Vlaanderen telt 1,4 miljoen sporters die sporten in zowat 20.000 amateursportclubs. Door die clubsporters wordt jaarlijks een bedrag van zowat 2 miljard euro in de economie gespendeerd. Die meerwaarde is de som van alle middelen die de federaties en clubs rechtstreeks in de economie inbrengen (het "direct effect"), het geld dat partners en leveranciers van sportclubs spenderen ("indirect effect", zoals het aankopen van sportkledij of het verzorgen van de catering) én het geld dat gezinnen kunnen uitgeven doordat ze tewerkgesteld zijn in een sportclub, -federatie of leverancier van een club of federatie ("geïnduceerd effect"). Gemiddeld genomen levert elk van de 1,4 miljoen sportende Vlamingen een economische bijdrage van zo'n 1.410 euro per jaar, rekent Deloitte voor. Daarnaast zijn er baten van de fysieke en mentale gezondheidswinst. Sporten in clubverband zou het aantal chronische mentale en fysieke aandoeningen met 30 procent verminderen. Op basis van vergelijkbare studies in Nederland en Engeland, wordt de gezondheidswinst van georganiseerd sporten voor de Vlaamse bevolking geschat op 1,5 tot 2 miljard euro, aldus het rapport. In vergelijking met vijf jaar geleden is het aantal subsidies per sporter met 4 procent gedaald, aldus de cijfers van Deloitte. Dit voornamelijk omdat het aantal sporters de afgelopen jaren met meer dan 15 procent is toegenomen. En dat terwijl het georganiseerd sporten de afgelopen vijf jaar net gegroeid en geprofessionaliseerd is. Volgens de Vlaamse Sportfederatie zijn in de 20.000 sportclubs 15 procent sporters bijgekomen en een vijfde meer trainers, steeds vaker mensen met erkende trainersdiploma's. De bijdragen en publieke middelen voor het georganiseerd sporten moeten dat groeiritme volgen, stelt de Vlaamse Sportfederatie. (Belga)

Vlaanderen telt 1,4 miljoen sporters die sporten in zowat 20.000 amateursportclubs. Door die clubsporters wordt jaarlijks een bedrag van zowat 2 miljard euro in de economie gespendeerd. Die meerwaarde is de som van alle middelen die de federaties en clubs rechtstreeks in de economie inbrengen (het "direct effect"), het geld dat partners en leveranciers van sportclubs spenderen ("indirect effect", zoals het aankopen van sportkledij of het verzorgen van de catering) én het geld dat gezinnen kunnen uitgeven doordat ze tewerkgesteld zijn in een sportclub, -federatie of leverancier van een club of federatie ("geïnduceerd effect"). Gemiddeld genomen levert elk van de 1,4 miljoen sportende Vlamingen een economische bijdrage van zo'n 1.410 euro per jaar, rekent Deloitte voor. Daarnaast zijn er baten van de fysieke en mentale gezondheidswinst. Sporten in clubverband zou het aantal chronische mentale en fysieke aandoeningen met 30 procent verminderen. Op basis van vergelijkbare studies in Nederland en Engeland, wordt de gezondheidswinst van georganiseerd sporten voor de Vlaamse bevolking geschat op 1,5 tot 2 miljard euro, aldus het rapport. In vergelijking met vijf jaar geleden is het aantal subsidies per sporter met 4 procent gedaald, aldus de cijfers van Deloitte. Dit voornamelijk omdat het aantal sporters de afgelopen jaren met meer dan 15 procent is toegenomen. En dat terwijl het georganiseerd sporten de afgelopen vijf jaar net gegroeid en geprofessionaliseerd is. Volgens de Vlaamse Sportfederatie zijn in de 20.000 sportclubs 15 procent sporters bijgekomen en een vijfde meer trainers, steeds vaker mensen met erkende trainersdiploma's. De bijdragen en publieke middelen voor het georganiseerd sporten moeten dat groeiritme volgen, stelt de Vlaamse Sportfederatie. (Belga)