"De strijd tegen mensenhandel is nooit weggeweest van de politieke agenda, maar we zien wel dat hij de laatste jaren minder wordt geprioriteerd. We merken dat aan bepaalde veiligheidsplannen, aan de zonale plannen van aanpak", zegt directeur van Myria Koen Dewulf. En het zijn de slachtoffers die daarvan de dupe zijn. Bovendien ziet Myria nog grote uitdagingen op het terrein wat betreft de detectie, het informeren en het beschermen van slachtoffers. Myria roept dan ook op om de politie- en inspectiediensten en het gerechtelijk apparaat de adequate personeels- en materiële middelen te geven die momenteel ontbreken. Bovendien raadt Myria aan om nog meer in te zetten op het opleiden van diensten die in contact komen met potentiële slachtoffers van mensenhandel zodat zij beter signalen kunnen opvangen en de slachtoffers beter kunnen bijstaan. Zo moeten de slachtoffers goed op de hoogte gebracht worden van hun rechten, en moeten ze geïnformeerd worden dat ze terechtkunnen bij gespecialiseerde opvangcentra. De Global Slavery Index schat dat er in 2018 23.000 slachtoffers waren van mensenhandel in België. De politiediensten hebben vorig jaar 358 inbreuken met elementen van mensenhandel vastgesteld en bij het parket zijn 301 dossiers van mensenhandel binnengekomen, met telkens minstens één slachtoffer. Vorig jaar kwamen bovendien 158 van die slachtoffers terecht in de gespecialiseerde opvangcentra. "Het aantal opgevangen slachtoffers is slechts het topje van de ijsberg", zegt Sarah De Hovre van PAG-ASA, die een van de drie Belgische gespecialiseerde centra uitbaat. "Mensenhandel is een verborgen misdaad. Om die te bestrijden is onderzoek nodig, waarvoor voldoende mensen nodig zijn op het terrein die voldoende tijd krijgen. En daarvoor zijn extra middelen nodig." (Belga)