In 2010 bezat de 1 procent rijksten nog 12,2 procent van het totale vermogen. Maar tegen 2017 was dat aandeel al gestegen naar 16,2 procent. Dat is bovendien een onderschatting, menen ­Kuypers en Marx, aangezien de enquêtes vaak moeite hebben om voldoende gefortuneerde mensen te bereiken. Wanneer de rijken een groter deel van de koek krijgen, blijft er minder over voor de rest. De 'armste' helft - elk huishouden met minder dan 212.500 euro - bezit ondertussen minder dan 10 procent van de rijkdom. Het onderste kwart - met minder dan 44.100 euro - heeft een verwaarloosbaar aandeel van de koek en 3,5 procent van de Belgische gezinnen heeft meer schulden dan bezittingen. Maar in internationaal perspectief valt op dat België een opvallende grote rijkdom combineert met een al bij al beperkte ongelijkheid. (Belga)

In 2010 bezat de 1 procent rijksten nog 12,2 procent van het totale vermogen. Maar tegen 2017 was dat aandeel al gestegen naar 16,2 procent. Dat is bovendien een onderschatting, menen ­Kuypers en Marx, aangezien de enquêtes vaak moeite hebben om voldoende gefortuneerde mensen te bereiken. Wanneer de rijken een groter deel van de koek krijgen, blijft er minder over voor de rest. De 'armste' helft - elk huishouden met minder dan 212.500 euro - bezit ondertussen minder dan 10 procent van de rijkdom. Het onderste kwart - met minder dan 44.100 euro - heeft een verwaarloosbaar aandeel van de koek en 3,5 procent van de Belgische gezinnen heeft meer schulden dan bezittingen. Maar in internationaal perspectief valt op dat België een opvallende grote rijkdom combineert met een al bij al beperkte ongelijkheid. (Belga)