Volgens de reportagemakers bleek de contact tracing bij het begin van de tweede golf niet klaar: de contactopvolging kon niet vermijden dat België al snel opnieuw uitgroeide tot één van de slechtste leerlingen van Europa. Maar ook vandaag, nu de strijd voor het vermijden van een derde golf aanhoudt, blijft het systeem volgens de documentaire met veel problemen kampen. De reportagemakers van "Pano" spraken met de hoofdrolspelers van de voorbije maanden en verzamelden getuigenissen waaruit blijkt dat er een opeenstapeling is van problemen achter de schermen. Zo heeft het informaticasysteem van de contact tracing volgens de documentaire last van kinderziektes. Zo kan een besmette persoon niet zelf terugbellen als hij achteraf nog vragen heeft. Of kan een besmette persoon maar maximum tien contacten opgeven. Volgens Niel Hens, biostatisticus van UHasselt en lid van de Vlaamse stuurgroep contacttracing, is dat geen goede zaak. "Het doel om deze fijnmazige gegevens te hebben, is om heel gericht actie te ondernemen. Dan kan je echt identificeren waar die besmettingshaarden zitten. Dan kan je als overheid gericht ingrijpen", zegt Hens, volgens "Pano" een internationaal gerenommeerd expert. Zijn specialiteit is de verzamelde gegevens analyseren. Maar de callcenters verzamelen volgens Hens veel te weinig gegevens. De reportagemakers berekenden dat van bijna 70 procent van de besmette personen helemaal niks geweten is over hun nauwe contacten. "Een bijzonder magere oogst met directe gevolgen", luidt het. "Als je zulke data niet hebt, moet je het beleid stoelen op gegevens uit het buitenland. Of op inzichten die toch minder fijnmazig zijn", reageert Hens. Volgens een huisarts uit Antwerpen loopt de contactopsporing vaak goed, maar soms ook helemaal niet. Een vader van vijf kinderen had in januari, na een positief geval in zijn gezin, de rest van de gezinsleden doorgegeven als risicocontacten. "Voor elk van die gezinsleden werd hij opnieuw gebeld", vertelt de huisarts in de reportage. "Het was altijd iemand anders die belde en hij kreeg ook verschillende adviezen. Van de ene contactopspoorder mocht mijn patiënt gaan werken, van de andere niet. Dat was verwarrend." De callcenters en de mutualiteiten die de contactopsporing uitvoeren, kregen volgens de reportagemakers hun contract na een niet-transparante aanbesteding. En dat leidde volgens "Pano" tot veel te hoge prijzen. Op een totaal van 75 miljoen euro kon er mogelijk ruim 20 miljoen euro bespaard worden. "De conclusie is: Vlaanderen betaalt tientallen miljoenen te veel voor een ondermaats functionerend systeem", benadrukken reportagemakers Wim Van den Eynde en Victor Van Driessche. Volgens een expert kan het huidige systeem beter vervangen worden. "Als de tijd er was, zouden we het bestaande systeem beter gewoon helemaal afbreken en opnieuw beginnen. Dan krijgen we iets efficiënter. Want we gaan dit nog lang nodig hebben, zeker als er nieuwe virussen komen", zegt de expert in de reportage. "Een jaar na de start van deze pandemie hebben we nog geen ideale gegevensverzameling. We hadden veel meer kunnen doen met de gegevens", besluit Hens. "Het spoor bijster", reportage in "Pano", woensdag om 21.25 uur op Eén. (Belga)

Volgens de reportagemakers bleek de contact tracing bij het begin van de tweede golf niet klaar: de contactopvolging kon niet vermijden dat België al snel opnieuw uitgroeide tot één van de slechtste leerlingen van Europa. Maar ook vandaag, nu de strijd voor het vermijden van een derde golf aanhoudt, blijft het systeem volgens de documentaire met veel problemen kampen. De reportagemakers van "Pano" spraken met de hoofdrolspelers van de voorbije maanden en verzamelden getuigenissen waaruit blijkt dat er een opeenstapeling is van problemen achter de schermen. Zo heeft het informaticasysteem van de contact tracing volgens de documentaire last van kinderziektes. Zo kan een besmette persoon niet zelf terugbellen als hij achteraf nog vragen heeft. Of kan een besmette persoon maar maximum tien contacten opgeven. Volgens Niel Hens, biostatisticus van UHasselt en lid van de Vlaamse stuurgroep contacttracing, is dat geen goede zaak. "Het doel om deze fijnmazige gegevens te hebben, is om heel gericht actie te ondernemen. Dan kan je echt identificeren waar die besmettingshaarden zitten. Dan kan je als overheid gericht ingrijpen", zegt Hens, volgens "Pano" een internationaal gerenommeerd expert. Zijn specialiteit is de verzamelde gegevens analyseren. Maar de callcenters verzamelen volgens Hens veel te weinig gegevens. De reportagemakers berekenden dat van bijna 70 procent van de besmette personen helemaal niks geweten is over hun nauwe contacten. "Een bijzonder magere oogst met directe gevolgen", luidt het. "Als je zulke data niet hebt, moet je het beleid stoelen op gegevens uit het buitenland. Of op inzichten die toch minder fijnmazig zijn", reageert Hens. Volgens een huisarts uit Antwerpen loopt de contactopsporing vaak goed, maar soms ook helemaal niet. Een vader van vijf kinderen had in januari, na een positief geval in zijn gezin, de rest van de gezinsleden doorgegeven als risicocontacten. "Voor elk van die gezinsleden werd hij opnieuw gebeld", vertelt de huisarts in de reportage. "Het was altijd iemand anders die belde en hij kreeg ook verschillende adviezen. Van de ene contactopspoorder mocht mijn patiënt gaan werken, van de andere niet. Dat was verwarrend." De callcenters en de mutualiteiten die de contactopsporing uitvoeren, kregen volgens de reportagemakers hun contract na een niet-transparante aanbesteding. En dat leidde volgens "Pano" tot veel te hoge prijzen. Op een totaal van 75 miljoen euro kon er mogelijk ruim 20 miljoen euro bespaard worden. "De conclusie is: Vlaanderen betaalt tientallen miljoenen te veel voor een ondermaats functionerend systeem", benadrukken reportagemakers Wim Van den Eynde en Victor Van Driessche. Volgens een expert kan het huidige systeem beter vervangen worden. "Als de tijd er was, zouden we het bestaande systeem beter gewoon helemaal afbreken en opnieuw beginnen. Dan krijgen we iets efficiënter. Want we gaan dit nog lang nodig hebben, zeker als er nieuwe virussen komen", zegt de expert in de reportage. "Een jaar na de start van deze pandemie hebben we nog geen ideale gegevensverzameling. We hadden veel meer kunnen doen met de gegevens", besluit Hens. "Het spoor bijster", reportage in "Pano", woensdag om 21.25 uur op Eén. (Belga)