In tegenstelling tot bijvoorbeeld Frankrijk kent ons land geen strikte scheiding van kerk en staat. Sinds haar ontstaan erkent en financiert de Belgische staat immers het rooms-katholieke geloof. De historisch gegroeide diversiteit van onze samenleving sindsdien heeft geleid tot een toename van het aantal erkende en gefinancierde levensbeschouwingen. Terecht. Een overheid hoort immers levensbeschouwelijk neutraal te zijn.

Voor deze verwevenheid van kerk en staat zijn er legitieme argumenten. Door moskeeën officieel te erkennen, ondersteunen wij als Vlaamse overheid de inbedding van de islam in onze samenleving. Het is een duidelijk statement dat wij verscheidenheid omarmen. Tegelijk formuleert het een duidelijk maatschappelijk doel, namelijk te komen tot een gedeelde samenleving waarin we met z'n allen dezelfde fundamentele rechten en plichten onderschrijven.

'Voer een onderzoek naar de impact van Diyanet op de integratie van de Turkse gemeenschap'

Om die reden verlangen wij als samenleving in ruil voor ondersteuning aan de erkende geloofsgemeenschappen dan ook dat zij aan bepaalde voorwaarden voldoen. Zo is er de nadrukkelijke decretale eis dat activiteiten van imam en moskee niet in strijd mogen zijn met onze Grondwet of het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Hier wringt meer dan ooit het schoentje.

De tentakels van Diyanet

Reeds langer dan vandaag is bekend dat de Belgische moskeeën verbonden aan Diyanet onder invloed staan van de Turkse regering. 'Het departement van religieuze zaken' houdt de pen vast bij de vrijdagpreken in de buitenlandse 'vestigingen' die uitgesproken worden door imams afkomstig uit Turkije. Niet geheel toevallig ligt de Turkse gemeenschap dwars over de invoering van een Vlaamse imamopleiding. Ik houd mijn hart vast over de inhoud van deze preken indien deze in lijn liggen met de standpunten van president Erdogan.

Volgens hem gebruikt een moslim bijvoorbeeld geen anticonceptie en zijn vrouwen niet gelijk aan mannen. In zijn wij-zij-retoriek is een vrome soenniet dan ook een goede Turk en omgekeerd. Het beoogde resultaat is dat de blik van de gemeenschappen in het buitenland, gericht blijft op Turkije. Onder andere met het oog op te winnen verkiezingen.

Sinds de couppoging van 15 juli is de situatie in Turkije er alvast niet op gebeterd. Journalisten, academici en politici worden ontslaan en opgepakt. Meer en meer verglijdt Ankara naar een autoritaire staat die het niet te nauw neemt met fundamentele rechten en vrijheden. Maar deze ontwikkelingen laten zich dus ook hier bij ons voelen. Eerder dit jaar waren we getuige van de rellen in Beringen en de dreigementen aan het adres van de Lucerna-colleges. Vandaag maakt Knack bekend dat er wel degelijk een Belgisch Diyanet-rapport zou zijn met informatie over burgers en organisaties gelieerd aan Fetullah Gülen; staatsvijand nummer één en voormalig compagnon de route van Erdogan. Dit ondanks de eerdere formele ontkenning door Diyanet in België. Dat leden van onze liberale rechtstaat gevraagd worden om informatie over medeburgers door te sturen naar een in toenemende mate autoritair regime, is ontoelaatbaar.

Een warme oproep

Dit alles toont aan dat er meer dan ooit vragen kunnen gesteld worden bij de toewijding van de Diyanet-moskeeën om bij te dragen tot de integratie van de Turkse gemeenschap in onze samenleving. Ondanks dat dit één van de beoogde verwachtingen is bij hun erkenningen. Indien uit het rapport van de staatsveiligheid inderdaad zou blijken dat er een 'klikdossier' zou zijn overgemaakt aan de Turkse regering, spreekt het dan ook voor zich dat minister Homans de erkenning van deze moskeeën zal intrekken.

'Maak werk van een imamopleiding. Ga door met de erkenning van moskeeën wanneer er echt een project is dat bijdraagt tot diversiteit in een inclusieve samenleving.'

Maar laat het werk hier niet stoppen. De verontwaardiging over deze recente gebeurtenissen mag ons niet afleiden van het beoogde doel, namelijk te komen tot een gedeelde samenleving waarin we met z'n allen dezelfde fundamentele rechten en plichten onderschrijven. Daarom doe ik in navolging van minister Homans een warme oproep aan mijn medeburgers van Turkse origine om deze voorvallen te veroordelen. De geuite kritiek is immers niet gericht aan hen.

Eenzelfde oproep geldt voor bevoegde ministers Homans, Crevits en Geens. Stroop de mouwen op. Maak werk van een imamopleiding. Ga door met de erkenning van moskeeën wanneer er echt een project is dat bijdraagt tot diversiteit in een inclusieve samenleving. Tot slot: voer een onderzoek naar de invloed van Turkse religieuze stromingen en organisaties op de sociaal-culturele integratie van de Turkse gemeenschap in onze samenleving. Onze noorderburen maakten deze denkoefening twee jaar geleden al.

