De bijdrage van de huishoudens van een land wordt gemeten aan de hand van hun primaire inkomens. Dat wil zeggen de totale beloning voor arbeid en kapitaal voor er belastingen en sociale lasten vanaf gingen. Door belastingen en bijdragen voor de sociale zekerheid te heffen, herverdeelt de staat de primaire inkomens tussen de huishoudens, via sociale uitkeringen, vergoedingen voor de gezondheidszorg enzovoort.

Uit de studie van IESEG School of Management blijkt dat jaarlijks 6,290 miljard euro van Vlaanderen naar Wallonië en Brussel gaat, die respectievelijk 5,221 miljard euro en 1,068 miljard euro krijgen. Het gaat gemiddeld om ongeveer 986 euro per Vlaming per jaar. Gemiddeld krijgt een Waal jaarlijks 1.447 euro en een Brusselaar 918 euro.

De bijdragen variëren per regio. Zo draagt Waals-Brabant na Vlaams-Brabant het meeste bij. Daarna volgen Oost-Vlaanderen en Antwerpen. De andere provincies en Brussel genieten dan weer van de Belgische solidariteit.