'Toen mijn proefschrift klaar was, en ik op mijn 28e aarzelde of ik door zou gaan met een academische loopbaan, legde ik de vraag voor aan mijn promotor. Hij merkte duidelijk mijn onzekerheid. Hij voedde ze, en zei dat het inderdaad een grote beslissing was en dat ik die niet lichtzinnig mocht nemen, dat ik ook dringend eens moest nadenken over welk leven ik wilde, en het feit of ik kinderen wou. (...) Aan geen mannelijke collega van mij zou hij dat ooit zo voorgesteld hebben.'
...

'Toen mijn proefschrift klaar was, en ik op mijn 28e aarzelde of ik door zou gaan met een academische loopbaan, legde ik de vraag voor aan mijn promotor. Hij merkte duidelijk mijn onzekerheid. Hij voedde ze, en zei dat het inderdaad een grote beslissing was en dat ik die niet lichtzinnig mocht nemen, dat ik ook dringend eens moest nadenken over welk leven ik wilde, en het feit of ik kinderen wou. (...) Aan geen mannelijke collega van mij zou hij dat ooit zo voorgesteld hebben.' Het getuigenis is een van de meldingen van seksisme in de academische wereld op het daarvoor opgerichte meldpunt Sassy (Sharing Academic Sexism Stories with You). In anderhalf jaar tijd liepen er liefst 81 klachten binnen. Zulke en andere voorbeelden van alledaags seksisme zijn te vinden in het boek #Seksisme - Nee wij overdrijven niet!, samengesteld door Knack-medewerkster Cathérine Ongenae. Het boek is deels een reactie op De Morgen-columnist Marc Didden, die in een blog had geschreven dat vrouwen die op straat seksueel worden geïntimideerd overdrijven en dat ze de reacties in veel gevallen zelf uitlokken. Het boek geeft onder andere een onthutsend beeld van de universitaire wereld. 'Hoe hoger vrouwen klimmen op de academische carrièreladder, hoe minder kansen ze krijgen. Seksisme zit diep verankerd in de universitaire wereld', schrijven Nellie Konijnendijk en Anya Topolski. Konijnendijk is doctoraatsstudent aan de KU Leuven, medebeheerder van de website Sassy, en voormalig coördinator van de werkgroep Vrouw en Universiteit. 'Het meldpunt is opgericht omdat we aanvoelden dat er in de academische wereld onderhuids veel klachten waren over seksisme. Maar vrouwen huiveren vaak om formeel een klacht in te dienen. Ze vrezen dat het hun academische carrière in gevaar zou brengen. Bovendien leeft bij de meeste rectoren en decanen het gevoel dat seksisme weinig voorkomt aan hun universiteit of aan hun faculteit.' Maar zoals uit het boek blijkt, is seksisme van alle tijden en komt het op de meeste plaatsen voor. Toch zou je volgens Nellie Konijnendijk mogen verwachten dat het niet of minder zou voorkomen in een 'verlichte plek' zoals een universiteit. 'Verhalen over seksisme in de wetenschap hebben iets extra stuitends. Universiteiten zijn gerespecteerde kennisinstituten, de bakermat van het verlichte denken. Ze zouden een gids moeten zijn voor de hele samenleving. Helaas, dat is niet zo.' Tijdens mijn eerste maand als nieuw aangestelde docent kreeg ik van de directeur wetenschappelijk onderzoek een uitnodiging om tijdens een lunch enkele nieuwe projecten te bespreken. Halverwege de discussie boog hij zich voorover, drukte zijn been tegen het mijne, legde zijn zweterige hand op mijn knie. 'Ben je een slet?' vroeg hij me. De vraag is: hoe treed je tegen zulke praktijken op. Een lastige zaak, zegt Konijnendijk. 'De prof is baas in zijn eigen rijk, en er is nauwelijks toezicht op hem. Decanen onderhouden vooral contacten met hun professoren en minder met assistenten en studenten. Daarom is het vaak heel moeilijk voor slachtoffers van seksuele intimidatie, die meestal niet op topposities zitten, om dit aan te kaarten. Zelfs ombudsmensen kiezen nog weleens partij voor de aangeklaagde en niet voor het slachtoffer. Daardoor voelen vrouwen zich weinig gesteund in hun klachten. En als de dader toch wordt ontslagen, dan kan hij meestal snel elders aan de slag: in de academische wereld is arbeidsmobiliteit heel gewoon, daar worden weinig vragen gesteld.' Ook wat die arbeidsmobiliteit betreft, komen vrouwen aan universiteiten er vaak bekaaid af. 