Of het mogelijk was om roeikoppel Niels Van Zandweghe en Tim Brys elk apart te interviewen, in de drukke aanloop naar het Europees Kampioenschap roeien? Dat kon, er was nog een gaatje in de agenda voor hun beider afspraak met de mental coach. Niels Van Zandweghe en Tim Brys wonnen samen brons op EK's en WK's en zijn volgend jaar outsider voor een olympische medaille. Brys kent u misschien van zijn opvallende passage in De Container Cup op Vier. Met een van pijn vertrokken grimas zette de roeier een knaltijd neer in de fietsproef. Beslagen wielerprofs als Yves Lampaert, Remco Evenepoel en Oliver Naesen beten er hun tanden op stuk. Die laatste was daar niet goed van, bekende hij in Knack.
...

Of het mogelijk was om roeikoppel Niels Van Zandweghe en Tim Brys elk apart te interviewen, in de drukke aanloop naar het Europees Kampioenschap roeien? Dat kon, er was nog een gaatje in de agenda voor hun beider afspraak met de mental coach. Niels Van Zandweghe en Tim Brys wonnen samen brons op EK's en WK's en zijn volgend jaar outsider voor een olympische medaille. Brys kent u misschien van zijn opvallende passage in De Container Cup op Vier. Met een van pijn vertrokken grimas zette de roeier een knaltijd neer in de fietsproef. Beslagen wielerprofs als Yves Lampaert, Remco Evenepoel en Oliver Naesen beten er hun tanden op stuk. Die laatste was daar niet goed van, bekende hij in Knack. De Container Cup was entertainment, op het EK roeien in het Poolse Poznan van volgend weekend is het voor echt. 'Ik kan niet in woorden vatten hoe blij ik ben dat we eindelijk weer in competitie gaan', zegt Niels Van Zandweghe. 'Normaal is dit een moeilijke periode. In die laatste weken voor een groot toernooi loop je altijd wat gestrest en moet je ook streng zijn voor jezelf. (kijkt verlekkerd naar het plakje cake dat bij de koffie werd geserveerd) Deze keer kost dat geen enkele moeite. Ik heb het zó gemist om ergens naartoe te leven.' Wie van jullie tweeën is het grootste competitiebeest? Niels Van Zandweghe: We zijn allebei even erg. (lacht) Ik presteer het best onder druk. Het do or die-moment van een grote wedstrijd, met het geweer tegen de slaap, geeft me vleugels. Tim is meer een pietje precies, die alles uitpluist met het oog op die ene topprestatie. Hij kruipt in zijn cocon en kan zich zo concentreren dat je er bang van wordt. Hem kalmeren hoort bij het takenpakket? Van Zandweghe: Nee, want we zijn allebei rustige jongens. Of dat zijn we toch geworden. Na een paar jaar aan de top heb je elk scenario wel eens meegemaakt. Hoge druk wordt een routine, en dat is tegelijk goed en gevaarlijk. Ik heb stress nodig om uit te blinken. Zijn jullie hetzelfde type atleet? Van Zandweghe: Ik ben explosiever, Tim is groter en sterker, maar aan het eind van de rit zijn we elkaar waard. Ons persoonlijk record is tot op een honderdste van een seconde gelijk. Dit voorjaar zijn we van positie gewisseld. Ik zit nu vooraan 'op boeg', Tim zit op slag. De communicatie loopt daardoor beter, eigenlijk is het dom dat we dit niet eerder hebben geprobeerd. Ik geef een voorbeeld hoe dat werkt: Tim heeft soms de neiging minder hard af te duwen op zijn rechterbeen, waardoor de boot naar links zwenkt. Ik hoef dat niet eens te zien, ik voel dat en zeg het ook meteen. De volgende slag is dat al aangepast: daar is Tim een ongelooflijke crack in. Toen ik nog op slag zat, miste ik het overzicht om zo'n beslissing te kunnen nemen. Sowieso ben ik een grotere babbelaar dan Tim. De man op de boeg is de baas? Van Zandweghe: Niet per se. De slagman geeft het ritme aan, op dat vlak is Tim de baas. Maar ik geef de orders en bepaal de tactiek, als je het zo kunt noemen. Vanaf de