Vorig jaar werkten er net geen 500.000 jongeren als jobstudent. Dat zijn er 62.000 minder dan in 2019 of een daling van 11 procent. De oorzaak: als een gevolg van de corona-epidemie moesten vanaf maart heel wat sectoren verplicht de deuren sluiten, hun activiteiten terugschroeven of overgaan op telewerk. Het aantal jobs daalde in het tweede kwartaal met 33 procent. In het derde kwartaal, dat is de zomer en traditioneel hét seizoen voor studentenjobs, was er een daling met 14 procent. Voor het vierde kwartaal zijn nog geen definitieve cijfers beschikbaar. Voorlopige cijfers wijzen op een daling van ongeveer 14 procent. Alle studenten samen werkten vorig jaar 96 miljoen uren. Dat zijn 7,9 miljoen uren (-7,6 procent) minder dan in 2019. In het tweede kwartaal was er een vermindering met 25 procent, in het derde met 4 procent, en in het vierde kwartaal ook met 5 procent (opnieuw gaat het hier om voorlopige cijfers). Het gemiddelde aantal gewerkte uren per student steeg: van 185 in 2019 naar 192 in 2020. Dat het aantal uren minder sterk daalt dan het aantal jobs, geeft volgens de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid aan dat vooral de kleinere studentenjobs (korte duur, beperkt aantal uren) er sterker op achteruit gingen. Dat komt omdat de evenementen en festivals niet konden doorgaan. In de horeca, een sector waar traditioneel veel studenten aan de slag zijn, daalde het aantal jobs tijdens de lockdowns het sterkst. In het tweede kwartaal was er een daling met 41.000 (-48 procent). In de zomer was de daling van het aantal jobs veel minder sterk (-13.500, -13,5 procent) en viel het aantal uren zelfs nauwelijks terug (-0,5 procent) Sommige sectoren deden het in 2020 beter. Het aantal gewerkte uren in 2020 steeg vooral in de handel (+1,8 miljoen uren) en de sector "gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening"(+1,4 miljoen uren). Ook in de land- en tuinbouw (+100.00 uren) en de bouwnijverheid (+230.000 uren) was er meer werk voor studenten. (Belga)

Vorig jaar werkten er net geen 500.000 jongeren als jobstudent. Dat zijn er 62.000 minder dan in 2019 of een daling van 11 procent. De oorzaak: als een gevolg van de corona-epidemie moesten vanaf maart heel wat sectoren verplicht de deuren sluiten, hun activiteiten terugschroeven of overgaan op telewerk. Het aantal jobs daalde in het tweede kwartaal met 33 procent. In het derde kwartaal, dat is de zomer en traditioneel hét seizoen voor studentenjobs, was er een daling met 14 procent. Voor het vierde kwartaal zijn nog geen definitieve cijfers beschikbaar. Voorlopige cijfers wijzen op een daling van ongeveer 14 procent. Alle studenten samen werkten vorig jaar 96 miljoen uren. Dat zijn 7,9 miljoen uren (-7,6 procent) minder dan in 2019. In het tweede kwartaal was er een vermindering met 25 procent, in het derde met 4 procent, en in het vierde kwartaal ook met 5 procent (opnieuw gaat het hier om voorlopige cijfers). Het gemiddelde aantal gewerkte uren per student steeg: van 185 in 2019 naar 192 in 2020. Dat het aantal uren minder sterk daalt dan het aantal jobs, geeft volgens de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid aan dat vooral de kleinere studentenjobs (korte duur, beperkt aantal uren) er sterker op achteruit gingen. Dat komt omdat de evenementen en festivals niet konden doorgaan. In de horeca, een sector waar traditioneel veel studenten aan de slag zijn, daalde het aantal jobs tijdens de lockdowns het sterkst. In het tweede kwartaal was er een daling met 41.000 (-48 procent). In de zomer was de daling van het aantal jobs veel minder sterk (-13.500, -13,5 procent) en viel het aantal uren zelfs nauwelijks terug (-0,5 procent) Sommige sectoren deden het in 2020 beter. Het aantal gewerkte uren in 2020 steeg vooral in de handel (+1,8 miljoen uren) en de sector "gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening"(+1,4 miljoen uren). Ook in de land- en tuinbouw (+100.00 uren) en de bouwnijverheid (+230.000 uren) was er meer werk voor studenten. (Belga)