"We zullen het nooit helemaal ervaren, maar kaarten zijn ramen die ons naar het verleden lokken." Zo schrijft cultuurhistoricus David Van Reybrouck in het voorwoord van het boek. De 100 kaarten nemen de lezer mee op een tijdreis van de veldtochten van Julius Caesar in Gallië tot de eerste staatshervorming van ons land in de jaren '70. Het boek werd gemaakt naar het model van "De geschiedenis van Nederland in 100 oude kaarten". De populaire Nederlandse voorganger ging al 20.000 keer over de toonbank. Nu mikt uitgeverij Lannoo op een Belgisch succes. De Standaard der Letteren noemde het werk alvast "verslavend". Historici Bram Vannieuwenhuyze en Philippe De Maeyer startten in 2016 het onderzoek, maar haalden al snel collega's Guy Vanthemsche en Michèle Galand aan boord. "Het was alsof het Ros Beiaard klaarstond om te vertrekken, maar de vier Heemskinderen waren nog niet compleet", grapt Vannieuwenhuyze op de boekvoorstelling. Hij verwijst vernuftig naar de folkloristische sage die de cover van het boek siert. Aan de hand van verschillende criteria zoals geografische spreiding en thematische waarde, selecteerden de vier experten 100 kaarten uit binnen- en buitenlandse archieven. Deze rijkelijk geïllustreerde kaarten spreken tot de verbeelding en laten de lezer proeven van het verleden. De auteurs becommentarieerden elke kaart en reiken handvaten in de tekst aan ter interpretatie. "Ons boek is geen geschiedenis van de cartografie, maar wanneer je erdoor bladert, krijgt je wel voeling met het vak", zegt Vannieuwenhuyze. Toch waarschuwt hij de lezer dat cartografie vooral vroeger, maar ook nu nog, een sterk elitair karakter heeft. "Via de kaarten krijgen we de wereldblik van een bepaalde elite te zien. In de bijhorende teksten probeerden we dit te nuanceren en belichten we de vaak minder fraaie aspecten van het verhaal." In het Mercatormuseum in Sint-Niklaas loopt nog tot 19 december een bijhorende expositie. (Belga)

"We zullen het nooit helemaal ervaren, maar kaarten zijn ramen die ons naar het verleden lokken." Zo schrijft cultuurhistoricus David Van Reybrouck in het voorwoord van het boek. De 100 kaarten nemen de lezer mee op een tijdreis van de veldtochten van Julius Caesar in Gallië tot de eerste staatshervorming van ons land in de jaren '70. Het boek werd gemaakt naar het model van "De geschiedenis van Nederland in 100 oude kaarten". De populaire Nederlandse voorganger ging al 20.000 keer over de toonbank. Nu mikt uitgeverij Lannoo op een Belgisch succes. De Standaard der Letteren noemde het werk alvast "verslavend". Historici Bram Vannieuwenhuyze en Philippe De Maeyer startten in 2016 het onderzoek, maar haalden al snel collega's Guy Vanthemsche en Michèle Galand aan boord. "Het was alsof het Ros Beiaard klaarstond om te vertrekken, maar de vier Heemskinderen waren nog niet compleet", grapt Vannieuwenhuyze op de boekvoorstelling. Hij verwijst vernuftig naar de folkloristische sage die de cover van het boek siert. Aan de hand van verschillende criteria zoals geografische spreiding en thematische waarde, selecteerden de vier experten 100 kaarten uit binnen- en buitenlandse archieven. Deze rijkelijk geïllustreerde kaarten spreken tot de verbeelding en laten de lezer proeven van het verleden. De auteurs becommentarieerden elke kaart en reiken handvaten in de tekst aan ter interpretatie. "Ons boek is geen geschiedenis van de cartografie, maar wanneer je erdoor bladert, krijgt je wel voeling met het vak", zegt Vannieuwenhuyze. Toch waarschuwt hij de lezer dat cartografie vooral vroeger, maar ook nu nog, een sterk elitair karakter heeft. "Via de kaarten krijgen we de wereldblik van een bepaalde elite te zien. In de bijhorende teksten probeerden we dit te nuanceren en belichten we de vaak minder fraaie aspecten van het verhaal." In het Mercatormuseum in Sint-Niklaas loopt nog tot 19 december een bijhorende expositie. (Belga)