Gisteren lanceerde 11.11.11 een opvallend filmpje van voormalig Europees president Herman Van Rompuy. Indrukwekkend is de spijt die hij toont over de Europese houding in de migratiecrisis van 2015. 'Hadden we niet meer moeten doen om Italië te helpen in 2014? En is het echt nodig dat er zoveel doden vallen vooraleer Europese landen solidair zijn met een ander land?'

Enkele maanden geleden leek migratie één van dé centrale vliegwielen te worden waarrond de verkiezingscampagnes zich zouden manoeuvreren. We kregen echter een onverwachte stilte na de hevige storm die leidde tot de val van de regering eind 2018. Het roept de vraag op of de partijstandpunten intussen gewijzigd zijn en met welke voorstellen de onderhandelaars de regeringsonderhandelingen zullen instappen, eens de teerling geworpen is. Zullen politici voorkomen dat ze op het einde van hun carrière met spijt terugkijken op het migratiebeleid? Het Knack-verkiezingsdebat over migratie van dinsdagavond was daarvoor alvast een interessante graadmeter met een paar opvallende politieke voorstellen.

Ook na verkiezingen laten partijen het migratiebeleid vooral over aan landen buiten Europa.

De uitbesteding van grensbewaking aan buitenlandse bedenkelijke regimes maakte het Europese migratiebeleid dodelijk efficiënt. Hoe sterk dat beleid is in het drukken van het aantal aankomsten in Europa, zo uitermate zwak is het in het bieden van bescherming aan mensen in nood en het aanpakken van de oorzaken waarom mensen moeten vertrekken. Nog steeds zitten tienduizenden vluchtelingen en migranten gekneld in hopeloze onveiligheids- en detentiesituaties in Libië en Niger. Zij die deze erbarmelijke omstandigheden proberen te ontvluchten, riskeren te verdrinken in de Middellandse Zee zonder dat een ngo- of EU-boot in de buurt is om hen te redden. Dit zou alarmbellen moeten doen rinkelen. Afgaande op de eerste beleidsvoorstellen van de partijen in deze verkiezingsperiode zien we echter dat ze koppig verder wandelen op de weg van het uitbesteden van het migratiebeleid. We nemen er de drie meest frappante voorstellen uit.

Pushbacks

Laat ons starten met het 'Australische model' van pushbacks dat door N-VA naar voor wordt geschoven. De Europese Commissie veegde dit voorstel reeds formeel van tafel: 'het terugsturen van asielzoekers naar een land waar hun leven of vrijheid bedreigd zou zijn is refoulement en is niet toegestaan onder Europees en Internationaal Recht'. Wie onderschept wordt op zee zou zijn of haar recht op asiel in Europa voorgoed verliezen volgens de N-VA. Een stevige uitholling van de Conventie van Genève én het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens, dat is waar dit voorstel voor staat. Voor partijen die tegelijk zoveel belang hechten aan onze waarden en normen, waar het mensenrechtenkader inherent deel van uit maakt, is dit een contradictio in terminis. Of het moet zijn dat mensenrechten niet universeel zijn.

Migratiecentra aan de EU-grenzen

Hoewel staatssecretaris Maggie De Block en haar voorganger Theo Francken het tijdens het debat opvallend vaak met elkaar eens waren, is het model dat ze voorstellen wel degelijk verschillend. Open VLD pleit niet voor pushbacks, maar wel voor migratiecentra op Europees grondgebied aan de EU-grenzen voor de afhandeling van alle asielaanvragen. Het recht op een asielaanvraag blijft dus behouden. Het voorstel komt neer op een versterking van de hotspotaanpak die nu al van toepassing is in Griekenland en Italië. Dit terwijl de huidige hotspotaanpak bezwaarlijk een succes genoemd kan worden. De Europese lidstaten slagen er niet in om tot een akkoord te komen over een evenwichtige spreiding. Op papier dus een interessante denkpiste, die echter vollédig voorbij gaat aan de schrijnende situatie van 10.000 mensen die op dit moment in mensonwaardige omstandigheden vastzitten in overvolle Griekse tentenkampen, door Human Rights Watch omschreven als openluchtgevangenissen.

