Artikel 48 van de grondwet schrijft voor dat parlementsleden zelf oordelen over klachten en mogelijke ­onregelmatigheden bij hun verkiezing. Ons land is daarmee een van de laatste landen waar het niet een onpartijdige instantie is die over verkiezingsbetwistingen oordeelt. Dat is ook nog het geval in Nederland, Italië en Denemarken. België riskeert zijn wetgeving te moeten aanpassen. Op 4 december behandelt het Europees Hof voor de Rechten van de Mens de zaak van de Frans­talige PVDA-politicus Germain Mugemangango. De huidige fractieleider in het Waals Parlement spande een zaak aan tegen België wegens schending van het recht op een eerlijk verkiezingsproces. Mugemangango trok bij de Waalse verkiezingen van 2014 de PVDA-lijst in de kieskring Charleroi. De uiterst linkse partij sprong met 7,3 procent vlot over de kiesdrempel, maar haalde veertien stemmen te weinig om - via lijstverbinding - een zetel te veroveren. Tegelijk waren 21.385 van de papieren stembiljetten ongeldig of blanco. Mugemangango diende bezwaar in bij het Waals Parlement wegens vermeende onregelmatigheden bij het tellen, en vroeg om de ongeldig verklaarde stemmen te hertellen. De bevoegde parlementaire commissie achtte de klacht gegrond, maar de voltallige assemblee verwierp de hertelling en keurde de geloofsbrieven goed. Beroep is niet mogelijk. "Andere parlementsleden hebben zelf een persoonlijk belang bij hun beoordeling", zegt Ivo Flachet, de advocaat van Mugemangango. "Als uit de hertelling zou gebleken zijn dat hij wel verkozen was, zou een aanwezige parlementair haar of zijn plaats verliezen. Hij werd het slachtoffer van het gebrek aan een eerlijke procedure." De kans is erg reëel dat het Hof die redenering volgt. De zaak is doorverwezen naar de Grote Kamer van het Hof, waar meer rechters zetelen. Dat gebeurt wanneer de zaak een ernstige vraag oproept over de interpretatie van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, of wanneer een mijlpaalarrest ­verwacht wordt. (Belga)