De relaties tussen de presidenten Paul Kagame en Yoweri Museveni gingen de jongste maanden zodanig achteruit dat de twee voormalige bondgenoten elkaar beschuldigden van spionage, politieke moord en inmenging in binnenlandse zaken. Het protocolakkoord werd in Luanda ondertekend in aanwezigheid van de presidenten van Angola (Joao Lourenço), Congo (Felix Tshisekedi) en Congo-Brazaville (Denis Sassou Nguesso). Na de plechtigheid zei president Kagame geen enkel probleem te verwachten in zijn samenwerking met president Museveni "om wat we overeengekomen zijn te behandelen". De spanningen tussen Rwanda en Oeganda leidden in februari tot de sluiting van de grens tussen de twee landen. Rwandezen mochten de grens, die essentieel is voor de handel in de regio, niet meer oversteken. De grensovergang bleef ook dicht voor Oegandezen die naar Rwanda wilden exporteren. In maart beschuldigde Rwanda Oeganda er openlijk van dat het Rwandezen had ontvoerd en rebellen steunde die de Rwandese regering wilden omverwerpen. Museveni gaf toe dat hij de rebellen ontmoet had, maar verzekerde dat hij hen niet steunde. Zijn diensten beschuldigden Rwandezen van spionage en sommige van hen werden in Oeganda opgepakt en het land uit gezet. (Belga)