Natuurlijk wil de overgrote, niet-xenofobe meerderheid van de Vlamingen het politiek succes van het Vlaams Belang zo klein mogelijk houden. Niet voor niets houdt het cordon sanitaire, het protocol waarbij de democratische partijen overeenkwamen nooit politieke afspraken of bestuursakkoorden met het Vlaams Blok af te sluiten, al 24 jaar stand.

De veroordeling van het Vlaams Blok tot een verboden racistische organisatie door het toenmalige Hof van Cassatie van Brussel in 2004 en het vervellen van de partij tot het iets minder expliciet racistische Vlaams Belang, geeft ook aan dat rassenhaat in onze samenleving niet wordt getolereerd.

Racisme op internet: 'Wat is politiek het juiste antwoord op deze balorige kiezers?'

Toch is het een ongemakkelijke waarheid dat de kloof tussen politici en magistratuur, die racisme uitdrukkelijk en juridisch veroordelen en dat deel van de burgers met een afkeer voor vreemdelingen, niet kleiner is geworden dan 30 jaar geleden. De walgelijke reacties op sociale media op de dood van de 15-jarige Ramzi Mohammad Kaddouri zijn heel vergelijkbaar met uitlatingen die we eind jaren '80 in een reportage van de BRT over racisme in de Antwerpse Seefhoek te verduren kregen.

Na een hele reeks scheldwoorden en stereotyperingen over vreemdelingen besluit de man die aan het woord gelaten wordt in minuut 2:48 dat de enige oplossing, de gaskamers van Hitler zouden zijn. Dit verschilt niet erg van uitspraken op sociale media dat men had gehoopt dat er nog meer personen van allochtone origine zouden omgekomen zijn op die quad. Alleen krijgen vertolkers van deze ranzige meningen op sociale media een megafoon waarmee ze, veilig van achter hun computer en in de illusie van een zekere anonimiteit, meer dan in het verleden uiting geven aan die onderbuikgevoelens.

Moedgevend zijn de afwijzende reacties, uit politieke maar ook andere hoeken. De ondertoon bij velen is: het is genoeg geweest, ça suffit. Men wil niet geassocieerd worden met dat deel van de bevolking dat zich hieraan schuldig maakt; men wil in een eventuele tempore suspecto niet hoeven te zeggen - en ik besef dat ik me met deze woorden op zeer glad ijs begeef -, wir haben es nicht gewusst.

'Het is dus dansen op een slappe koord: erkennen dat angsten en buikgevoelens van mensen normaal zijn in deze tijden waarbij vluchtelingenstromen en terreuraanslagen zich jammer genoeg en per toeval in hetzelfde tijdsslot afspelen, maar tegelijkertijd leiderschap tonen.'

Maar vanuit het beleid wordt terecht ook de vraag gesteld: wat is politiek het juiste antwoord op deze weerbarstige denkbeelden, deze balorige kiezers? Wie al te expliciet en vermanend de vinger heft en stelt dat dit wereldbeeld onaanvaardbaar is, loopt het risico bij de volgende verkiezingen de pandoering van zijn leven te krijgen.

Het is dus dansen op een slappe koord: erkennen dat angsten en buikgevoelens van mensen normaal zijn in deze tijden waarbij vluchtelingenstromen en terreuraanslagen zich jammer genoeg en per toeval in hetzelfde tijdsslot afspelen, maar tegelijkertijd leiderschap tonen: wir schaffen das. Politici zijn aangeduid om verder te kijken dan wat de gemiddelde kiezer op dat moment al kan zien.

Net daar loopt het bij N-VA spaak. Slechte peilingen en de terugloop van het xenofobe electoraat naar het Vlaams Belang, zijn schatplichtig aan de sfeerscheppende voorstellen van Bart De Wever omtrent het inperken van de vrijheid van meningsuiting (voor moslims), het naar voor schuiven van het verbod op onverdoofd slachten als sine qua non voor de toetreding tot een volgende regering in 2019, de laster aan het adres van een aantal van mijn partijgenoten als zouden het onrustwekkende aanhangers zijn van een radicale islam.

Xenofobie in de diepvriezer

Theo Francken, N-VA staatssecretaris voor asiel en migratie, voert een correct beleid waar het onderbuikelectoraat van N-VA geen genoegen mee neemt. Als de staatssecretaris binnen de regering dan al eens voorstellen op tafel zou leggen die te veel naar die ranzige rand neigen, zijn er de coalitiepartners om hem daarin bij te sturen.

Toch lopen we als samenleving het risico dat zijn partij de staatssecretaris richting een nog harder lijn zal stuwen, als peilingen negatief blijven uitvallen en men het VB-publiek beter wil dienen. Op dat ogenblik krijgen kiezers, die dankzij het cordon sanitaire rond het Vlaams Belang al 30 jaar beleidsmatig monddood zijn gemaakt, democratisch inspraak in de maatregelen die de politiek moet nemen.