boeg zie je of je voorligt. Daarop inspelen is cruciaal, want mentaal maakt het alle verschil. Wij zijn een sprintersploeg. Liggen we aan het eind min of meer op dezelfde hoogte als de anderen, dan weten we dat we erover gaan. De concurrentie moet ons eraf roeien. Ik ben van nature geen 'baas', vind ik. Als ik aan wielrennen deed, dan was ik niet de kopman maar de superknecht die zich leegrijdt. Spreek ik met een van de weinige atleten die blij was met het uitstel van de Olympische Spelen? In het voorjaar kampte u met blessures. Van Zandweghe: Ik zou de Spelen hebben gehaald, maar het zou een race tegen de klok zijn geworden. Waarschijnlijk bekoop je dat, dus ja, corona kwam niet ongelegen. Gas terugnemen tijdens de lockdown deed deugd, lichamelijk maar ook mentaal. Een blessure vreet energie. Wie heeft jullie gekoppeld? Van Zandweghe: Wij waren de enige twee lichtgewichten van niveau, het lag voor de hand dat we het samen zouden proberen. Onze eerste ontmoeting, op een sportgala, herinner ik me nog goed. Ik dacht: weer zo'n luide Gentenaar met te veel zelfvertrouwen. Een huizenhoog cliché, want dat denken West- Vlamingen over alle Gentenaars. (lacht) Nadien bleek dat ik Tim helemaal verkeerd had ingeschat. Moet je hecht zijn met je roeimaat of kan een zakelijk partnerschap ook werken? Van Zandweghe: Het Chinese team trainde vorig jaar in Willebroek. Die werkten bijna altijd apart, we begrepen er niks van. Tot ze samen de boot in stapten. Ik versta geen Chinees maar dat die twee de stenen uit de grond vloekten, begreep zelfs ik. Die Chinezen kunnen elkaar niet rieken of zien, maar ze werden wel samen wereldkampioen. In principe hoef je geen vrienden te zijn, maar ik zou het niet kunnen. Ik zie of hoor Tim bijna elke dag. Je moet je roeipartner blind vertrouwen en zo goed als alles van elkaar weten. Wie wil die weg afleggen met iemand die je niet kunt uitstaan? Waar doen jullie het voor? Van Zandweghe: Het is leuk. Dat blijft echt het allerbelangrijkste. De boot op het water, roeiriemen heen en weer: prachtig, toch? En de opofferingen? Een studentenleven had ik amper, maar ik miste het niet. Nee, ik ben een gelukzak. Een profroeier ziet de wereld, leert boeiende mensen kennen, en ik word er nog voor betaald ook. Voor de omgeving is het lastiger. Ik brak met mijn ex omdat zij niet kon verdragen dat mijn leven om roeien draait. Tegen Zoë, mijn nieuwe vriendin, zei ik: 'Als er ooit een dag komt dat ik moet kiezen tussen jou en het roeien, dan moet je beseffen dat die keuze al gemaakt is.' Mijn bachelorproef ging over drop-out in het roeien. Een Belgische roeier krijgt pas steun zodra hij presteert, maar roeien is geen sport waar je op achttien jaar ziet of iemand een supertalent wordt. De meesten stoppen als ze beginnen te studeren. Ik heb het in mijn eindwerk nochtans haarfijn bewezen: er bestaan voorbeelden genoeg van matige tienerroeiers die vier jaar later een olympische medaille winnen. Is roeien vooral pijn verbijten? Van Zandweghe: (knikt) Voor iedere race vraag je je af: waarom doe ik mezelf dit aan? Maar zodra het startlicht brandt, geef je alles. Als je tot op de bodem bent gegaan, die kick valt nergens mee te vergelijken. Je kon het zien in de pijnlijke tronie van Tim in De Container Cup: helemaal de kop van een roeier. (lacht) Door de muur gaan en dan nog een tand bijzetten. Als er een tweede seizoen komt van De Container Cup wil ik zelf graag meedoen. Had u Tim geklopt? Van Zandweghe: In de loopproef zeker wel, in de andere proeven zou het close zijn geworden. Zelf ben ik ook een vrij goeie wielrenner, mag ik zeggen. Ik train af en toe met Jelle Wallays en Jens Keukeleire. Zij moeten mij intomen. Ik