Ook Wouter De Vriendt (Groen) kwam met een opvallende 'te onderzoeken' piste. De partij wil aanmeldcentra voor asielzoekers in de Spaanse enclaves Ceuta en Melilla in Noord-Afrika, waar ook mensen die opgepikt worden op de Middellandse Zee naartoe gebracht zouden worden. Het zou inderdaad een goede zaak zijn moesten vluchtelingen toegang krijgen tot het Europees grondgebied om een asielaanvraag in te dienen zónder de Middellandse Zee te moeten oversteken. Het lijkt echter onrealistisch dat Spanje met deze piste akkoord zal gaan. Maar het is vooral het overbrengen van mensen die op zee opgepikt worden dat de wenkbrauwen doet fronsen. Mensen die gered worden voor de kust van Libië zouden geen zeven dagen moeten varen, maar wel naar de dichtstbijzijnde veilige haven gebracht moeten worden.

Opvang in de regio

Tenslotte eentje dat terugkomt bij alle partijen in het politieke spectrum: het model van 'opvang in de regio'. Met 85% van de vluchtelingen die worden opgevangen in de regio is dit vandaag al meer norm dan uitzondering. De meeste partijen slagen er niet in om daar ook een financieel plan aan te koppelen met voorstellen rond integratie van vluchtelingen en het bijstaan van die landen in het uitwerken van volwaardige asielwetgeving, toegang tot de arbeidsmarkt of onderwijs. Zolang dát er niet is blijft het 'model van opvang in de regio' helaas niet meer dan een slogan.

Er is wel degelijk een alternatief

Het doet de indruk ontstaan dat er geen alternatief zou zijn voor een beleid dat enkel focust op het optrekken van grenzen en het uitbesteden van verantwoordelijkheden. Niets is minder waar. Vorige week lanceerde het middenveld het voorstel om een versnelling hoger te schakelen in de hervestiging van vluchtelingen uit de regio. Met 8.085 plaatsen gespreid over drie jaar leggen we een voor België ambitieus maar realistisch quotum op tafel én cruciaal om een antwoord te bieden op de nood aan legale toegangswegen. Eerder deden we dat onder meer met voorstellen rond arbeidsmigratie die ook toegang biedt aan praktisch geschoolden en rond de opvang van vluchtelingen in de buurlanden van Syrië. Kleine stappen die nodig zijn om de vraag naar mensensmokkel tegen te gaan en te tonen dat het mogelijk is een gecontroleerd migratiebeleid te voeren.

Een grote stap die echter nodig is voor échte vooruitgang is deze van een harmonisering van het interne Europese asielsysteem en afspraken over een evenwichtige verdeling van de asielaanvragen over de verschillende lidstaten. Hoe kan je verantwoorden dat de gemiddelde erkenningsgraad voor Afghanen in Europese lidstaten varieert van 6% in het ene tot 98% in het andere land? Zelfs voor Syriërs verschilt die van 27% tot 100%. Deze asielloterij is onhoudbaar. En uiteindelijk is de énige duurzame oplossing het handhaven van de beschermingsstandaarden in Europa en ze uit te breiden naar de landen daarbuiten. Alleen zo worden de lasten over verschillende schouders verdeeld en zal de druk op Europa ook op een duurzame manier verminderen.

Net daarom is het belangrijk dat België voorop loopt in de multilaterale aanpak van migratie en volle medewerking verleent aan de uitwerking van het VN-Migratiepact. Laat de partijen die nog geloven in internationale samenwerking daar een breekpunt van maken tijdens de regeringsonderhandelingen. Zodat we effectief een migratiebeleid uitwerken waar we ons niet voor hoeven schamen.