Op 1 juli 2016 werd Jordan Lukaku door de Brugse politierechter veroordeeld tot een maand rijverbod en 2.250 euro boete voor een reeks snelheidsovertredingen. De toenmalige speler van KV Oostende werd in de loop van 2015 zes keer geflitst op de E40. Het ging om snelheden tot 164 kilometer per uur. Ook op 3 oktober 2016 liep Lukaku in Brugge een verstekveroordeling op. De politierechter legde hem 1.500 euro boete en 15 maanden rijverbod op, omdat hij na een eerdere veroordeling zijn rijbewijs niet had ingeleverd. Jordan Lukaku legde zich niet neer bij de veroordelingen en tekende op 1 augustus verzet aan. De politierechter oordeelde dat het verzet van Lukaku in beide zaken onontvankelijk was, omdat hij wel op de hoogte was van de intrekking van zijn rijbewijs. De verdediging legde in beroep uit dat de speler van SS Lazio op die manier niet kon weten om welke vonnissen het precies ging. Van de mogelijkheid om verzet of beroep aan te tekenen had hij daardoor op dat moment geen weet. In dat kader verwees meester Judith Demeyer ook naar een recent arrest van het Grondwettelijk Hof. In beroep volgde de correctionele rechtbank die redenering van de verdediging. Het verzet van Lukaku was dus wel degelijk ontvankelijk, waardoor de rechters opnieuw moesten oordelen over de verkeersinbreuken. De rechtbank stelde vast dat alle feiten al sinds de zomer van 2017 verjaard zijn. Lukaku kon daardoor niet meer gestraft worden voor die verkeersinbreuken. (Belga)

Op 1 juli 2016 werd Jordan Lukaku door de Brugse politierechter veroordeeld tot een maand rijverbod en 2.250 euro boete voor een reeks snelheidsovertredingen. De toenmalige speler van KV Oostende werd in de loop van 2015 zes keer geflitst op de E40. Het ging om snelheden tot 164 kilometer per uur. Ook op 3 oktober 2016 liep Lukaku in Brugge een verstekveroordeling op. De politierechter legde hem 1.500 euro boete en 15 maanden rijverbod op, omdat hij na een eerdere veroordeling zijn rijbewijs niet had ingeleverd. Jordan Lukaku legde zich niet neer bij de veroordelingen en tekende op 1 augustus verzet aan. De politierechter oordeelde dat het verzet van Lukaku in beide zaken onontvankelijk was, omdat hij wel op de hoogte was van de intrekking van zijn rijbewijs. De verdediging legde in beroep uit dat de speler van SS Lazio op die manier niet kon weten om welke vonnissen het precies ging. Van de mogelijkheid om verzet of beroep aan te tekenen had hij daardoor op dat moment geen weet. In dat kader verwees meester Judith Demeyer ook naar een recent arrest van het Grondwettelijk Hof. In beroep volgde de correctionele rechtbank die redenering van de verdediging. Het verzet van Lukaku was dus wel degelijk ontvankelijk, waardoor de rechters opnieuw moesten oordelen over de verkeersinbreuken. De rechtbank stelde vast dat alle feiten al sinds de zomer van 2017 verjaard zijn. Lukaku kon daardoor niet meer gestraft worden voor die verkeersinbreuken. (Belga)