'Onlinelessen volgen tijdens de coronacrisis is eigenlijk niet anders,' zegt de 23-jarige Fajr. Ze zit in haar laatste masterjaar Sociaal-Economische Wetenschappen aan de Universiteit van Antwerpen. 'De docenten geven op dezelfde manier les als in een aula. Alleen is nu alles op voorhand opgenomen.'
...

'Onlinelessen volgen tijdens de coronacrisis is eigenlijk niet anders,' zegt de 23-jarige Fajr. Ze zit in haar laatste masterjaar Sociaal-Economische Wetenschappen aan de Universiteit van Antwerpen. 'De docenten geven op dezelfde manier les als in een aula. Alleen is nu alles op voorhand opgenomen.' Fajr kon de lessen al digitaal volgen voor de coronacrisis. 'We moesten niet verplicht aanwezig zijn in de aula. We konden ook de opgenomen video's van de hoorcolleges herbekijken thuis,' legt ze uit. 'Maar dat probeerde ik altijd te vermijden. Na een tijdje heb je een hele reeks verzameld die je moet inhalen. Tijdens de lockdown heb ik geen andere keuze en moet ik wel opnames bekijken op mijn laptop.'Ze heeft bedenkingen bij het online onderwijs. 'Er worden maatregelen genomen om het virus tegen te gaan. Tijdens de examens zitten we met afstand van elkaar, moeten we een mondmasker dragen en is er een aparte in- en uitgang. Maar de lessen blijven gewoon zoals voordien. Ze zijn afstandelijk en er is weinig interactie,' zegt Fajr. 'Ik heb van vrienden opgevangen dat er aan de hogeschool meer aandacht is voor het welzijn van de studenten. Dat heeft misschien te maken met het type onderwijs. Dat de universiteit sowieso wat afstandelijker is,' denkt ze. Fajr vindt dat de onlinelessen anders mogen. 'Ze kunnen voor meer interactie zorgen tussen de student en docent, of tussen de studenten onder elkaar,' zegt ze. 'Er is wel een chatbox op het leerplatform van de universiteit waar we vragen stellen aan elkaar. Maar ik merk niet veel cohesie meer in onze studentengroep.' 'Ik vind het best moeilijk om de onlinelessen te volgen,' zegt de 22-jarige Achraf. Hij volgt de opleiding business en ondernemen aan de hogeschool Thomas More. Daarnaast heeft hij een eigen pizzeria. De verschillen vindt Achraf ingewikkeld. 'Elke docent pakt het anders aan. Sommigen geven live lessen, andere posten gewoon video's op het leerplatform. Bij anderen moeten we de leerstof volledig alleen verwerken. Als we een vraag hebben, moeten we een mail sturen voor extra uitleg,' vertelt hij.Op dit moment mist Achraf vooral de interactie met andere studenten. 'Ik mis het om naar de klas te gaan, om met mijn vrienden te praten en grapjes te maken,' legt hij uit. 'Daarom vind ik de onlinelessen waar interactie is onder elkaar het fijnst om te volgen. We krijgen bijvoorbeeld op voorhand een taak die we dan met elkaar bespreken.'Lees verder onder de foto'Laten we eerlijk zijn. De docenten geven niet goed les tijdens de coronacrisis.' Dat verwijt Achraf de docenten niet. 'Ik kan me voorstellen dat heel wat docenten niet voorbereid waren om helemaal online te gaan,' vertelt hij. 'Ik zou dat zelf ook niet kunnen. Ook al ben ik van de generatie Z en ben ik opgegroeid met sociale media,' zegt hij. 'Bij sommige docenten verliep het nog best goed, maar er waren ook docenten waarbij het op niet veel trok. Er was geen duidelijkheid en interactie. Terwijl dat ik dat wel nodig had.'De onlinelessen hebben toch heel wat voordelen voor Achraf. 