Waar gaat het arrest van de Raad van State over? In opdracht van Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Liesbeth Homans verstuurde de provinciegouverneur van Vlaams-Brabant in 2018 oproepingsprieven in het Nederlands in de Vlaamse faciliteitengemeenten rond Brussel. De Franstalige meerderheden in de gemeentebesturen van Sint-Genesius-Rode, Wezembeek-Oppem, Drogenbos en Linkebeek besloten hierop zelf ook oproepingsbrieven te versturen. Dit gebeurde in het Frans naar inwoners die zich hadden laten registreren om dergelijke documenten in het Frans te ontvangen. Dat was niet naar de zin van Homans. Volgens haar was die démarche strijdig met de Vlaamse taalwetgeving die volgens haar voorziet dat Franstaligen telkens opnieuw moeten vragen om een document in hun taal te ontvangen. De burgemeesters zijn het daar niet mee eens en verwijzen naar twee eerdere uitspraken waarin de Raad van State heeft gesteld dat Franstaligen maar één keer om de vier jaar moeten laten weten dat ze de documenten in hun taal willen ontvangen. Homans hield voet bij stuk en weigerde burgemeesters Pierre Rolin (Sint-Genesius-Rode), Frédéric Petit (Wezembeek-Oppem), Alexis Calmeyn (Drogenbos) en Yves Ghequiere (Linkebeek) te benoemen. De vier betrokkenen stapten daarop naar de Raad van State. Eerder raakte bekend dat de Nederlandstalige en Franstalige auditeur van de Raad van State de Raad adviseerden om de beslissing van Homans te vernietigen. De Raad van State volgt dat advies nu. Het rechtscollege herhaalt dat één aanvraag om de vier jaar volstaat. Franstaligen verplichten om elke keer opnieuw documenten in het Frans aan te vragen is een "onevenredige inperking" van de rechten van de randbewoners. "Een of andere vorm van registratie van de vier jaar geldende taalvoorkeur moet mogelijk zijn", zo staat in het arrest. De argumentatie van Homans dat de betrokkenen de Vlaamse taalwetgeving hebben overtreden en daardoor "niet over de morele eigenschappen en het morele gezag" zouden beschikken wordt door de Raad van State naar de prullenmand verwezen en ronduit bestempeld als "ondeugdelijk". De Raad van State gaat nog een stapje verder en neemt de stugge houding van de Vlaamse regering op de korrel. Zo verwijst ze niet alleen naar de eerdere eigen eerdere uitspraken uit 2014 en 2017 over de kwestie, maar ook dat ze die "sedertdien reeds meermaals in herinnering heeft gebracht". "De Vlaamse regering mag niet voorbijgaan aan die interpretatie", klinkt het. De uitspraak van de Raad van State betekent ook meteen dat de vier betrokken burgemeesters benoemd zijn. "De arresten waarbij de weigering tot benoeming van de voornoemde kandidaat-burgemeesters wordt tenietgedaan, hebben volgens de nieuwe gemeentewet automatisch de definitieve benoeming van de betrokkenen in het ambt van burgemeester tot gevolg", aldus de Raad van State. (Belga)