Uit het rapport, dat gebaseerd is op Be-MOMO, de opvolging van de algemene sterfte op basis van gegevens uit het Rijksregister, blijkt dat er tussen 16 maart en 10 mei 8.127 extra sterfgevallen zijn waargenomen ten opzichte van wat op basis van de laatste vijf jaar kon worden verwacht. Dat is een oversterfte met bijna 50%. De cijfers van de jongste weken zijn wel slechts voorlopig. De piek in oversterfte deed zich voor vier weken na de eerst inperkingsmaatregelen. Dat was op 10 april, toen er 668 sterfgevallen te betreuren waren. In de week van 13 april werd een daling ingezet, een daling die sterk wordt vanaf de week van 27 april. Vanaf 11 mei is uiteindelijk geen oversterfte meer waargenomen, maar dat zal volgende week dus nog bevestigd moeten worden. Verder blijkt uit het rapport dat de oversterfte in Brussel al begon in de week van 16 maart. In Vlaanderen nam de oversterfte sterker toe op korte tijd. Vanaf de week van 20 april daalde de oversterfte in Brussel en Wallonië, en een week later ook in Vlaanderen. In Vlaanderen zijn 3.826 extra sterfgevallen waargenomen, in Wallonië 2.947 en in Brussel 1.351. Tot slot blijkt uit het rapport nog dat het reproductiegetal afgelopen week gedaald is tot 0,73. Dat houdt in dat 100 personen die besmet zijn met het coronavirus nog 73 anderen besmetten. Als het cijfer lager blijft dan '1', dan dooft de epidemie verder uit. Vorige week bedroeg het reproductiegetal 0,86. (Belga)

Uit het rapport, dat gebaseerd is op Be-MOMO, de opvolging van de algemene sterfte op basis van gegevens uit het Rijksregister, blijkt dat er tussen 16 maart en 10 mei 8.127 extra sterfgevallen zijn waargenomen ten opzichte van wat op basis van de laatste vijf jaar kon worden verwacht. Dat is een oversterfte met bijna 50%. De cijfers van de jongste weken zijn wel slechts voorlopig. De piek in oversterfte deed zich voor vier weken na de eerst inperkingsmaatregelen. Dat was op 10 april, toen er 668 sterfgevallen te betreuren waren. In de week van 13 april werd een daling ingezet, een daling die sterk wordt vanaf de week van 27 april. Vanaf 11 mei is uiteindelijk geen oversterfte meer waargenomen, maar dat zal volgende week dus nog bevestigd moeten worden. Verder blijkt uit het rapport dat de oversterfte in Brussel al begon in de week van 16 maart. In Vlaanderen nam de oversterfte sterker toe op korte tijd. Vanaf de week van 20 april daalde de oversterfte in Brussel en Wallonië, en een week later ook in Vlaanderen. In Vlaanderen zijn 3.826 extra sterfgevallen waargenomen, in Wallonië 2.947 en in Brussel 1.351. Tot slot blijkt uit het rapport nog dat het reproductiegetal afgelopen week gedaald is tot 0,73. Dat houdt in dat 100 personen die besmet zijn met het coronavirus nog 73 anderen besmetten. Als het cijfer lager blijft dan '1', dan dooft de epidemie verder uit. Vorige week bedroeg het reproductiegetal 0,86. (Belga)