'Ik moest niet meer naar de campus in Geel of Antwerpen pendelen. Dat kost veel tijd. Het zijn uren die ik nu kan spenderen aan andere activiteiten.' Na de crisis zullen de docenten terug overgaan naar gewoon onderwijs in de aula. 'Ik hoop dat we sommige onderdelen van het online onderwijs behouden,' vertelt Achraf. 'We moeten de voordelen gebruiken, maar het mag het reguliere onderwijs niet vervangen. Ik zie digitale lessen eerder als een hulpmiddel dat voor nieuwe mogelijkheden zorgt.' Hij illustreert met een voorbeeld. 'Niet iedereen kan een kot betalen. Door digitale lessen aan te bieden, kunnen sommige jongeren wel een studierichting naar wens volgen in een stad verder weg van hun woonplaats.''Helaas zijn er nog docenten die letterlijk hun powerpoints aflezen,' getuigt de 19-jarige Oriane. Ze studeert geschiedenis en filosofie aan de Katholieke Universiteit Leuven. 'Anderen doen meer moeite en passen zich aan. Zelf heb ik het gevoel dat het heel afhankelijk is van de persoon in kwestie.' 'Onlinelessen zijn gewoon niet hetzelfde als lessen op de campus,' vindt ze. 'Meer dan anders moet je de leerstof op je eigen verwerken.' Bovendien is de studiebegeleiding minder toegankelijk. 'Je moet op voorhand een afspraak maken, terwijl je ervoor gewoon kon binnenwandelen. Zo gebeurt het dat je vastzit en moet wachten voor iets dan anders direct opgelost wordt.'Onderwijssocioloog Orhan Agirdag geeft extra uitleg. 'Docenten bootsen klassiek onderwijs na met opnames, maar het is niet de juiste manier van online lesgeven,' zegt hij. Orhan Agirdag doceert aan de Katholieke Universiteit Leuven en de Universiteit van Amsterdam. Het is moeilijk voor studenten om zo lang te focussen. 'Bij online onderwijs maak je gebruik van korte clips en interactieve tools. Door de coronacrisis moest het onderwijs plots snel omschakelen. Dus is er een noodoplossing gevonden met lange opnames die dan online worden geplaatst.' Maar degelijk digitaal onderwijs vraagt een andere manier van lesgeven. 'Je hebt een professioneel team nodig, een opnamestudio, een design voor de cursus,' legt Agirdag uit. 'Normaal gezien heb je minstens een jaar tijd nodig om een online cursus op te stellen, als het al niet langer is.' In Nederland ziet hij een andere mentaliteit bij de studenten. 'Ik ben sneller geneigd om een interactieve college in Nederland te geven dan in Vlaanderen,' zegt Agirdag. 'Ik merk als docent dat Nederlandse studenten daar meer open voor staan. Daardoor zijn er ook nieuwe mogelijkheden. Ik ga veel minder de interactie opzoeken als de studenten daar geen zin in hebben.''De coronacrisis heeft ons geleerd dat online onderwijs zal blijven bestaan,' zegt Agirdag. 'We mogen niet in de valkuil trappen van snel in elkaar geflanste opnames. Dat is een noodoplossing, maar het is op lange termijn geen kwaliteitsvol onderwijs.' De instellingen moet docenten ondersteunen bij het online onderwijs. 'Dat betekent dat iemand de docent mee begeleidt in het ontwerpen van opnames en lessen,' legt hij uit. 'Dat je docenten aanleert wat je best online doet en wat niet. Je kunt van docenten niet verwachten dat ze zowel de inhoud goed kennen en al meteen weg zijn met alle nieuwe digitale tools.' Heel wat studenten hebben nu negatieve ervaringen met onlinelessen. 'In het hoger onderwijs zie je dat studenten het psychologisch moeilijk hebben', vertelt Agirdag. 'Ze voelen zich eenzaam, kampen met depressies of een burn-out. Maar de schuld ligt niet aan het digitaal onderwijs. Het heeft met de crisis zelf te maken.'