Midden december besliste de Brusselse kortgedingrechter dat tien kinderen van Syriëstrijders consulaire bijstand en identiteits-, administratieve of reisdocumenten moesten krijgen zodat ze onder begeleiding naar België konden reizen. Hun ouders krijgen die bijstand en documenten niet. Volgens de kortgedingrechter kunnen de ouders daarom geen beroep doen omdat ze zich uit eigen beweging in een conflictzone hadden begeven. De rechtbank gaf de regering zes weken de tijd om het vonnis uit te voeren, zoniet moet de staat 5.000 euro dwangsom betalen per dag vertraging. De regering tekende aanvankelijk geen beroep aan en liet onderzoeken hoe aan het vonnis tegemoet gekomen kon worden. Intussen is een diplomaat naar Irak gestuurd met doorgangsbewijzen voor de kinderen, maar een ontmoeting met de kinderen in Syrië is nog niet gelukt. Belgische militairen - die nodig zijn om het diplomatiek personeel te beveiligen - mogen niet op Syrisch grondgebied. De Syrisch-Koerdische autoriteiten willen de ontmoeting met de kinderen echter enkel organiseren in Syrië zelf, zei Wilmès. Als het standpunt van de Syrisch-Koerdische autoriteiten niet wijzigt, zal ons land de diplomatieke inspanningen opdrijven, zei de premier nog. Minister van Buitenlandse Zaken David Goffin zou binnenkort een bezoek aan de regio brengen. De ouders van de kinderen hebben intussen zelf beroep aangetekend tegen het vonnis. Ze vechten het deel van de uitspraak aan dat stelt dat de ouders geen consulaire bijstand en documenten moeten krijgen. De regering heeft daarop beslist om "incidenteel beroep" (tegenberoep) in te stellen en ook de dwangsommen aan te vechten, zei premier Wilmès na vragen in de Kamer. De regering wil voor de rechtbank bewijzen dat alles in het werk is gesteld om aan het vonnis tegemoet te komen. Dwangsommen zijn er dus nog niet betaald. N-VA, Vlaams Belang en Jean-Marie Dedecker hebben kritiek op de manier waarop de regering de zaak aanpakt. "Het is vreemd dat u weken nadat u beslist hebt niet in beroep te gaan ineens wel in beroep gaat", zei Peter De Roover (N-VA). "Als u niet in staat bent de lopende zaken te beredderen, wat zit u hier dan nog te doen?" "Als u die kinderen naar hier haalt, wat gaat andere Syriëstrijders tegenhouden om hetzelfde te doen?" zei Barbara Pas (Vlaams Belang). (Belga)

Midden december besliste de Brusselse kortgedingrechter dat tien kinderen van Syriëstrijders consulaire bijstand en identiteits-, administratieve of reisdocumenten moesten krijgen zodat ze onder begeleiding naar België konden reizen. Hun ouders krijgen die bijstand en documenten niet. Volgens de kortgedingrechter kunnen de ouders daarom geen beroep doen omdat ze zich uit eigen beweging in een conflictzone hadden begeven. De rechtbank gaf de regering zes weken de tijd om het vonnis uit te voeren, zoniet moet de staat 5.000 euro dwangsom betalen per dag vertraging. De regering tekende aanvankelijk geen beroep aan en liet onderzoeken hoe aan het vonnis tegemoet gekomen kon worden. Intussen is een diplomaat naar Irak gestuurd met doorgangsbewijzen voor de kinderen, maar een ontmoeting met de kinderen in Syrië is nog niet gelukt. Belgische militairen - die nodig zijn om het diplomatiek personeel te beveiligen - mogen niet op Syrisch grondgebied. De Syrisch-Koerdische autoriteiten willen de ontmoeting met de kinderen echter enkel organiseren in Syrië zelf, zei Wilmès. Als het standpunt van de Syrisch-Koerdische autoriteiten niet wijzigt, zal ons land de diplomatieke inspanningen opdrijven, zei de premier nog. Minister van Buitenlandse Zaken David Goffin zou binnenkort een bezoek aan de regio brengen. De ouders van de kinderen hebben intussen zelf beroep aangetekend tegen het vonnis. Ze vechten het deel van de uitspraak aan dat stelt dat de ouders geen consulaire bijstand en documenten moeten krijgen. De regering heeft daarop beslist om "incidenteel beroep" (tegenberoep) in te stellen en ook de dwangsommen aan te vechten, zei premier Wilmès na vragen in de Kamer. De regering wil voor de rechtbank bewijzen dat alles in het werk is gesteld om aan het vonnis tegemoet te komen. Dwangsommen zijn er dus nog niet betaald. N-VA, Vlaams Belang en Jean-Marie Dedecker hebben kritiek op de manier waarop de regering de zaak aanpakt. "Het is vreemd dat u weken nadat u beslist hebt niet in beroep te gaan ineens wel in beroep gaat", zei Peter De Roover (N-VA). "Als u niet in staat bent de lopende zaken te beredderen, wat zit u hier dan nog te doen?" "Als u die kinderen naar hier haalt, wat gaat andere Syriëstrijders tegenhouden om hetzelfde te doen?" zei Barbara Pas (Vlaams Belang). (Belga)