Ik ben dankbaar dat ik voor het derde jaar op rij in de reeks 'De Doordenker van Knack.be' enkele gedachten heb kunnen delen met mensen die mijn organisatie soms wat moeilijker bereikt. Dat aspect was inspirerend en verkwikkend. Het leidde opnieuw tot dialoog en uitwisseling. De onbevangenheid van intern en extern debat is voor mij een sterke prikkel om mij in te zetten voor basisorganisaties die buiten de partijpolitiek blijven. Dat was vroeger het Taalaktiekomitee, sinds enkele jaren is dat de VVB.

'Vergeet 'het diepe Vlaanderen' niet'

Partijpolitiek heeft in dit land een slechte naam. Dat is een gevolg van de particratische besluitvorming waaronder beleid in België gebukt gaat. Grote politieke partijen verdelen het speelveld onder elkaar en speculeren op de electorale vruchten van een beperkt aantal zichtbare maatregelen tijdens de legislatuur, zoals een belastingverlaging of een tegemoetkoming aan een maatschappelijke groep. Politieke partijen kunnen nochtans ook ideeënfabriekjes zijn en een open communicatielijn hebben met basisbewegingen. Ik blijf echter graag aan de kant van ongebonden bewegingen staan, omdat ik een vrijbuiter ben die, nooit geheel ten onrechte, vrees dat partijtucht snel kan omslaan in kadaverdiscipline.

Op momenten dat je even een mediamegafoon krijgt aangereikt, besef je beter dan anders wat de impact van een onafhankelijke organisatie kan zijn op het partijpolitieke gewoel. Die impact is niet gering. Ik woonde vorig weekeinde de IJzerwake bij. Vroeger al, op de IJzerbedevaart einde augustus, ging het geregeld over vrede. Ik had het erover in mijn bijdrage van vorige week. Op de Wake van vorige zondag onderzoekt een deel van de Vlaamse Beweging de voorwaarden om tot die vrede te komen. Zo zie ik dat tenminste. Dat is heel verdienstelijk, maar hoe je het draait of keert: autonomie blijft een politieke boodschap.

In feite is dat wat raar, want er is niks zo apolitiek als het recht om je een mening te vormen en ernaar te handelen. Zelfbeschikking heet dat. De Catalanen doen, hopelijk voor de beslissende keer, de oefening in zelfbeschikking nog eens over op 1 oktober. Als het even kan, dan leidt het referendum hen voorgoed weg uit de penibele verhouding met Madrid, en blijken ze tegelijkertijd de primus inter pares van de EU te zijn. Als geen anderen zullen ze namelijk een open economische logica met een even open cultureel zelfbewustzijn verzoenen. De zichtbaarheid van hun geste zal mondiaal zijn. Zelfbeschikking zal aantoonbaar méér zijn dan een kunstgreep om, een halve eeuw geleden al, de koloniale periode af te sluiten. Zelfbeschikking is de kern van het Europese denken en houdt, na de Brexit, het EU-project een felle spiegel voor.

Stiltegebied

Dat mensen hun eigen lot in handen nemen, lijkt in onze contreien de logica zelve en daarom vrij van politiek opbod. Anderzijds merk je in de politieke en sociale geschiedenis van Europa en daarbuiten dat vrije garing van informatie en gewetensvrijheid soms lijken te schuren met de wil van elites om de vooruitgang te omarmen - de hemel te bestormen, zeg maar. Want gewetensonderzoek en een eigen mening vergen tijd. En stilstaan. Die verloren tijd gunnen machthebbers hun onderhorigen maar zelden. Er is een grote visie en iedereen moet die volgen, willens nillens.

Een organisatie die van stilte als recht en noodzaak vastbesloten haar uitgangspunt maakt, is de vzw Waerbeke. Heel anders dan de IJzerwake waar alles in een gebaar van 'omver en erover' met veel tromgeroffel en vlagvertoon gebeurt, gaat Waerbeke naar de kern van de democratie. Die essentie is 'stilte, leegte en radicale openheid', ook voor de eventuele teloorgang van die openheid. Eerst moet het stil worden, pas dan maakt zinvol overleg een kans. Ultiem is er niets dat blijft duren, ook geen stilte op een bepaalde plaats en in een bepaalde tijd. Geen stiltegebied verhelpt aan deze wetmatigheid. Want ook democratieën kunnen zichzelf uithollen. Je moet daar niet op staan te kijken, maar een zekere afstand helpt je om doelgericht en efficiënt je politieke en maatschappelijke rol op te nemen.

Met een zekere afstand anticipeer ik daarom op de start van het politieke jaar binnen enkele weken. Ik sta sinds gisteren opnieuw voor de klas en dat helpt me om de relativiteit van veel Vlaamse uitdagingen en wereldproblemen te beseffen. Zoals ik deze zomer in enkele bijdragen schreef, stellen vraagstukken zich vaak het scherpst in het samenleven van mensen met elkaar in buurten en wijken. Al de rest is voor het grootste deel politiek gespin en - jammer, maar helaas - blad- en schermvulling van media allerhande.

