Elena Milashina werkt al twintig jaar als journaliste voor de Russische krant Novaya Gazeta. Ze verwierf faam met haar onderzoek naar de duikboot Koersk (die in 2000 in de Barentszzee zonk), de gijzeling van een schooltje in Beslan (in 2004, waarbij meer dan driehonderd doden vielen) en haar berichtgeving over de Russisch-Georgische oorlog. Met haar publicaties over Tsjetsjenië zet Milashina bovendien het werk voort van Anna Politkovskaja, de Russische journaliste die in 2006 werd vermoord.

Journalisten Rudi Vranckx en Elena Milashina kregen een ULB/VUB-eredoctoraat. © Marie-Flore Primez / Emma Roza Dries

Op de Werelddag van de Persvrijheid reikten de VUB en ULB een eredoctoraat uit aan Milashina. Net voor de ceremonie in Bozar sprak Knack met de Russische onderzoeksjournaliste

Wat betekent dit eredoctoraat voor u?

Elena Milashina: Het helpt ons werk vooruit want het biedt bescherming, en het toont het vertrouwen in onze kleine Russische krant. Novaya Gazeta, opgericht in 1993, is een van de weinige onafhankelijke Russische printmedia die nog overblijven. We zijn met ongeveer vijftig journalisten, publiceren drie keer per week op ruim 300.000 exemplaren en berichten natuurlijk ook online. Ons publiek is kritisch, jong en hoogopgeleid.

Novaya Gazeta publiceerde in de Panama Papers en Troika Laundromat onthullingen over de entourage van president Poetin. Toch laat het Kremlin uw boeken niet sluiten. Waarom?

Milashina: Soms vragen we ons dat ook af. Waarschijnlijk ligt het aan de manier waarop we onszelf positioneren. We zijn géén oppositiekrant en noemen onszelf ook niet zo. We doen aan klassieke journalistiek, we bekritiseren wat er fout loopt in Rusland. We strijden niet tegen een bepaalde partij en kiezen geen kant in een conflict. We proberen een discussie op gang te brengen.

Toch heeft Novaya Gazeta moeilijke tijden doorgemaakt. In 2006 werd Anna Politkovskaja vermoord.

Milashina: En zij was niet de enige. Ook vijf andere collega's van mij zijn vermoord, vanwege hun journalistieke werk. Toch blijven we doorgaan.

Een groot probleem in Rusland is dat misdaden tegen journalisten - ook de moorden - niet worden onderzocht. Ook ik kreeg af te rekenen met bedreigingen en aanvallen. Daarom heb ik vorig jaar een klacht tegen Rusland ingediend bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. De Russische regering beschermt journalisten niet en gebruikt bedreigingen en aanvallen tegen journalisten als een manier om de vrijheid van meningsuiting onder druk te zetten. Nu wachten we op een beslissing van het Europees Hof: zal het deze zaak opnemen?

U bent niet alleen bedreigd, maar ook al fysiek aangepakt.

Milashina: In 2012 ben ik in Moskou op straat in elkaar geslagen. Ook die zaak is nooit grondig onderzocht. Twee onschuldigen zijn toen voor de rechter gebracht. In die tijd werkte ik aan een gevoelig onderzoek naar een drugsspeurder van de politie die zelf betrapt was met drugs.

Sinds dat voorval ben ik nog vaak bedreigd. De ergste keer was in april 2017, nadat ik in Novaya Gazeta een artikel had gepubliceerd over de vervolging van homoseksuelen in Tsjetsjenië. Na de publicatie bracht de Tsjetsjeense regering 20.000 mensen samen in de belangrijkste moskee van Tsjetsjenië en riep ze op tot een jihad tegen de hele redactie van Novaya Gazeta. Ik moest uit veiligheidsoverwegingen het land verlaten en ben dan een paar maanden in Istanbul ondergedoken.

In de twee jaar na het artikel zijn trouwens meer dan 150 holebi's uit Tsjetsjenië en Rusland kunnen wegvluchten. Officieel is het in Tsjetsjenië geen misdaad om homo te zijn - de wetgeving is dezelfde als in Rusland - maar in de ogen van de Tsjetsjeense overheid is het dat wél. 'Homo's moeten gedood worden.'

Het zou voor ons in Rusland al een grote hulp zijn als Europa voor zijn eigen waarden blijft opkomen.

Toen de hele redactie van Novaya Gazeta bedreigd werd, kwam het Kremlin wel tussenbeide.

Milashina: Het was niet de eerste keer dat het Kremlin Tsjetsjeens president Ramzan Kadyrov moest tegenhouden omdat hij iets tegen Novaya Gazeta wou ondernemen. Poetin riep Kadyrov naar Moskou en vroeg hem om zijn media-acties stop te zetten.

Heeft Poetin Kadyrov nog onder controle?

Milashina: Kadyrov kan zich veel permitteren -- de hele Tsjetsjeense overheid kan dat trouwens. Je kunt hen maar niet voor de rechtbank brengen. Dat is het contract tussen Kadyrov en het Kremlin: hij geniet volledige straffeloosheid. Binnen Tsjetsjenië althans. Daarom was ik ook niet verbaasd over de Tsjetsjeense campagne tegen holebi's. Zij waren gewoon het zoveelste doelwit voor Kadyrov en zijn entourage in Tsjetsjenië. Iedereen kan er slachtoffer worden van kidnapping, marteling en moord.

Kadyrov komt overal mee weg omdat hij voor Poetin een medestrijder is tegen bedreigingen zoals separatisme, terrorisme en islamisme in Tsjetsjenië. Alle middelen zijn toegelaten.

Wat zijn de gevoeligste thema's in Rusland vandaag? Waarover kun je als journalist maar beter niet schrijven?

Milashina: Dat weet je nooit. Corruptie misschien, al blijven veel journalisten erover schrijven. Alles waarbij de geheime dienst FSB is betrokken, ligt erg gevoelig.

En de moordpoging op de Russische ex-spion Sergej Skripal?

Milashina: Journalisten schrijven erover, maar je weet nooit wanneer je ervoor kunt worden gestraft. Wij schrijven over dat soort thema's. Maar je weet nooit waarom en hoe ze beslissen om je aan te vallen.

Wat kan Europa doen om de persvrijheid in Rusland te helpen verdedigen?

Milashina: Europa moet zijn eigen waarden blijven verdedigen. De voorbije jaren merk je in Europa een angstaanjagende toename van nationalisme. Je zag ook hoe makkelijk Europeanen hun regeringen toelieten om vrijheden uit te hollen onder het mom van de strijd tegen terrorisme. Dat is beangstigend. In Rusland weten we hoe dat allemaal kan eindigen. Het zou voor ons in Rusland al een grote hulp zijn als Europa voor zijn eigen waarden blijft opkomen.