In tegenstelling tot bijvoorbeeld Frankrijk kent ons land geen strikte scheiding van kerk en staat. Sinds haar ontstaan erkent en financiert de Belgische staat immers het rooms-katholieke geloof. De historisch gegroeide diversiteit van onze samenleving sindsdien heeft geleid tot een toename van het aantal erkende en gefinancierde levensbeschouwingen. Terecht. Een overheid hoort immers levensbeschouwelijk neutraal te zijn. Voor deze verwevenheid van kerk en staat zijn er legitieme argumenten. Door moskeeën officieel te erkennen, ondersteunen wij als Vlaamse overheid de inbedding van de islam in onze samenleving. Het is een duidelijk statement dat wij verscheidenheid omarmen. Tegelijk formuleert het een duidelijk maatschappelijk doel, namelijk te komen tot een gedeelde samenleving waarin we met z'n allen dezelfde fundamentele rechten en plichten onderschrijven. Om die reden verlangen wij als samenleving in ruil voor ondersteuning aan de erkende geloofsgemeenschappen dan ook dat zij aan bepaalde voorwaarden voldoen. Zo is er de nadrukkelijke decretale eis dat activiteiten van imam en moskee niet in strijd mogen zijn met onze Grondwet of het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Hier wringt meer dan ooit het schoentje.Reeds langer dan vandaag is bekend dat de Belgische moskeeën verbonden aan Diyanet onder invloed staan van de Turkse regering. 'Het departement van religieuze zaken' houdt de pen vast bij de vrijdagpreken in de buitenlandse 'vestigingen' die uitgesproken worden door imams afkomstig uit Turkije. Niet geheel toevallig ligt de Turkse gemeenschap dwars over de invoering van een Vlaamse imamopleiding. Ik houd mijn hart vast over de inhoud van deze preken indien deze in lijn liggen met de standpunten van president Erdogan. Volgens hem gebruikt een moslim bijvoorbeeld geen anticonceptie en zijn vrouwen niet gelijk aan mannen. In zijn wij-zij-retoriek is een vrome soenniet dan ook een goede Turk en omgekeerd. Het beoogde resultaat is dat de blik van de gemeenschappen in het buitenland, gericht blijft op Turkije. Onder andere met het oog op te winnen verkiezingen. Sinds de couppoging van 15 juli is de situatie in Turkije er alvast niet op gebeterd. Journalisten, academici en politici worden ontslaan en opgepakt. Meer en meer verglijdt Ankara naar een autoritaire staat die het niet te nauw neemt met fundamentele rechten en vrijheden. Maar deze ontwikkelingen laten zich dus ook hier bij ons voelen. Eerder dit jaar waren we getuige van de rellen in Beringen en de dreigementen aan het adres van de Lucerna-colleges. Vandaag maakt Knack bekend dat er wel degelijk een Belgisch Diyanet-rapport zou zijn met informatie over burgers en organisaties gelieerd aan Fetullah Gülen; staatsvijand nummer één en voormalig compagnon de route van Erdogan. Dit ondanks de eerdere formele ontkenning door Diyanet in België. Dat leden van onze liberale rechtstaat gevraagd worden om informatie over medeburgers door te sturen naar een in toenemende mate autoritair regime, is ontoelaatbaar. Dit alles toont aan dat er meer dan ooit vragen kunnen gesteld worden bij de toewijding van de Diyanet-moskeeën om bij te dragen tot de integratie van de Turkse gemeenschap in onze samenleving. Ondanks dat dit één van de beoogde verwachtingen is bij hun erkenningen. Indien uit het rapport van de staatsveiligheid inderdaad zou blijken dat er een 'klikdossier' zou zijn overgemaakt aan de Turkse regering, spreekt het dan ook voor zich dat minister Homans de erkenning van deze moskeeën zal intrekken. Maar laat het werk hier niet stoppen. De verontwaardiging over deze recente gebeurtenissen mag ons niet afleiden van het beoogde doel, namelijk te komen tot een gedeelde samenleving waarin we met z'n allen dezelfde fundamentele rechten en plichten onderschrijven. Daarom doe ik in navolging van minister Homans een warme oproep aan mijn medeburgers van Turkse origine om deze voorvallen te veroordelen. De geuite kritiek is immers niet gericht aan hen. Eenzelfde oproep geldt voor bevoegde ministers Homans, Crevits en Geens. Stroop de mouwen op. Maak werk van een imamopleiding. Ga door met de erkenning van moskeeën wanneer er echt een project is dat bijdraagt tot diversiteit in een inclusieve samenleving. Tot slot: voer een onderzoek naar de invloed van Turkse religieuze stromingen en organisaties op de sociaal-culturele integratie van de Turkse gemeenschap in onze samenleving. Onze noorderburen maakten deze denkoefening twee jaar geleden al.