Kan een verregaande inperking op het fysieke beschikkingsrecht zoals verplichte anticonceptie ook maar enigszins worden verantwoord in het licht van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens? (Joris Peeters, Merksem)
...

Kan een verregaande inperking op het fysieke beschikkingsrecht zoals verplichte anticonceptie ook maar enigszins worden verantwoord in het licht van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens? (Joris Peeters, Merksem)Valerie Van Peel: Het kan nooit de bedoeling zijn om mensen verplicht, tegen hun wil, anticonceptie op te leggen. Anderzijds mogen we niet blind zijn voor de realiteit waar sociaal werkers geregeld mee te maken krijgen: drugsverslaafde moeders van wie verscheidene kinderen bij de geboorte moesten afkicken, en die niets doen om de situatie te verbeteren.Het mag geen taboe zijn om dan sturend te werken, bijvoorbeeld door anticonceptie terug te betalen en zelfs een doktersafspraak te maken. Maar er is meer mogelijk: in Nederland worden ongeboren kinderen al onderworpen aan de jeugdbescherming. Daar is het mogelijk om een zwangere verslaafde vrouw onder toezicht te plaatsen en zo de foetus te beschermen. Bovendien kan de Nederlandse jeugdrechter kinderen meteen na de geboorte uit huis plaatsen als dat nodig is. Ten slotte pleit ik er nog voor om anticonceptie te koppelen aan voorwaardelijke invrijheidsstelling bij mensen die bijvoorbeeld zijn veroordeeld voor kindermishandeling of kindermisbruik. Waarom bieden we niet meteen aan iedereen de mogelijkheid tot gratis anticonceptie? (Saskia Mercelis, Boom)Van Peel: Ik begrijp de vraag, maar dat is een ander debat. Anticonceptie voor iedereen volledig terugbetalen is zeer duur. Er zijn OCMW's die het doen voor hun cliënten, en dat is zeker een goede zaak. Maar hier gaat het over mensen die bewust géén anticonceptie nemen. Niet omdat het te duur zou zijn, maar uit onwil of omdat ze niet wakker liggen van de gevolgen. Moeten we dan ook het recht op abortus afschaffen? Dat is toch ook niet ter bescherming van het kind? (Jonas Van halewijn)Van Peel: Dat argument wordt in deze discussie vaak aangehaald, maar ik vind het de omgekeerde wereld. Abortus draait om het recht van de vrouw, deze discussie gaat over het recht van het kind. Die twee moeten altijd in evenwicht zijn. Daarom is het recht op abortus ook gelimiteerd in de tijd: na twaalf weken zwangerschap mag het in ons land niet meer, tenzij in uitzonderlijke gevallen. We moeten ons wel afvragen of het recht van het kind voorgaat op het recht op een kind. Daarover twijfel ik geen seconde: ja. En het is alweer Nederland dat bewijst hoe die twee zaken niet in conflict hoeven te zijn. Daar kunnen zwangere vrouwen pas onder toezicht worden geplaatst vanaf 24 weken zwangerschap, wanneer het recht op abortus dus al voorbij is. Investeren we niet beter in (psychologische) hulp, in plaats van mensen zaken te verbieden die het oorspronkelijke probleem niet aanpakken? (Liza De Maeyer, Temse) Van Peel: Dit is natuurlijk een én-énverhaal. Maar we mogen onze ogen niet sluiten voor het feit dat bij een beperkt aantal ouders de hulpverlening zal blijven falen. Vaak is dat door onwil: moeders van wie al verscheidene kinderen uit huis geplaatst zijn, maar die niet tot inzicht komen. Of vaders die hun kinderen blijven mishandelen. Dat is helaas een realiteit. In zulke gevallen moeten we heel sturend werken, om te vermijden dat er nog kinderen in die situatie geboren worden. Dit is ook een probleem bij mensen met een mentale beperking. Is het gewettigd kinderen op de wereld te zetten voor wie anderen zullen moeten zorgen? (Rik Van Kets, Drongen)Van Peel: Die discussie wordt al een hele tijd gevoerd in de hulpverlening. Er zijn al voorzieningen waar anticonceptie wordt verdeeld. Maar ik denk niet dat je dit zomaar in één algemene wet kunt gieten: mensen met beperking A mogen wél kinderen krijgen en mensen met beperking B niet? Je moet het situatie per situatie bekijken. Hoe goed beseffen de personen in kwestie wat de impact van kinderen is, worden ze voldoende begeleid, is er een netwerk dat hen kan ondersteunen enzovoort. Maar het belang van het kind moet meetellen in het discussie. Een (ongeboren) kind kan niet voor zichzelf spreken, dus als samenleving moeten we het een stem geven.