Stefan Perceval: Niet origineel, wel relevant. De belangrijkste vraag stellen we ons te weinig: wat betekent God voor ons? Vanuit die vraag vertrekt de poëtische tekst van Heleen Verburg. 'We dompelen onszelf onder in zelfgeschapen schoonheid', schrijft ze. Die zin zegt het mannelijke personage, gespeeld door Bram Kwekkeboom, tegen het vrouwelijke personage, vertolkt door Marlies Hamelynck. Ze stellen elkaars godsbeeld in vraag en uiteindelijk ook elkaars definitie van de liefde én hun geloof in de kracht ervan. Maar toen ik tijdens de eerste leesrepetitie met hen rond de tafel zat, miste ik mijn energiebron. Ik miste mijn mensen.
...

Stefan Perceval: Niet origineel, wel relevant. De belangrijkste vraag stellen we ons te weinig: wat betekent God voor ons? Vanuit die vraag vertrekt de poëtische tekst van Heleen Verburg. 'We dompelen onszelf onder in zelfgeschapen schoonheid', schrijft ze. Die zin zegt het mannelijke personage, gespeeld door Bram Kwekkeboom, tegen het vrouwelijke personage, vertolkt door Marlies Hamelynck. Ze stellen elkaars godsbeeld in vraag en uiteindelijk ook elkaars definitie van de liefde én hun geloof in de kracht ervan. Maar toen ik tijdens de eerste leesrepetitie met hen rond de tafel zat, miste ik mijn energiebron. Ik miste mijn mensen. Perceval: De mensen waarmee ik werk in mijn gezelschap, Theaterwerkplaats Het Gevolg in Turnhout. Die mensen worden vanuit allerlei organisaties - van het OCMW tot vluchtelingenorganisaties of het BUSO-onderwijs - naar ons gestuurd. Waarom? Omdat ik niet alleen theater met acteurs wil maken maar ook met 'echte' mensen die de moed hebben om met hun levensverhaal op de scène te staan. Jarenlang was ik acteur bij Toneelhuis en HETPALEIS. Op tournee zag ik de wereld. Dacht ik. Niets van! Ik zag de theaters maar daarbuiten zit niemand op jouw prachtig gedeclameerd verhaal te wachten. Toen ik in 2014 artistiek leider werd van Het Gevolg wilde ik het anders doen. Ik noem wat we maken liever geen 'sociaal-artistiek' theater want dat klinkt teveel als een veilige haven voor miskend talent. Ik ben streng, we werken ernstig en hard. Mijn mensen dragen mij en geven me de energie om dit huis te leiden. En ik zie hoe hun zelfrespect stijgt. Ze zetten hier stappen. Figuurlijk én letterlijk. Brent Vandecraen, bijvoorbeeld, is een jonge acteur met een fysieke beperking. Hij zit in een rolstoel maar hij leerde zichzelf hier stappen. Is dat niet prachtig? Hij wil een professioneel acteur worden. Waarom niet? Waarom zou een acteur met een beperking geen overtuigende Othello kunnen zijn? Nog te veel collega's geloven daar niet in. Daar word ik zo boos van. Als theatermakers nog iets willen betekenen in deze samenleving dan moeten we niet luisteren naar de filantropen. Het is onze godverdomse plicht om te luisteren naar de verhalen van de mensen waarmee we samenleven. Perceval: We hadden het steeds over God. Ik miste degenen in wie ik geloof: mijn mensen. We dreigden wéér weg te kijken van hen. 'Ik wil er graag kwetsbare mensen uit de buurt bij', vroeg ik. 'In Zeeland is geen armoede', kreeg ik te horen. Dus rijd ik elke dag met een busje vol Turnhoutse spelers naar de repetitie in Middelburg. Onder mijn spelers zitten mensen die gevlucht zijn uit hun land maar evengoed mensen die wegliepen uit een gewelddadig gezinsleven. Een van mijn actrices verschool zich met haar kinderen in een huis in het bos. Wat deed de kinderbescherming? Ze pakten haar kinderen af. Waar was God toen? Zulke vragen en verhalen weefden we doorheen de tekst. Perceval: We spelen inderdaad in de Nieuwe Kerk van de Abdij in Middelburg. Scenograaf Jan Strobbe ontwierp een decor dat eruitziet als een stuk van het plafond van de kerk. Dus lijkt het alsof de spelers op de kerk staan, op de plek van God. De nieuwe god zit in de onbevooroordeelde blik waarmee we naar elke mens kijken.