Vanaf volgend schooljaar zijn kinderen vanaf vijf jaar leerplichtig. Het Vlaams Parlement heeft daarvoor het licht op groen gezet. De wijziging maakt deel uit van het onderwijsdecreet XXX, een verzameling van allerhande aanpassingen in het onderwijsreglement - van kleuter- tot hoger onderwijs - in de aanloop naar volgend schooljaar.

Dat verzameldecreet bevat ook een pak andere ingrepen, zoals de veelbesproken taalscreening in de derde kleuterklas. Meerderheidspartijen N-VA, CD&V en Open VLD stemden voor, oppositiepartijen Groen, SP.A en PVDA stemden tegen en oppositiepartij Vlaams Belang onthield zich.

Het jaarlijkse onderwijsdecreet verzamelt de aanpassingen aan de onderwijsreglementen die voornamelijk in het volgende schooljaar ingaan in de verschillende onderwijsniveaus. Dat decreet, ODXXX, is vandaag/woensdag goedgekeurd in het Vlaams Parlement.

Verlaging leerplicht

Een van de meest opvallende vernieuwingen is de verlaging van de leerplicht. Die gaat van 6 naar 5 jaar. Iedere kleuter vanaf 5 jaar moet vanaf volgend schooljaar 290 halve dagen verplicht op school zijn. Scholen kunnen wel uitzonderingen toestaan voor kinderen die bijvoorbeeld in revalidatie zitten, of kinesitherapie of logopedie moeten volgen.

De verlaagde leerplicht heeft tot gevolg dat leerlingen in scholen van openbare besturen vanaf de derde kleuterklas al levensbeschouwelijk onderwijs moesten krijgen. De regering wilde niet weten van verplichte godsdienstlessen voor kleuters, maar voorziet in het decreet wel een 'opt in-systeem' zodat ouders ervoor kunnen kiezen hun kind te laten aansluiten bij levensbeschouwelijk onderwijs in een lagere school. Dat is conform de grondwet, klinkt het, omdat er enkel sprake is van een recht op levensbeschouwelijk onderricht, niet van een verplichting.

Verplichte taalscreening

Daarnaast komt er vanaf het schooljaar 2021-2022 ook een verplichte taalscreening in de derde kleuterklas. Over die taalscreening is lang gebakkeleid. Kinderen bij wie een taalachterstand wordt vastgesteld, moeten dan de rest van het jaar bijgespijkerd worden.

Als zou blijken dat de achterstand op het einde van de kleuterklas alsnog te groot is, dan kan de klassenraad adviseren om nog niet over te stappen naar de lagere school. Als ouders dat advies naast zich neerleggen, dan moet het kind in het eerste leerjaar een taalintegratietraject doorlopen. Dat gaat dan om een taalbadklas, die voltijds kan zijn.

'Kennis van het Nederlands wordt nu echt een belangrijk criterium bij de start van het lager onderwijs', zegt Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts. 'Want wie een taalachterstand heeft, loopt vaak ook achterstand op in andere vakken. Ongelijk aan de start is vaak ook ongelijk aan de eindmeet'.

De linkse oppositiepartijen Groen, sp.a en PVDA zijn niet te spreken over de geplande taalscreenings en taalbadklassen. Zij vrezen dat de screening zal neerkomen op een 'taalexamen' en extra drempel voor kleuters. Ze vinden ook dat er een gebrek is aan wetenschappelijke basis voor de ingreep.

Veranderingen secundair en hoger onderwijs

Ook in het secundair en hoger onderwijs verandert een en ander. Zo moeten onderwijsinstellingen voortaan minstens de officiële benamingen van de opleidingen, structuuronderdelen, vakken en modules gebruiken in hun eigen communicatie. Het - flexibelere - stelsel voor leren & werken wordt dan weer ingekanteld in het duaal leren. Voortaan zullen leerlingen in het stelsel voor leren en werken ook voltijds op school aanwezig moeten zijn als de werkplekcomponent niet is ingevuld.

Een eerder plan om het maximale percentage aan anderstalige vakken in de Nederlandstalige bachelors op te trekken van 18,33 naar 50 procent - evenredig met het percentage in de masters - sneuvelde dan weer eerder al op de regeringstafel. Onder meer de Vlaamse Beweging had kritiek geuit op die plannen.

