De advocaten van Nemmouche worden steeds meer in het nauw gedreven. Ze blijven volhouden dat Nemmouche niet de schutter was in het Joods Museum, maar zijn er nog niet echt in geslaagd om met overtuigende argumenten voor de dag te komen. Vandaag kwam een DNA-expert uitleg geven aan de jury. Die getuigenis begon vrij technisch, maar werd interessant toen procureur Yves Moreau enkele passages begon voor te lezen uit de akte van verdediging. "Zijn die wetenschappelijk correct?", wilde Moreau van de expert weten. "Neen, ze zijn niet correct", was het antwoord. Concreet ging het over het ontbreken van duidelijke DNA-sporen van Nemmouche in het museum. Voor de verdediging pleit hem dat vrij, maar de expert dacht daar anders over. Niet elke aanraking leidt sowieso tot een DNA-spoor, zei hij. Bovendien is er op de deur van het museum gemengd DNA gevonden waarbij het niet uitgesloten is dat er DNA van Nemmouche bij zit. Het is zelfs honderd keer waarschijnlijker dat hij wel aan de deur is geweest dan niet, berekende de expert. Het is aan de jury om te bepalen hoe sterk dat als bewijs doorweegt, eventueel in combinatie met andere elementen. In de namiddag was er vervolgens al meteen een nieuwe opdoffer voor de verdediging. Een getuige die de aanslag van dichtbij zag gebeuren, wees Nemmouche aan toen de voorzitter van het hof haar vroeg of een van de beschuldigden, Nemmouche of Nacer Bendrer, haar aan de schutter deed denken. Nemmouches advocaat Sébastien Courtoy merkte op dat andere getuigen hem niet hadden herkend. En hij wees op elementen uit de verschillende getuigenissen, die niet stroken met het uiterlijk van Nemmouche. Iemand zei bijvoorbeeld dat de schutter bruin haar had, terwijl Nemmouche zwart haar heeft. Voorts zag de ene hem met pet, terwijl de andere daarover niet zeker was. (Belga)