ben roeier: wij gaan altijd hard. (lacht) Maar als zij echt doorgaan, sta ik met mijn voeten op de grond. Idem voor Tim. Uithalen in De Container Cup maakt je nog geen profcoureur. De bobsleedames geven hun slee een naam, het is haast hun kindje. Hoe zit dat bij roeiers? Van Zandweghe: Wij wisselen om de twee jaar, maar in de boot van 2020 voelen we ons aanzienlijk beter. Raar hoor. Het is identiek dezelfde boot, uit dezelfde fabriek. Toch klieft deze een pak beter. En dat doet inderdaad een soort relatie ontstaan. Aan de andere kant: als de boot minder goed zou aanvoelen, hadden we er ook wel het beste van gemaakt. In 2021 stopt jullie samenwerking. Van Zandweghe: De lichtgewichtdiscipline wordt waarschijnlijk afgeschaft. Dat betekent het einde van mijn roeierscarrière. Ik moet geen zwaargewicht worden. Ik heb daar de bouw niet voor. Tim kan het eventueel wel. Met wat er na de Spelen komt, probeer ik zo weinig mogelijk bezig te zijn. Ik blijf wel in de topsport, denk ik. Ik zie mezelf ooit ironmans doen. Duurtraining ben ik al gewend, al is zes minuten kapotgaan natuurlijk nog iets anders dan tien uur kapotgaan. *** Niels Van Zandweghe vertrekt en zal vijf minuten te laat de praktijk van zijn mental coach binnenwandelen. Tezelfdertijd wrijft Tim Brys zijn handen in met alcoholgel in de koffiebar waar we hebben afgesproken. Van Zandweghe ziet zichzelf als iemand die uitblinkt op de grote momenten en omschrijft zijn teammaat als een perfectionist. Daar kan Tim Brys zich in vinden. 'Dat vult elkaar mooi aan, toch? Ik denk voortdurend aan hoe het beter kan. Dat schrijf ik neer in mijn schriftjes. Noem het streven naar duidelijkheid en naar zekerheid, hoewel ik goed besef dat de dingen zelden duidelijk of zeker zijn. Niels kan beter loslaten. Ook dat heb je nodig, niet alles valt te plannen. Hij tempert mij.' 'Net omdat wij totaal verschillende karakters zijn, is het belangrijk dat we blijven communiceren. Je mag er niet van uitgaan dat de ander zonder woorden begrijpt waar je naartoe wilt. Met de roeier Niels had ik meteen een geweldige klik. Onze allereerste training haalden we een bootsnelheid in de buurt van de wereldtop. Toen we onze eerste wereldbeker roeiden, kenden we elkaar nauwelijks: meteen brons. Niels was amper negentien.' Waarom zijn jullie van positie veranderd? Tim Brys: Omdat we iets anders wilden. We roeien nu vijf jaar samen - een eeuwigheid - en we voelden dat er niet veel progressie meer inzat. Terwijl de concurrentie wél sterker werd. Het gevoel op training is fantastisch, maar dit EK is pas de eerste test in competitie. Was het uitstel van de Olympische Spelen een godsgeschenk, door de blessure van Niels? Brys: Achteraf bekeken wel. Hij zou klaar zijn geraakt, maar dat we meer tijd hadden, nam stress weg. Ik ben het slachtoffer. (lacht) Van nature weeg ik te zwaar om mee te draaien bij de lichtgewichten. Dat de Spelen werden uitgesteld, betekent één jaar langer honger lijden. Niet prettig, maar dat jaar zal snel om zijn. Zonder de onheilsprofeet te willen uithangen: het is lang niet zeker of de Spelen in 2021 doorgaan. Brys: De voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité heeft er goede hoop op, las ik. En waarom ook niet? Als de Tour de France zonder problemen kan verlopen, dan lukken de Spelen ook. De volgende vraag is altijd: winnen jullie in Tokio een medaille? Ik weet het niet. Oprecht niet. Kajakkers Bob Maesen en Kevin De Bont gingen met grote verwachtingen naar de Spelen van 2008. De Bont liet het afweten, Maesen was woest. Tussen die twee kwam het niet meer goed. Brys: Ik kan me niet indenken dat zoiets ons overkomt. Er kan altijd iets mislopen, maar ik weet dat Niels met