Vanaf volgend schooljaar zijn kinderen vanaf vijf jaar leerplichtig. Het Vlaams Parlement heeft daarvoor het licht op groen gezet. De wijziging maakt deel uit van het onderwijsdecreet XXX, een verzameling van allerhande aanpassingen in het onderwijsreglement - van kleuter- tot hoger onderwijs - in de aanloop naar volgend schooljaar. Dat verzameldecreet bevat ook een pak andere ingrepen, zoals de veelbesproken taalscreening in de derde kleuterklas. Meerderheidspartijen N-VA, CD&V en Open VLD stemden voor, oppositiepartijen Groen, SP.A en PVDA stemden tegen en oppositiepartij Vlaams Belang onthield zich.Het jaarlijkse onderwijsdecreet verzamelt de aanpassingen aan de onderwijsreglementen die voornamelijk in het volgende schooljaar ingaan in de verschillende onderwijsniveaus. Dat decreet, ODXXX, is vandaag/woensdag goedgekeurd in het Vlaams Parlement. Een van de meest opvallende vernieuwingen is de verlaging van de leerplicht. Die gaat van 6 naar 5 jaar. Iedere kleuter vanaf 5 jaar moet vanaf volgend schooljaar 290 halve dagen verplicht op school zijn. Scholen kunnen wel uitzonderingen toestaan voor kinderen die bijvoorbeeld in revalidatie zitten, of kinesitherapie of logopedie moeten volgen. De verlaagde leerplicht heeft tot gevolg dat leerlingen in scholen van openbare besturen vanaf de derde kleuterklas al levensbeschouwelijk onderwijs moesten krijgen. De regering wilde niet weten van verplichte godsdienstlessen voor kleuters, maar voorziet in het decreet wel een 'opt in-systeem' zodat ouders ervoor kunnen kiezen hun kind te laten aansluiten bij levensbeschouwelijk onderwijs in een lagere school. Dat is conform de grondwet, klinkt het, omdat er enkel sprake is van een recht op levensbeschouwelijk onderricht, niet van een verplichting. Daarnaast komt er vanaf het schooljaar 2021-2022 ook een verplichte taalscreening in de derde kleuterklas. Over die taalscreening is lang gebakkeleid. Kinderen bij wie een taalachterstand wordt vastgesteld, moeten dan de rest van het jaar bijgespijkerd worden.Als zou blijken dat de achterstand op het einde van de kleuterklas alsnog te groot is, dan kan de klassenraad adviseren om nog niet over te stappen naar de lagere school. Als ouders dat advies naast zich neerleggen, dan moet het kind in het eerste leerjaar een taalintegratietraject doorlopen. Dat gaat dan om een taalbadklas, die voltijds kan zijn. 'Kennis van het Nederlands wordt nu echt een belangrijk criterium bij de start van het lager onderwijs', zegt Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts. 'Want wie een taalachterstand heeft, loopt vaak ook achterstand op in andere vakken. Ongelijk aan de start is vaak ook ongelijk aan de eindmeet'. De linkse oppositiepartijen Groen, sp.a en PVDA zijn niet te spreken over de geplande taalscreenings en taalbadklassen. Zij vrezen dat de screening zal neerkomen op een 'taalexamen' en extra drempel voor kleuters. Ze vinden ook dat er een gebrek is aan wetenschappelijke basis voor de ingreep. Ook in het secundair en hoger onderwijs verandert een en ander. Zo moeten onderwijsinstellingen voortaan minstens de officiële benamingen van de opleidingen, structuuronderdelen, vakken en modules gebruiken in hun eigen communicatie. Het - flexibelere - stelsel voor leren & werken wordt dan weer ingekanteld in het duaal leren. Voortaan zullen leerlingen in het stelsel voor leren en werken ook voltijds op school aanwezig moeten zijn als de werkplekcomponent niet is ingevuld. Een eerder plan om het maximale percentage aan anderstalige vakken in de Nederlandstalige bachelors op te trekken van 18,33 naar 50 procent - evenredig met het percentage in de masters - sneuvelde dan weer eerder al op de regeringstafel. Onder meer de Vlaamse Beweging had kritiek geuit op die plannen.