Daarom verwacht ik met de VVB dat de Vlaamse politieke partijen deze herfst een nationaal antwoord formuleren op de kwestie van de interregionale geldstromen. De studie van André Decoster en Willem Sas is uit en, strikt genomen, zou nu de budgettaire impact kunnen worden berekend voor de 308 Vlaamse steden en gemeenten. Vergezocht? Niet als je beseft dat in 2011 de hervorming van de bijzondere financieringswet financiële cadeaus deed aan 'armlastige' gewesten. Tegelijkertijd nam in 2014 de centrumrechtse coalitie zich voor te besparen en werd een communautair moratorium afgesproken. Stromend water (van de Vlaamse Schelde naar de Waalse Maas...) heeft altijd de eigenschap de weg van de minste weerstand op te zoeken en in de net geschetste context zijn het, rechtstreeks en onrechtstreeks, de Vlaamse steden en gemeenten die steeds meer het financiële gelag betalen.

Orkaankracht

Daarom richt ik een warme oproep aan de besturen van de Vlaamse steden en gemeenten om een communautair signaal uit te sturen dat de politbureaus van de Vlaamse politieke partijen in beweging brengt. Daarmee heb ik mijn 'lokale' klemtoon gelegd. Dat ik de 'plaatselijke' uitdagingen in Vlaams-Brabant met Eurostadion en Brussels Airport heel bewust ook als ernstige nationale kwesties zie, hoeft geen betoog. Ook daar wil ik de nationale politiek rond mobiliseren. Want ook hier gaat het over leefbaarheid in woonkernen, over de kwaliteit van samenleven. Het gaat steeds over precedenten voor de rest van Vlaanderen. In die optiek zijn de federale en Vlaamse verkiezingen van 2019 niet meer dan de 'shiftingsvraag', nadat de inhoudelijke vragen al beantwoord zouden dienen te zijn in aanloop naar de lokale verkiezingen van de herfst van 2018. Voor de partijhoofdkwartieren zijn de uitslagen van 2018 richtinggevend voor de strategie en de bijsturing voor 2019.

Voor de VVB en mij zijn ze veel meer: ze worden de lakmoesproef van goed Vlaams beleid. 'La Flandre profonde', 'het diepe Vlaanderen' is een politiek begrip dat alle burgemeesters goed kennen. Meestal kabbelt het rustig verder. Maar het recente verleden bewees dat stille waters diepe gronden kunnen hebben en kunnen aanzwellen tot orkaankracht en zo in de nationale politiek beslissend kunnen zijn. Partijbonzen aller echelons: vergeet het niet.

