Volgens het SOHR waren de soldaten gevangengenomen door rebellengroepen die door Turkije gesteund worden en waren ze onmenselijk behandeld. Op beelden die de organisatie verspreidde, is te zien hoe de mannen geblinddoekt in een kleine wagen zitten. Sommigen krijgen de opdracht om te blaffen zoals honden. Dit gaat in tegen de mensenrechten, stelt het hoofd van de ngo, Rami Abdel Rahman. De overhandiging van de soldaten was eerder op de dag al aangekondigd door de Turkse minister van Defensie, Hulusi Akar. Twee van de soldaten zijn gewond en werden volgens de minister verzorgd in het ziekenhuis. Nog donderdag kwamen tien mensen om bij de ontploffing van een bomauto aan een markt in de noordelijke Syrische stad Afrin, die in handen is van de rebellen. Volgens het SOHR raakten dertig mensen gewond bij de explosie, waarbij ook een benzinestation in brand vloog. Het Turkse leger trok op 9 oktober met geallieerde rebellen het noorden van Syrië binnen en begon er een offensief tegen de Koerdische militie YPG, in de ogen van Ankara een terreurorganisatie. Rusland en Turkije kwamen later overeen het grensgebied samen te controleren. Ze gaven YPG 150 uur de tijd om zich uit het gebied terug te trekken. Binnen die termijn was een staakt-het-vuren van kracht. (Belga)