De Vivaldi-regering kent met Sophie Wilmès (MR) en Meryame Kitir (sp.a) een vrouwelijke minister van Buitenlandse Zaken én van Ontwikkelingssamenwerking. Toch vindt Kamerlid Van Hoof dat het buitenlandbeleid op het vlak van vrouwenrechten "meer smoel" nodig heeft, vooral omdat die rechten internationaal zwaar onder druk staan. Ze pleit daarom voor een "ambassadeur" of "speciaal gezant", die op internationale fora op tafel moet kloppen om de zaak van vrouwen op de agenda zetten en die de inspanningen van onze diplomatie rond het promoten van vrouwenrechten moet coördineren. Dat kan zowel in bilaterale contacten als bij internationale organisaties, zoals de Wereldbank of de Europese instellingen. Van Hoof merkt op dat vandaag reeds twaalf EU-landen - de Scandinavische landen op kop - zo'n gezant hebben. Die zou ook in eigen land een boost kunnen geven. Zo zijn 10 procent van de Belgische ambassadeurs vrouwen en wordt in ontwikkelingssamenwerking 6 procent besteed aan specifieke vrouwenprojecten. In Zweden heeft de aanduiding van een ambassadeur belast met vrouwenrechten geleid tot 40 procent vrouwelijke ambassadeurs en 22 procent investering in specifieke vrouwenprojecten, weet Van Hoof. "Ons bilan op vlak van vrouwenrechten kan beter. Laat ons het voorbeeld van andere EU-landen volgen." (Belga)

De Vivaldi-regering kent met Sophie Wilmès (MR) en Meryame Kitir (sp.a) een vrouwelijke minister van Buitenlandse Zaken én van Ontwikkelingssamenwerking. Toch vindt Kamerlid Van Hoof dat het buitenlandbeleid op het vlak van vrouwenrechten "meer smoel" nodig heeft, vooral omdat die rechten internationaal zwaar onder druk staan. Ze pleit daarom voor een "ambassadeur" of "speciaal gezant", die op internationale fora op tafel moet kloppen om de zaak van vrouwen op de agenda zetten en die de inspanningen van onze diplomatie rond het promoten van vrouwenrechten moet coördineren. Dat kan zowel in bilaterale contacten als bij internationale organisaties, zoals de Wereldbank of de Europese instellingen. Van Hoof merkt op dat vandaag reeds twaalf EU-landen - de Scandinavische landen op kop - zo'n gezant hebben. Die zou ook in eigen land een boost kunnen geven. Zo zijn 10 procent van de Belgische ambassadeurs vrouwen en wordt in ontwikkelingssamenwerking 6 procent besteed aan specifieke vrouwenprojecten. In Zweden heeft de aanduiding van een ambassadeur belast met vrouwenrechten geleid tot 40 procent vrouwelijke ambassadeurs en 22 procent investering in specifieke vrouwenprojecten, weet Van Hoof. "Ons bilan op vlak van vrouwenrechten kan beter. Laat ons het voorbeeld van andere EU-landen volgen." (Belga)