'Vrouwelijke studenten zijn in de meerderheid aan onze universiteiten, maar zodra er een prof of een decaan moet worden benoemd, krijgen ze minder doorgroeimogelijkheden', zegt Konijnendijk. 'België bengelt in Europa helemaal achter aan het peloton. Qua vrouwelijke professoren zijn we het op twee na slechtst presterende land in Europa, qua vrouwelijke bestuursleden in de academische wereld zijn we het derde slechtste land.' Konijnendijk vindt quota, net zoals in de politiek, geen vies woord. 'Uit alle onderzoeken blijkt dat het de enige methode is die op korte termijn enig positief effect oplevert.' Tegenstanders van quota vinden dat ze de kwaliteit naar beneden halen. Onzin, zegt Konijnendijk. 'Er zijn meer dan genoeg intelligente vrouwen die in aanmerking komen voor een academische carrière. Het zal de kwaliteit net bevorderen, blijkt uit internationaal onderzoek. Naast zijn gebruikelijke opmerkingen over de inferioriteit van vrouwelijke studenten zei de professor aan de eerstejaarsrechtenstudenten: 'Al die blonde miekes, die zie je hier volgend jaar niet meer terug.' Geen woord over (al dan niet blonde) mannelijke medestudenten. (Opgetekend door een afgestudeerde rechtenstudent)Seksisme in de academische wereld komt voor in alle vormen, van seksuele intimidatie tot wat Nellie Konijnendijk 'implicit bias' noemt. 'Dat laatste komt het vaakst voor. Het gaat om vooroordelen tegenover vrouwen en andere groepen in onze samenleving, die onbewust een effect hebben: ze zullen wel voor het moederschap kiezen, het gezin gaat voor op de carrière, ze zijn te gevoelig, ze zijn niet ambitieus genoeg enzovoort. Maar die vooroordelen zijn nergens op gebaseerd. Sterker, de meeste mensen willen zelfs niet toegeven dat ze zo denken.' Konijnendijk heeft het probleem al meermaals aangekaart bij Rik Torfs, rector van de KU Leuven. 'Hij vindt ook dat zoiets niet kan aan zijn universiteit. Hij maakte er zelfs een punt van bij de rectorverkiezingen, maar sindsdien is er niet zo gek veel veranderd. De strijd tegen seksisme in de academische wereld is gewoon geen prioriteit. Er is niet alleen lef maar ook geld nodig om het aan te pakken. Een hele generatie vrouwen is overgeslagen bij benoemingen. Als je dat wilt goedmaken, moet je ofwel enkele jaren geen mannen meer benoemen en promoveren, ofwel moet je extra vacatures creëren. Geen van beide zit erin, vrees ik.' Momenteel hebben alle Vlaamse universiteiten samen maar één masteropleiding genderstudies. Konijnendijk: 'Ook dat beperkte aanbod hindert de strijd tegen seksisme aan de universiteit, want zulke masters creëren een bewustwording, en zorgen ervoor dat informatie over het fenomeen sneller ingang vindt.' Universiteiten in Groot-Brittannië staan veel verder. De overheid besliste er enkele jaren geleden om een kwaliteitslabel in te voeren dat de vrouw(on)vriendelijkheid van de universiteiten meet. In het begin werd er weinig aandacht aan geschonken, tot enkele belangrijke geldschieters beslisten om alleen nog universiteiten of opleidingen te financieren die minstens een 'zilveren score' behaalden. 'Toen zijn de meeste rectoren in actie gekomen. Het bewijst nog eens dat als er geld in het geding is de zaken wel kunnen veranderen. De Vlaamse overheid zou dit systeem moeten overwegen, mits er duidelijke objectieve criteria opgesteld worden waaraan onze universiteiten moeten beantwoorden.' Cathérine Ongenae (red.), #Seksisme - Nee, wij overdrijven niet', Uitgeverij Polis, 172 blz., € 19,95