Bart de Valck is voorzitter van de Vlaamse Volksbeweging

Ik ben dankbaar dat ik voor het derde jaar op rij in de reeks 'De Doordenker van Knack.be' enkele gedachten heb kunnen delen met mensen die mijn organisatie soms wat moeilijker bereikt. Dat aspect was inspirerend en verkwikkend. Het leidde opnieuw tot dialoog en uitwisseling. De onbevangenheid van intern en extern debat is voor mij een sterke prikkel om mij in te zetten voor basisorganisaties die buiten de partijpolitiek blijven. Dat was vroeger het Taalaktiekomitee, sinds enkele jaren is dat de VVB. Partijpolitiek heeft in dit land een slechte naam. Dat is een gevolg van de particratische besluitvorming waaronder beleid in België gebukt gaat. Grote politieke partijen verdelen het speelveld onder elkaar en speculeren op de electorale vruchten van een beperkt aantal zichtbare maatregelen tijdens de legislatuur, zoals een belastingverlaging of een tegemoetkoming aan een maatschappelijke groep. Politieke partijen kunnen nochtans ook ideeënfabriekjes zijn en een open communicatielijn hebben met basisbewegingen. Ik blijf echter graag aan de kant van ongebonden bewegingen staan, omdat ik een vrijbuiter ben die, nooit geheel ten onrechte, vrees dat partijtucht snel kan omslaan in kadaverdiscipline.Op momenten dat je even een mediamegafoon krijgt aangereikt, besef je beter dan anders wat de impact van een onafhankelijke organisatie kan zijn op het partijpolitieke gewoel. Die impact is niet gering. Ik woonde vorig weekeinde de IJzerwake bij. Vroeger al, op de IJzerbedevaart einde augustus, ging het geregeld over vrede. Ik had het erover in mijn bijdrage van vorige week. Op de Wake van vorige zondag onderzoekt een deel van de Vlaamse Beweging de voorwaarden om tot die vrede te komen. Zo zie ik dat tenminste. Dat is heel verdienstelijk, maar hoe je het draait of keert: autonomie blijft een politieke boodschap. In feite is dat wat raar, want er is niks zo apolitiek als het recht om je een mening te vormen en ernaar te handelen. Zelfbeschikking heet dat. De Catalanen doen, hopelijk voor de beslissende keer, de oefening in zelfbeschikking nog eens over op 1 oktober. Als het even kan, dan leidt het referendum hen voorgoed weg uit de penibele verhouding met Madrid, en blijken ze tegelijkertijd de primus inter pares van de EU te zijn. Als geen anderen zullen ze namelijk een open economische logica met een even open cultureel zelfbewustzijn verzoenen. De zichtbaarheid van hun geste zal mondiaal zijn. Zelfbeschikking zal aantoonbaar méér zijn dan een kunstgreep om, een halve eeuw geleden al, de koloniale periode af te sluiten. Zelfbeschikking is de kern van het Europese denken en houdt, na de Brexit, het EU-project een felle spiegel voor.Dat mensen hun eigen lot in handen nemen, lijkt in onze contreien de logica zelve en daarom vrij van politiek opbod. Anderzijds merk je in de politieke en sociale geschiedenis van Europa en daarbuiten dat vrije garing van informatie en gewetensvrijheid soms lijken te schuren met de wil van elites om de vooruitgang te omarmen - de hemel te bestormen, zeg maar. Want gewetensonderzoek en een eigen mening vergen tijd. En stilstaan. Die verloren tijd gunnen machthebbers hun onderhorigen maar zelden. Er is een grote visie en iedereen moet die volgen, willens nillens. Een organisatie die van stilte als recht en noodzaak vastbesloten haar uitgangspunt maakt, is de vzw Waerbeke. Heel anders dan de IJzerwake waar alles in een gebaar van 'omver en erover' met veel tromgeroffel en vlagvertoon gebeurt, gaat Waerbeke naar de kern van de democratie. Die essentie is 'stilte, leegte en radicale openheid', ook voor de eventuele teloorgang van die openheid. Eerst moet het stil worden, pas dan maakt zinvol overleg een kans. Ultiem is er niets dat blijft duren, ook geen stilte op een bepaalde plaats en in een bepaalde tijd. Geen stiltegebied verhelpt aan deze wetmatigheid. Want ook democratieën kunnen zichzelf uithollen. Je moet daar niet op staan te kijken, maar een zekere afstand helpt je om doelgericht en efficiënt je politieke en maatschappelijke rol op te nemen.Met een zekere afstand anticipeer ik daarom op de start van het politieke jaar binnen enkele weken. Ik sta sinds gisteren opnieuw voor de klas en dat helpt me om de relativiteit van veel Vlaamse uitdagingen en wereldproblemen te beseffen. Zoals ik deze zomer in enkele bijdragen schreef, stellen vraagstukken zich vaak het scherpst in het samenleven van mensen met elkaar in buurten en wijken. Al de rest is voor het grootste deel politiek gespin en - jammer, maar helaas - blad- en schermvulling van media allerhande. Daarom verwacht ik met de VVB dat de Vlaamse politieke partijen deze herfst een nationaal antwoord formuleren op de kwestie van de interregionale geldstromen. De studie van André Decoster en Willem Sas is uit en, strikt genomen, zou nu de budgettaire impact kunnen worden berekend voor de 308 Vlaamse steden en gemeenten. Vergezocht? Niet als je beseft dat in 2011 de hervorming van de bijzondere financieringswet financiële cadeaus deed aan 'armlastige' gewesten. Tegelijkertijd nam in 2014 de centrumrechtse coalitie zich voor te besparen en werd een communautair moratorium afgesproken. Stromend water (van de Vlaamse Schelde naar de Waalse Maas...) heeft altijd de eigenschap de weg van de minste weerstand op te zoeken en in de net geschetste context zijn het, rechtstreeks en onrechtstreeks, de Vlaamse steden en gemeenten die steeds meer het financiële gelag betalen.Daarom richt ik een warme oproep aan de besturen van de Vlaamse steden en gemeenten om een communautair signaal uit te sturen dat de politbureaus van de Vlaamse politieke partijen in beweging brengt. Daarmee heb ik mijn 'lokale' klemtoon gelegd. Dat ik de 'plaatselijke' uitdagingen in Vlaams-Brabant met Eurostadion en Brussels Airport heel bewust ook als ernstige nationale kwesties zie, hoeft geen betoog. Ook daar wil ik de nationale politiek rond mobiliseren. Want ook hier gaat het over leefbaarheid in woonkernen, over de kwaliteit van samenleven. Het gaat steeds over precedenten voor de rest van Vlaanderen. In die optiek zijn de federale en Vlaamse verkiezingen van 2019 niet meer dan de 'shiftingsvraag', nadat de inhoudelijke vragen al beantwoord zouden dienen te zijn in aanloop naar de lokale verkiezingen van de herfst van 2018. Voor de partijhoofdkwartieren zijn de uitslagen van 2018 richtinggevend voor de strategie en de bijsturing voor 2019. Voor de VVB en mij zijn ze veel meer: ze worden de lakmoesproef van goed Vlaams beleid. 'La Flandre profonde', 'het diepe Vlaanderen' is een politiek begrip dat alle burgemeesters goed kennen. Meestal kabbelt het rustig verder. Maar het recente verleden bewees dat stille waters diepe gronden kunnen hebben en kunnen aanzwellen tot orkaankracht en zo in de nationale politiek beslissend kunnen zijn. Partijbonzen aller echelons: vergeet het niet.Bart de Valck is voorzitter van de Vlaamse Volksbeweging