Het speciale hof van assisen zal gedurende vier dagen de veertien aanwezige beschuldigden ondervragen. Zes andere, waarvan vijf vermoedelijk dood zijn, worden bij verstek berecht. Het zal daarbij gaan over de persoonlijkheid van de beschuldigden en het leven dat ze leidden voor de aanslagen. "Het is een onvermijdelijke en essentiële fase van het proces", zegt Adrien Sorrentino, een van de advocaten van de verdediging. "Het lijkt ons kort op het eerste zicht", klinkt het bij Olivia Ronen en Martin Vettes, de advocaten van Salah Abdeslam. "We stellen ons ook vragen bij de beslissing om het religieuze aspect uit dit verhoor over hun levensloop te lichten. Het is een wezenlijk onderdeel van zijn persoonlijkheid." Salah Abdeslam, de enige overlevende van het commando van terreurgroep IS dat 130 dodelijke slachtoffers en honderden gewonden eiste, zal in deze fase evenmin gehoord worden over de "terroristische" misdaden waarvan hij beschuldigd wordt. Abdeslam riskeert daarvoor levenslang. Pas in januari bespreekt het speciale hof van assisen zijn rol bij de aanslagen. Sinds het begin van het proces op 8 september stelt de Franse Marokkaan van 32 jaar uit Sint-Jans-Molenbeek zich voor als "strijder van IS". Hij doorbrak zo zijn nagenoeg volledige stilzwijgen dat hij had volgehouden sinds zijn arrestatie in april 2016, na een klopjacht van vier maanden. Toen Abdeslam op vraag van assisenvoorzitter Jean-Louis Périès op 15 september een "korte" verklaring mocht afleggen, deed hij de rechtszaal verstijven. "We viseerden Frankrijk, burgers, maar het was niet persoonlijk. (Ex-president, nvdr) François Hollande kende de risico's toen hij IS in Syrië aanviel." Na Salah Abdeslam is het vandaag de beurt aan zijn jeugdvriend Mohamed Abrini, de "man met het hoedje" die verdacht wordt van de aanslagen in Brussel in maart 2016. Abrini liet zich nog maar één keer spontaan uit tijdens het proces, toen hij zijn ongenoegen uitte over de veiligheidsmaatregelen van de gendarmes. "Ik heb zin om met mijn vriend (Salah Abdeslam, red.) te praten", klaagde hij. Slechts twee beschuldigden uitten al "medelijden" voor de slachtoffers gedurende de getuigenissen van de burgerlijke partijen de voorbije vijf weken over de horror die plaatsvond op 13 november 2015. Het ging om Yassine Atar en Farid Kharkhach, die terechtstaan omdat ze in meer of mindere mate betrokken zouden geweest zijn bij de voorbereiding van de aanslagen. (Belga)

Het speciale hof van assisen zal gedurende vier dagen de veertien aanwezige beschuldigden ondervragen. Zes andere, waarvan vijf vermoedelijk dood zijn, worden bij verstek berecht. Het zal daarbij gaan over de persoonlijkheid van de beschuldigden en het leven dat ze leidden voor de aanslagen. "Het is een onvermijdelijke en essentiële fase van het proces", zegt Adrien Sorrentino, een van de advocaten van de verdediging. "Het lijkt ons kort op het eerste zicht", klinkt het bij Olivia Ronen en Martin Vettes, de advocaten van Salah Abdeslam. "We stellen ons ook vragen bij de beslissing om het religieuze aspect uit dit verhoor over hun levensloop te lichten. Het is een wezenlijk onderdeel van zijn persoonlijkheid." Salah Abdeslam, de enige overlevende van het commando van terreurgroep IS dat 130 dodelijke slachtoffers en honderden gewonden eiste, zal in deze fase evenmin gehoord worden over de "terroristische" misdaden waarvan hij beschuldigd wordt. Abdeslam riskeert daarvoor levenslang. Pas in januari bespreekt het speciale hof van assisen zijn rol bij de aanslagen. Sinds het begin van het proces op 8 september stelt de Franse Marokkaan van 32 jaar uit Sint-Jans-Molenbeek zich voor als "strijder van IS". Hij doorbrak zo zijn nagenoeg volledige stilzwijgen dat hij had volgehouden sinds zijn arrestatie in april 2016, na een klopjacht van vier maanden. Toen Abdeslam op vraag van assisenvoorzitter Jean-Louis Périès op 15 september een "korte" verklaring mocht afleggen, deed hij de rechtszaal verstijven. "We viseerden Frankrijk, burgers, maar het was niet persoonlijk. (Ex-president, nvdr) François Hollande kende de risico's toen hij IS in Syrië aanviel." Na Salah Abdeslam is het vandaag de beurt aan zijn jeugdvriend Mohamed Abrini, de "man met het hoedje" die verdacht wordt van de aanslagen in Brussel in maart 2016. Abrini liet zich nog maar één keer spontaan uit tijdens het proces, toen hij zijn ongenoegen uitte over de veiligheidsmaatregelen van de gendarmes. "Ik heb zin om met mijn vriend (Salah Abdeslam, red.) te praten", klaagde hij. Slechts twee beschuldigden uitten al "medelijden" voor de slachtoffers gedurende de getuigenissen van de burgerlijke partijen de voorbije vijf weken over de horror die plaatsvond op 13 november 2015. Het ging om Yassine Atar en Farid Kharkhach, die terechtstaan omdat ze in meer of mindere mate betrokken zouden geweest zijn bij de voorbereiding van de aanslagen. (Belga)