Clusterbommen zijn wapens die enkele honderden kleinere bommen bevatten. Die zogenoemde clustermunitie wordt over een grote oppervlakte verspreid en komt onvermijdelijk terecht in gebieden waar burgers wonen. Het Verdrag van Oslo, dat sinds 1 augustus 2010 van kracht is, verbiedt het gebruik van clusterwapens. Momenteel telt het Verdrag 110 partijen en 13 ondertekenende staten. Uit het verslag van 2020 van de Cluster Munition Monitor, blijkt dat in 2019 in 9 landen en 2 gebieden minstens 286 personen gedood of verwond werden door clusterwapens en de springtuigen die ze achterlaten. Al sinds 2012 eisen clusterwapens elk jaar de meeste slachtoffers in Syrië, dat volgens de Cluster Munition Monitor ook in 2019 80 procent van de gevallen voor zijn rekening nam. Recent werden de wapens door Azerbeidzjaanse en Armeense troepen ook ingezet in het conflict in Nagorno-Karabach. "Dit wijst er allemaal op dat de strijd tegen deze wapens nog lang niet is gestreden", vertelt Anne Héry, directrice Advocacy bij Handicap International. "Elk nieuw gebruik van deze wapens moet door de staten stellig veroordeeld worden. Alleen door het gebruik van clusterwapens systematisch te veroordelen en met de vinger te wijzen, kan de internationale gemeenschap het gebruik van clusterwapens de wereld uit helpen." Van 25 tot 27 november vindt opnieuw een wereldwijde conferentie plaats - dit keer online - waarop de verdragspartijen zich buigen over de naleving van het Verdrag van Oslo. Handicap International roept de lidstaten dan ook op om het verdrag te ondertekenen en op die manier levens te redden. "Azerbeidzjan, Armenië en Syrië hebben het Verdrag nog niet ondertekend, terwijl landen als de Verenigde Staten, Rusland en China weigeren het verdrag te omarmen. Het Verdrag van Oslo moet een universele norm worden", klinkt het nog. (Belga)

Clusterbommen zijn wapens die enkele honderden kleinere bommen bevatten. Die zogenoemde clustermunitie wordt over een grote oppervlakte verspreid en komt onvermijdelijk terecht in gebieden waar burgers wonen. Het Verdrag van Oslo, dat sinds 1 augustus 2010 van kracht is, verbiedt het gebruik van clusterwapens. Momenteel telt het Verdrag 110 partijen en 13 ondertekenende staten. Uit het verslag van 2020 van de Cluster Munition Monitor, blijkt dat in 2019 in 9 landen en 2 gebieden minstens 286 personen gedood of verwond werden door clusterwapens en de springtuigen die ze achterlaten. Al sinds 2012 eisen clusterwapens elk jaar de meeste slachtoffers in Syrië, dat volgens de Cluster Munition Monitor ook in 2019 80 procent van de gevallen voor zijn rekening nam. Recent werden de wapens door Azerbeidzjaanse en Armeense troepen ook ingezet in het conflict in Nagorno-Karabach. "Dit wijst er allemaal op dat de strijd tegen deze wapens nog lang niet is gestreden", vertelt Anne Héry, directrice Advocacy bij Handicap International. "Elk nieuw gebruik van deze wapens moet door de staten stellig veroordeeld worden. Alleen door het gebruik van clusterwapens systematisch te veroordelen en met de vinger te wijzen, kan de internationale gemeenschap het gebruik van clusterwapens de wereld uit helpen." Van 25 tot 27 november vindt opnieuw een wereldwijde conferentie plaats - dit keer online - waarop de verdragspartijen zich buigen over de naleving van het Verdrag van Oslo. Handicap International roept de lidstaten dan ook op om het verdrag te ondertekenen en op die manier levens te redden. "Azerbeidzjan, Armenië en Syrië hebben het Verdrag nog niet ondertekend, terwijl landen als de Verenigde Staten, Rusland en China weigeren het verdrag te omarmen. Het Verdrag van Oslo moet een universele norm worden", klinkt het nog. (Belga)