De Vlaamse overheid biedt een inburgeringstraject aan, dat inburgeraars "moet helpen om de nodige kennis en vaardigheden te ontwikkelen". De inhoud van dat traject wordt opgenomen in een inburgeringscontract. Bepaalde groepen, zoals vreemdelingen die voor het eerst een verblijfstitel van meer dan drie maanden hebben, zijn verplicht om zo'n traject te volgen. Wie niet tot de doelgroep van inburgering behoort, heeft ook recht op een inburgeringstraject. Volgens de cijfers waren er in 2019 22.970 personen met een inburgeringscontract, tegenover 21.582 in 2018 en 21.771 in 2017. Vorig jaar ging het om 9.490 verplichte inburgeraars en 13.476 rechthebbende inburgeraars (en 4 personen in de categorie 'onbepaald'). Een grote meerderheid kwam van buiten de EU (18.093), met als grootste groepen de Marokkanen en Afghanen. 4.581 EU-onderdanen sloten vrijwillig een inburgeringscontract af. Het aantal personen dat op het einde van het inburgeringstraject een attest behaalde, bleef wel stabiel: 16.275 in 2019, 16.388 in 2018 en 16.986 in 2017. Dat het aantal inburgeringscontracten stijgt, is een goede zaak, maar De Vreese benadrukt dat het nog beter zou zijn om nog meer rechthebbende inburgeraars te bereiken. Meer instappers zorgt ook wel voor meer kosten voor de overheid. "Uiteraard heeft deze regering momenteel andere prioriteiten, maar eens ze terug dossiers gaat oppikken los van de coronacrisis moet er wel werk worden gemaakt van een betalend en dus meer kostendekkend inburgeringsbeleid", aldus De Vreese. "Zo staat het ook in het regeerakkoord. Daardoor zullen inburgeraars een billijke financiële vergoeding moeten betalen voor o.a. een cursus maatschappelijke oriëntatie, een cursus Nederlands en de testen die dienen afgelegd te worden." De Vreese wijst nog op een sterke stijging van het aantal asielzoekers met een inburgeringscontract (van 923 naar 2.306). Nochtans is het volgens het regeerakkoord de bedoeling dat asielzoekers met de hervorming van het inburgeringsbeleid geen recht meer hebben op een traject. "Aangezien zij zolang de procedure loopt niet zeker zijn dat ze erkend zullen worden, willen we hen geen valse hoop geven. Het is vooral belangrijk mensen in te burgeren die hier zijn en zeker blijven." (Belga)

De Vlaamse overheid biedt een inburgeringstraject aan, dat inburgeraars "moet helpen om de nodige kennis en vaardigheden te ontwikkelen". De inhoud van dat traject wordt opgenomen in een inburgeringscontract. Bepaalde groepen, zoals vreemdelingen die voor het eerst een verblijfstitel van meer dan drie maanden hebben, zijn verplicht om zo'n traject te volgen. Wie niet tot de doelgroep van inburgering behoort, heeft ook recht op een inburgeringstraject. Volgens de cijfers waren er in 2019 22.970 personen met een inburgeringscontract, tegenover 21.582 in 2018 en 21.771 in 2017. Vorig jaar ging het om 9.490 verplichte inburgeraars en 13.476 rechthebbende inburgeraars (en 4 personen in de categorie 'onbepaald'). Een grote meerderheid kwam van buiten de EU (18.093), met als grootste groepen de Marokkanen en Afghanen. 4.581 EU-onderdanen sloten vrijwillig een inburgeringscontract af. Het aantal personen dat op het einde van het inburgeringstraject een attest behaalde, bleef wel stabiel: 16.275 in 2019, 16.388 in 2018 en 16.986 in 2017. Dat het aantal inburgeringscontracten stijgt, is een goede zaak, maar De Vreese benadrukt dat het nog beter zou zijn om nog meer rechthebbende inburgeraars te bereiken. Meer instappers zorgt ook wel voor meer kosten voor de overheid. "Uiteraard heeft deze regering momenteel andere prioriteiten, maar eens ze terug dossiers gaat oppikken los van de coronacrisis moet er wel werk worden gemaakt van een betalend en dus meer kostendekkend inburgeringsbeleid", aldus De Vreese. "Zo staat het ook in het regeerakkoord. Daardoor zullen inburgeraars een billijke financiële vergoeding moeten betalen voor o.a. een cursus maatschappelijke oriëntatie, een cursus Nederlands en de testen die dienen afgelegd te worden." De Vreese wijst nog op een sterke stijging van het aantal asielzoekers met een inburgeringscontract (van 923 naar 2.306). Nochtans is het volgens het regeerakkoord de bedoeling dat asielzoekers met de hervorming van het inburgeringsbeleid geen recht meer hebben op een traject. "Aangezien zij zolang de procedure loopt niet zeker zijn dat ze erkend zullen worden, willen we hen geen valse hoop geven. Het is vooral belangrijk mensen in te burgeren die hier zijn en zeker blijven." (Belga)