Als jongeman stond de Britse poëziekenner William Sieghart aan een kruispunt in Londen. Plots stak de man naast hem over en werd gegrepen door een auto. Hij lag bewusteloos op straat en Sieghart probeerde hem, samen met een andere voorbijganger, te reanimeren. Met succes. Maar nadien bleef Sieghart verdwaasd en met bebloede handen achter. Goed voor een klein trauma, ware het niet dat het gedicht Ambulances van Philip Larkin door zijn hoofd schoot. Als hij een kenner van de Nederlandstalige poëzie was geweest, had hij misschien troost gevonden in het Verjaardagsvers dat Herman de Coninck schreef voor zijn overleden vrouw ('En toen je naast de weg lag in de wei, / wat had je allemaal niet gebroken, / je benen, je ribben, je ogen, mij.'). Maar het werd dus Larkin. En vanaf dat moment werd Sieghart een overtuigd verspre...