Het is echter essentieel dat dit soort xenofobe opvattingen en hun inspraak in het beleid, veilig in de diepvriezer blijven; de geschiedenis heeft dat aangetoond. Paradoxaal genoeg hebben we er dus collectief belang bij dat racistische kiezers binnen het cordon sanitaire van het Vlaams Belang blijven, en niet bij de democratische partij N-VA.

Natuurlijk wil de overgrote, niet-xenofobe meerderheid van de Vlamingen het politiek succes van het Vlaams Belang zo klein mogelijk houden. Niet voor niets houdt het cordon sanitaire, het protocol waarbij de democratische partijen overeenkwamen nooit politieke afspraken of bestuursakkoorden met het Vlaams Blok af te sluiten, al 24 jaar stand. De veroordeling van het Vlaams Blok tot een verboden racistische organisatie door het toenmalige Hof van Cassatie van Brussel in 2004 en het vervellen van de partij tot het iets minder expliciet racistische Vlaams Belang, geeft ook aan dat rassenhaat in onze samenleving niet wordt getolereerd.Toch is het een ongemakkelijke waarheid dat de kloof tussen politici en magistratuur, die racisme uitdrukkelijk en juridisch veroordelen en dat deel van de burgers met een afkeer voor vreemdelingen, niet kleiner is geworden dan 30 jaar geleden. De walgelijke reacties op sociale media op de dood van de 15-jarige Ramzi Mohammad Kaddouri zijn heel vergelijkbaar met uitlatingen die we eind jaren '80 in een reportage van de BRT over racisme in de Antwerpse Seefhoek te verduren kregen. Na een hele reeks scheldwoorden en stereotyperingen over vreemdelingen besluit de man die aan het woord gelaten wordt in minuut 2:48 dat de enige oplossing, de gaskamers van Hitler zouden zijn. Dit verschilt niet erg van uitspraken op sociale media dat men had gehoopt dat er nog meer personen van allochtone origine zouden omgekomen zijn op die quad. Alleen krijgen vertolkers van deze ranzige meningen op sociale media een megafoon waarmee ze, veilig van achter hun computer en in de illusie van een zekere anonimiteit, meer dan in het verleden uiting geven aan die onderbuikgevoelens.Moedgevend zijn de afwijzende reacties, uit politieke maar ook andere hoeken. De ondertoon bij velen is: het is genoeg geweest, ça suffit. Men wil niet geassocieerd worden met dat deel van de bevolking dat zich hieraan schuldig maakt; men wil in een eventuele tempore suspecto niet hoeven te zeggen - en ik besef dat ik me met deze woorden op zeer glad ijs begeef -, wir haben es nicht gewusst.Maar vanuit het beleid wordt terecht ook de vraag gesteld: wat is politiek het juiste antwoord op deze weerbarstige denkbeelden, deze balorige kiezers? Wie al te expliciet en vermanend de vinger heft en stelt dat dit wereldbeeld onaanvaardbaar is, loopt het risico bij de volgende verkiezingen de pandoering van zijn leven te krijgen. Het is dus dansen op een slappe koord: erkennen dat angsten en buikgevoelens van mensen normaal zijn in deze tijden waarbij vluchtelingenstromen en terreuraanslagen zich jammer genoeg en per toeval in hetzelfde tijdsslot afspelen, maar tegelijkertijd leiderschap tonen: wir schaffen das. Politici zijn aangeduid om verder te kijken dan wat de gemiddelde kiezer op dat moment al kan zien.Net daar loopt het bij N-VA spaak. Slechte peilingen en de terugloop van het xenofobe electoraat naar het Vlaams Belang, zijn schatplichtig aan de sfeerscheppende voorstellen van Bart De Wever omtrent het inperken van de vrijheid van meningsuiting (voor moslims), het naar voor schuiven van het verbod op onverdoofd slachten als sine qua non voor de toetreding tot een volgende regering in 2019, de laster aan het adres van een aantal van mijn partijgenoten als zouden het onrustwekkende aanhangers zijn van een radicale islam.Theo Francken, N-VA staatssecretaris voor asiel en migratie, voert een correct beleid waar het onderbuikelectoraat van N-VA geen genoegen mee neemt. Als de staatssecretaris binnen de regering dan al eens voorstellen op tafel zou leggen die te veel naar die ranzige rand neigen, zijn er de coalitiepartners om hem daarin bij te sturen. Toch lopen we als samenleving het risico dat zijn partij de staatssecretaris richting een nog harder lijn zal stuwen, als peilingen negatief blijven uitvallen en men het VB-publiek beter wil dienen. Op dat ogenblik krijgen kiezers, die dankzij het cordon sanitaire rond het Vlaams Belang al 30 jaar beleidsmatig monddood zijn gemaakt, democratisch inspraak in de maatregelen die de politiek moet nemen.Het is echter essentieel dat dit soort xenofobe opvattingen en hun inspraak in het beleid, veilig in de diepvriezer blijven; de geschiedenis heeft dat aangetoond. Paradoxaal genoeg hebben we er dus collectief belang bij dat racistische kiezers binnen het cordon sanitaire van het Vlaams Belang blijven, en niet bij de democratische partij N-VA.