Midden 2014 kreeg de antiterreureenheid van de politie een tip binnen van iemand die dicht bij de familie staat van Salah en Brahim Abdeslam, twee van de daders van de dodelijke aanslagen in Parijs. De bron beweerde dat de twee broers een aanslag voorbereidden, en dat er contacten waren met Abedelhamid Abaaoud. Zo schrijft De Tijd.

De antiterreureenheid van de politie - waar ruim tien mensen op de hoogte waren - opende desondanks geen onderzoek. Dat gebeurde pas zes maanden later door de lokale politie van Molenbeek in februari 2015. De broers Abdeslam werden ondervraagd maar niet opgepakt wegens onvoldoende elementen. De federale politie oordeelde dat ze geen gevaar vormden.

In juni 2015 werd het dossier geklasseerd, enkele maanden later volgden de aanslagen in Parijs. Het Comité P, het orgaan dat de politie controleert, moet nu oordelen of er fouten zijn gemaakt. (Belga/TE)

Midden 2014 kreeg de antiterreureenheid van de politie een tip binnen van iemand die dicht bij de familie staat van Salah en Brahim Abdeslam, twee van de daders van de dodelijke aanslagen in Parijs. De bron beweerde dat de twee broers een aanslag voorbereidden, en dat er contacten waren met Abedelhamid Abaaoud. Zo schrijft De Tijd.De antiterreureenheid van de politie - waar ruim tien mensen op de hoogte waren - opende desondanks geen onderzoek. Dat gebeurde pas zes maanden later door de lokale politie van Molenbeek in februari 2015. De broers Abdeslam werden ondervraagd maar niet opgepakt wegens onvoldoende elementen. De federale politie oordeelde dat ze geen gevaar vormden. In juni 2015 werd het dossier geklasseerd, enkele maanden later volgden de aanslagen in Parijs. Het Comité P, het orgaan dat de politie controleert, moet nu oordelen of er fouten zijn gemaakt. (Belga/TE)