De Opvoedingslijn kreeg vorig jaar 1.767 oproepen, of vijf meer dan in 2017. Er kwamen 1.267 telefonische oproepen binnen en 500 via mail. Het overgrote deel van de oproepen (66 procent) had betrekking op kinderen tussen 0 en 13 jaar. Twintig procent van de vragen ging over de leeftijdscategorie 13-17 jaar en 5 procent over zorgen met betrekking tot kinderen ouder dan 18 jaar. Zeven procent van de ouders belde over meerdere kinderen en in 2 procent van de gevallen is niet bekend over welke leeftijdscategorie de oproep ging. In de categorie 13-17 jaar en +18 kwamen er vooral vragen van ouders over agressief gedrag ("Hoe vermijd ik dat een kind uitvliegt zodra ik een grens stel?"), grenzen stellen ("Hoe kan ik bereiken dat mijn tiener doet wat ik vraag?") en het niet naar school willen, niet willen studeren of niet willen werken. "Bij 22 procent van de oproepen in deze categorie is het gevoel van onmacht bij ouders sterk aanwezig. Bij een derde van de oproepen gaat het om gewone puberteitsconflicten, maar bij twee derde neemt de machteloosheid toe", aldus Ilse De Block. Ouders reageren op twee mogelijke manieren. Ofwel loslaten omdat ze het gevoel hebben dat ze toch niets te zeggen hebben, ofwel vasthouden aan nog striktere grenzen. Ouders die kampen met een onmachtsgevoel, hebben angst om hun kind te verliezen of te kort te doen en angst voor conflicten. Daarnaast is er de druk die ouders voelen, dat ze het alleen moeten oplossen. De Opvoedingslijn zoekt samen met de ouders naar een oplossing. "De oplossing ligt in de relatie met je kind. Maak samen met je kind nieuwe afspraken, betrek het in de gesprekken. Onderschat kinderen niet", zegt De Block. "Eens kinderen een bepaalde leeftijd hebben kan je inderdaad veel dingen niet meer doen, maar je kan wel nog altijd ouder zijn", besluit ze. (Belga)

De Opvoedingslijn kreeg vorig jaar 1.767 oproepen, of vijf meer dan in 2017. Er kwamen 1.267 telefonische oproepen binnen en 500 via mail. Het overgrote deel van de oproepen (66 procent) had betrekking op kinderen tussen 0 en 13 jaar. Twintig procent van de vragen ging over de leeftijdscategorie 13-17 jaar en 5 procent over zorgen met betrekking tot kinderen ouder dan 18 jaar. Zeven procent van de ouders belde over meerdere kinderen en in 2 procent van de gevallen is niet bekend over welke leeftijdscategorie de oproep ging. In de categorie 13-17 jaar en +18 kwamen er vooral vragen van ouders over agressief gedrag ("Hoe vermijd ik dat een kind uitvliegt zodra ik een grens stel?"), grenzen stellen ("Hoe kan ik bereiken dat mijn tiener doet wat ik vraag?") en het niet naar school willen, niet willen studeren of niet willen werken. "Bij 22 procent van de oproepen in deze categorie is het gevoel van onmacht bij ouders sterk aanwezig. Bij een derde van de oproepen gaat het om gewone puberteitsconflicten, maar bij twee derde neemt de machteloosheid toe", aldus Ilse De Block. Ouders reageren op twee mogelijke manieren. Ofwel loslaten omdat ze het gevoel hebben dat ze toch niets te zeggen hebben, ofwel vasthouden aan nog striktere grenzen. Ouders die kampen met een onmachtsgevoel, hebben angst om hun kind te verliezen of te kort te doen en angst voor conflicten. Daarnaast is er de druk die ouders voelen, dat ze het alleen moeten oplossen. De Opvoedingslijn zoekt samen met de ouders naar een oplossing. "De oplossing ligt in de relatie met je kind. Maak samen met je kind nieuwe afspraken, betrek het in de gesprekken. Onderschat kinderen niet", zegt De Block. "Eens kinderen een bepaalde leeftijd hebben kan je inderdaad veel dingen niet meer doen, maar je kan wel nog altijd ouder zijn", besluit ze. (Belga)