Het Oeso-rapport 'Education at a Glance' focust dit jaar op het beroepsonderwijs. Volgens de organisatie in Parijs heeft de coronalockdown van de voorbije maanden nog eens haarscherp aangetoond hoe essentieel vele van die opleidingen en vaardigheden zijn, maar tegelijkertijd heeft die sector zwaar geleden onder de schoolsluitingen. Praktisch gericht onderwijs leent zich immers niet zo tot afstandsonderwijs. Volgens het rapport, dat data uit 2018 en 2019 bevat, volgt in België gemiddeld 47 procent van de studenten in het lager secundair tot en met het hoger onderwijs een beroepsopleiding. "We hebben verhoudingsgewijs veel studenten in dit soort onderwijs, hetgeen positief is", analyseert Oeso-expert Dirk Van Damme. Het merendeel (72 procent) bevindt zich in het hoger secundair onderwijs. Veel te weinig van die studenten komen echter aan een zogenaamd 'duaal traject' toe. Slechts 6 procent combineerde in 2018 de schoolklas met een werkplek, terwijl dat in veel andere landen meer dan 90 procent is. Het duaal leren is sindsdien wel uitgebreid, maar de cijfers tonen wel de grote achterstand aan, aldus Van Damme. Dat geldt ook voor het hoger beroepsonderwijs (HBO5). Die opleidingen, die erg gewaardeerd worden op de arbeidsmarkt, zijn in veel landen al een tijdje aan een opmars bezig, maar in België waren ze in 2018 nog quasi onbestaande. "Net als bij duaal leren zijn de recente uitbreidingen van het aanbod in Vlaanderen veel te bescheiden en zullen ze statistisch nauwelijks te zien zijn in de komende jaren", vreest de onderwijsexpert. (Belga)

Het Oeso-rapport 'Education at a Glance' focust dit jaar op het beroepsonderwijs. Volgens de organisatie in Parijs heeft de coronalockdown van de voorbije maanden nog eens haarscherp aangetoond hoe essentieel vele van die opleidingen en vaardigheden zijn, maar tegelijkertijd heeft die sector zwaar geleden onder de schoolsluitingen. Praktisch gericht onderwijs leent zich immers niet zo tot afstandsonderwijs. Volgens het rapport, dat data uit 2018 en 2019 bevat, volgt in België gemiddeld 47 procent van de studenten in het lager secundair tot en met het hoger onderwijs een beroepsopleiding. "We hebben verhoudingsgewijs veel studenten in dit soort onderwijs, hetgeen positief is", analyseert Oeso-expert Dirk Van Damme. Het merendeel (72 procent) bevindt zich in het hoger secundair onderwijs. Veel te weinig van die studenten komen echter aan een zogenaamd 'duaal traject' toe. Slechts 6 procent combineerde in 2018 de schoolklas met een werkplek, terwijl dat in veel andere landen meer dan 90 procent is. Het duaal leren is sindsdien wel uitgebreid, maar de cijfers tonen wel de grote achterstand aan, aldus Van Damme. Dat geldt ook voor het hoger beroepsonderwijs (HBO5). Die opleidingen, die erg gewaardeerd worden op de arbeidsmarkt, zijn in veel landen al een tijdje aan een opmars bezig, maar in België waren ze in 2018 nog quasi onbestaande. "Net als bij duaal leren zijn de recente uitbreidingen van het aanbod in Vlaanderen veel te bescheiden en zullen ze statistisch nauwelijks te zien zijn in de komende jaren", vreest de onderwijsexpert. (Belga)