hart en ziel toeleeft naar de Spelen. Die jongen doet er alles aan, en hij weet dat voor mij hetzelfde geldt. We zullen elkaar niks te verwijten hebben, wat er ook gebeurt. Ik ben een teamspeler, al kan ik ook goed alleen zijn. Niels weet dat hij mij af en toe tijd voor mezelf moet geven, om te reflecteren over mijn dag. Aan de andere kant haal ik energie uit de input van anderen. Een team dat meer wordt dan een som van de individuen, is prachtig. Bent u een competitiebeest? Brys: In het roeien wel, daarbuiten helemaal niet. Ik ben niet zo'n typische sporter die elk spelletje Monopoly moet winnen. Integendeel, ik kan ervan genieten om eens een keer niet tot het uiterste te hoeven gaan. Waar doen jullie het voor? Niet om rijk te worden of voor de roem. Brys: Je traint hard, je tijden verbeteren, je lijf zet uit, waardoor je nog harder kunt trainen, nóg sneller gaat, meer spieren kweekt... Die drang om beter te worden is verslavend. En als je de top bereikt, dan put je motivatie uit de Grote Doelen. De Olympische Spelen: die dragen iets mythisch in zich. Wie motiveert wie? Wie is de positivo? Brys: Het is belangrijk dat we elkaar energie geven, dat het geen eenrichtingsverkeer is. Sowieso zijn wij geen types die zich wentelen in wat tegenviel. Is het een keer slecht, tant pis, op naar het volgende. Al afgekickt van de aandacht na De Container Cup? Brys: Dat was mooi, maar ook overweldigend. Ik kreeg meer sms'en dan toen we ons plaatsten voor de Spelen. Terwijl, met alle respect... het was een spelletje, hè. Ik sprak profwielrenners die paf stonden van uw prestatie in de fietsproef. Die duurde slechts vier minuten, wat niet de specialiteit is van profcoureurs, maar ze vond wel plaats in april, toen uw tegenstanders in topvorm waren voor de voorjaarsklassiekers. Brys: Ik vond het zelf ook straf, eerlijk gezegd. Je wilt niet weten hoeveel mensen mij sindsdien aanraden om me om te scholen tot coureur, maar ik kan heus niet wat die mannen kunnen. Een voorjaarsklassieker is nog iets anders dan vier minuten op een spinningfiets. Bij roeien gaat het voor tachtig procent om beenkracht. Midden in de lockdown deden we veel fietstrainingen, vanuit het idee: dan verlangen we weer naar de boot zodra er opnieuw roeicompetities plaatsvinden. Het tofste aan De Container Cup was dat ik mijn sport op een positieve manier in de aandacht kon zetten. Het toont toch dat roeiers, euh, iets kunnen. (lacht)Niels doet graag mee als er een tweede seizoen komt. Klopt hij uw tijden? Brys: Wie weet. Ik zou het hem graag zien proberen. Volgende zomer stopt jullie samenwerking. Brys: We gaan er het komende jaar nog alles uithalen, maar ik denk dat zowel Niels als ik stilaan een andere uitdaging nodig heeft. Het is mooi geweest. En wat dan? Misschien school ik mij om tot zwaargewicht. Ik zou 20 kilo moeten bijkomen. Een uitdaging! (lacht) Afvallen is lastig, maar veel moeten eten is volgens mij ook geen pretje. Ik word 29 en ik wil niet als een junior alles nog moeten uitzoeken. Als ik doorga, moet er een project zijn. Het moet concreet en rechtlijnig zijn, met de ambitie om iets van belang neer te zetten. Eerst het EK. Wat wordt dat? Brys: Moeilijk te zeggen. We zijn zelf niet meer in competitie geweest sinds augustus 2019. Waar staan wij, waar staat de rest? Piekt de concurrentie of zien ze het als een leuk tussendoortje? Wij willen alvast presteren op het EK. Door corona hadden we eindelijk tijd om de dingen van een afstand te bekijken en dan besluit je dat er toch niks toffer is dan je lichaam klaar te maken voor competitie, je boot in het water te leggen en alles te geven wat er in je zit. Het is de max om eindelijk weer een doel te hebben.