Kaboré moet het opnemen tegen twaalf andere kandidaten, maar slechts twee van hen kunnen zich echte uitdagers noemen. Het gaat om oppositieleider Zéphirin Diabré, die in 2015 al de duimen moest leggen tegen Kaboré, en Eddie Komboïgo. Die laatste vertegenwoordigt de partij van oud-president Blaise Compaoré, in 2014 afgezet na 27 jaar aan de macht. Wie het ook wordt, het geweld van jihadistische groeperingen die banden hebben met al-Qaïda en Islamitische Staat zal bovenaan het prioriteitenlijstje komen. Al sinds 2015 wordt het land regelmatig opgeschrikt door jihadterreur. Dat geweld eiste al meer dan 1.200 mensenlevens en joeg 1 miljoen mensen op de vlucht. Vorige week woensdag nog kwamen 14 soldaten om bij een hinderlaag nabij de grens met Niger. De afgelopen vijf jaar deed Kaboré, volgens zijn tegenstanders, slechts weinig inspanningen om de jihadistische terreur in te perken. De regering in Ouagadougou verkiest de militaire aanpak. Eind vorig jaar nog werd aangekondigd dat burgers zich kunnen bewapenen om de veiligheidsdiensten bij te staan. Bezwaren over de mogelijke gevolgen van deze bewapening voor de veiligheid binnen de Burkinese samenleving werden in de wind geslagen. Het gedesorganiseerde en slecht uitgeruste leger boekt soms wel successen, maar die komen tegen een zware prijs, en lijken onvoldoende om de invloed van de gewapende islamisten in te dijken. Bovendien heeft het leger een slechte reputatie vanwege mensenrechtenschendingen. In een peiling door Afrobarometer zeiden de meeste Burkinezen dat hun regering op het vlak van veiligheid zwak gepresteerd heeft, en dat hun onveiligheidsgevoel toeneemt. Ook over de representativiteit van deze stembusgang zijn vragen te stellen. In bijna 1.500 van de 8.000 dorpen wordt er niet gestemd, vanwege de onveiligheid. Bovendien zijn meer dan 1 miljoen mensen, 5 pct van de bevolking, op de vlucht. Ook zij zullen niet kunnen stemmen. De Burkinezen verkiezen zondag behalve een nieuwe president ook een nieuw parlement. (Belga)

Kaboré moet het opnemen tegen twaalf andere kandidaten, maar slechts twee van hen kunnen zich echte uitdagers noemen. Het gaat om oppositieleider Zéphirin Diabré, die in 2015 al de duimen moest leggen tegen Kaboré, en Eddie Komboïgo. Die laatste vertegenwoordigt de partij van oud-president Blaise Compaoré, in 2014 afgezet na 27 jaar aan de macht. Wie het ook wordt, het geweld van jihadistische groeperingen die banden hebben met al-Qaïda en Islamitische Staat zal bovenaan het prioriteitenlijstje komen. Al sinds 2015 wordt het land regelmatig opgeschrikt door jihadterreur. Dat geweld eiste al meer dan 1.200 mensenlevens en joeg 1 miljoen mensen op de vlucht. Vorige week woensdag nog kwamen 14 soldaten om bij een hinderlaag nabij de grens met Niger. De afgelopen vijf jaar deed Kaboré, volgens zijn tegenstanders, slechts weinig inspanningen om de jihadistische terreur in te perken. De regering in Ouagadougou verkiest de militaire aanpak. Eind vorig jaar nog werd aangekondigd dat burgers zich kunnen bewapenen om de veiligheidsdiensten bij te staan. Bezwaren over de mogelijke gevolgen van deze bewapening voor de veiligheid binnen de Burkinese samenleving werden in de wind geslagen. Het gedesorganiseerde en slecht uitgeruste leger boekt soms wel successen, maar die komen tegen een zware prijs, en lijken onvoldoende om de invloed van de gewapende islamisten in te dijken. Bovendien heeft het leger een slechte reputatie vanwege mensenrechtenschendingen. In een peiling door Afrobarometer zeiden de meeste Burkinezen dat hun regering op het vlak van veiligheid zwak gepresteerd heeft, en dat hun onveiligheidsgevoel toeneemt. Ook over de representativiteit van deze stembusgang zijn vragen te stellen. In bijna 1.500 van de 8.000 dorpen wordt er niet gestemd, vanwege de onveiligheid. Bovendien zijn meer dan 1 miljoen mensen, 5 pct van de bevolking, op de vlucht. Ook zij zullen niet kunnen stemmen. De Burkinezen verkiezen zondag behalve een nieuwe president ook een nieuw parlement. (Belga)