er letterlijk in geformuleerd zijn’.

‘Uiteraard zitten we daarmee in het concurrentieveld met de commerciële mediabedrijven. Dat kan niet anders, maar we hebben er nu eenmaal voor gekozen om een openbare omroep uit te bouwen die sterk is en die zich kan meten met de commerciële media’, aldus Delaplace. ‘Bovendien: dat houdt iedereen wel scherp. Het is omdat we goede radio en tv maken, dat we onze concullega’s aanzetten om straffe tv en radio te maken.’

De CEO erkende wel dat bij de negentien schermgezichten -slechts vier van hen zijn vrouwen- meer nood is aan aan diversiteit. ‘Ze zijn niet jong genoeg, niet vrouwelijk genoeg en niet divers genoeg. Dat moet veranderen. Onze selectie van schermgezichten is geen goede weerspiegeling van hoe de samenleving is samengesteld.’ Zo wil de VRT de komende jaren ook werk maken van een schermgezicht met een zichtbare handicap. ‘Dat engagement willen we als VRT maken, maar het vergt tijd om daar te geraken. We moeten dit opbouwen en de komende jaren laten gebeuren.’

Partner Content