Gedurende de zomer zal verder onderhandeld worden over het akkoord, waarna het op de conferentie goedgekeurd moet worden. Maar het zou niet voor het eerst zijn dat de verdragslanden ambitieuze beloftes doen maar die niet inlossen. Zo werden de doelstellingen die voor 2020 vastgelegd waren niet gehaald, zo blijkt uit een rapport dat de balans opmaakte van de biodiversiteit vorig jaar. "Er is dringend politiek handelen nodig op globaal, regionaal en nationaal niveau, om de economische, sociale en financiële modellen aan te passen", zei het hoofd van het secretariaat van de VN-conventie, Elizabeth Maruma Mrema, bij de voorstelling van het ontwerp. Het moet het doel zijn om de trends die het verlies aan biodiversiteit versterken tegen 2030 te stabiliseren. In de komende twee decennia moeten de ecosystemen zich kunnen herstellen, om er tegen 2050 uiteindelijk op vooruit te gaan. Vanwege de coronapandemie werd de biodiversiteitstop in Kunming, die oorspronkelijk gepland was in de herfst van 2020, uitgesteld tot 11 tot 24 oktober. Centraal staat de alarmerende achteruitgang van de biodiversiteit. Door het verlies aan biotopen, soorten en ook genetische diversiteit verarmt niet alleen de natuur, maar raakt ook het levensonderhoud van de mens bedreigd. Een bijkomend thema is dat het risico op pandemieën verminderd kan worden door natuurbescherming en het behoud van biodiversiteit. Het vooropgestelde raamakkoord moet ertoe leiden dat de 196 verdragslanden hun nationale en regionale actieplannen ontwikkelen, en hun strategieën updaten. De inspanningen moet voortdurend opgevolgd worden en er moet een monitoring zijn van de vooruitgang op globaal niveau, eist het secretariaat van het Biodiversiteitsverdrag. Een efficiënte uitvoering van het raamakkoord vereist ook nieuwe financiële middelen. Ontwikkelingslanden zouden zeker tien miljard dollar per jaar extra ter beschikking moeten hebben. Subsidies en andere stimulansen die de biodiversiteit schaden, moeten verschoven of afgeschaft worden, en met zeker 500 miljard dollar per jaar verminderd worden, staat in het ontwerp. Bij de 21 doelstellingen van de geplande globale strategie tegen 2030 behoort een vermindering van het gebruik van meststoffen en andere plantenbeschermingsmiddelen. Ook de hoeveelheid plastic afval moet naar beneden. De hoeveelheid voedingstoffen die verloren gaan in de natuur moet met zeker de helft naar beneden, de hoeveelheid pesticiden met twee derde. De milieuvervuiling moet teruggebracht worden tot een niveau waarbij de biodiversiteit, het functioneren van ecosystemen en de menselijke gezondheid niet geschaad worden, klinkt het. De toename van het aantal uitgestorven soorten moet gestopt worden en zo mogelijk ook omgekeerd, luidt een van de concrete doelen in het ontwerp. Het risico op uitsterven moet tegen 2030 met zeker 10 procent verlagen, terwijl het aantal bedreigde soorten moet afnemen. Een van de langetermijndoelstellingen tegen 2050 is om de snelheid waarmee soorten uitsterven drastisch te verminderen. Het risico op uitsterven moet tegen dan gehalveerd worden, klinkt het ook. Het Biodiversiteitsverdrag, dat in 1993 in werking trad en volkenrechtelijk bindend is, is het belangrijkste multilaterale verdrag voor de bescherming van de biodiversiteit. De meeste van de 196 verdragslanden hebben het ook geratificeerd. De Verenigde Staten deden dat nog niet. (Belga)

Gedurende de zomer zal verder onderhandeld worden over het akkoord, waarna het op de conferentie goedgekeurd moet worden. Maar het zou niet voor het eerst zijn dat de verdragslanden ambitieuze beloftes doen maar die niet inlossen. Zo werden de doelstellingen die voor 2020 vastgelegd waren niet gehaald, zo blijkt uit een rapport dat de balans opmaakte van de biodiversiteit vorig jaar. "Er is dringend politiek handelen nodig op globaal, regionaal en nationaal niveau, om de economische, sociale en financiële modellen aan te passen", zei het hoofd van het secretariaat van de VN-conventie, Elizabeth Maruma Mrema, bij de voorstelling van het ontwerp. Het moet het doel zijn om de trends die het verlies aan biodiversiteit versterken tegen 2030 te stabiliseren. In de komende twee decennia moeten de ecosystemen zich kunnen herstellen, om er tegen 2050 uiteindelijk op vooruit te gaan. Vanwege de coronapandemie werd de biodiversiteitstop in Kunming, die oorspronkelijk gepland was in de herfst van 2020, uitgesteld tot 11 tot 24 oktober. Centraal staat de alarmerende achteruitgang van de biodiversiteit. Door het verlies aan biotopen, soorten en ook genetische diversiteit verarmt niet alleen de natuur, maar raakt ook het levensonderhoud van de mens bedreigd. Een bijkomend thema is dat het risico op pandemieën verminderd kan worden door natuurbescherming en het behoud van biodiversiteit. Het vooropgestelde raamakkoord moet ertoe leiden dat de 196 verdragslanden hun nationale en regionale actieplannen ontwikkelen, en hun strategieën updaten. De inspanningen moet voortdurend opgevolgd worden en er moet een monitoring zijn van de vooruitgang op globaal niveau, eist het secretariaat van het Biodiversiteitsverdrag. Een efficiënte uitvoering van het raamakkoord vereist ook nieuwe financiële middelen. Ontwikkelingslanden zouden zeker tien miljard dollar per jaar extra ter beschikking moeten hebben. Subsidies en andere stimulansen die de biodiversiteit schaden, moeten verschoven of afgeschaft worden, en met zeker 500 miljard dollar per jaar verminderd worden, staat in het ontwerp. Bij de 21 doelstellingen van de geplande globale strategie tegen 2030 behoort een vermindering van het gebruik van meststoffen en andere plantenbeschermingsmiddelen. Ook de hoeveelheid plastic afval moet naar beneden. De hoeveelheid voedingstoffen die verloren gaan in de natuur moet met zeker de helft naar beneden, de hoeveelheid pesticiden met twee derde. De milieuvervuiling moet teruggebracht worden tot een niveau waarbij de biodiversiteit, het functioneren van ecosystemen en de menselijke gezondheid niet geschaad worden, klinkt het. De toename van het aantal uitgestorven soorten moet gestopt worden en zo mogelijk ook omgekeerd, luidt een van de concrete doelen in het ontwerp. Het risico op uitsterven moet tegen 2030 met zeker 10 procent verlagen, terwijl het aantal bedreigde soorten moet afnemen. Een van de langetermijndoelstellingen tegen 2050 is om de snelheid waarmee soorten uitsterven drastisch te verminderen. Het risico op uitsterven moet tegen dan gehalveerd worden, klinkt het ook. Het Biodiversiteitsverdrag, dat in 1993 in werking trad en volkenrechtelijk bindend is, is het belangrijkste multilaterale verdrag voor de bescherming van de biodiversiteit. De meeste van de 196 verdragslanden hebben het ook geratificeerd. De Verenigde Staten deden dat nog niet. (Belga)