De New North South Link (NSL), zoals het project intern heet, moet een oplossing bieden voor de verzadiging op de Brusselse Noord-Zuidas. Door de huidige tunnel met zes sporen, ingehuldigd in 1952, rijden in de spits tot 88 treinen per uur, amper minder dan het maximum van 96. Als in de flessenhals een probleem opduikt, leidt dat tot enorme vertragingen. Het succes van het treinverkeer en de uitrol van het Gewestelijk ExpresNet (GEN) maken een capaciteitsgroei van 30 à 50 procent noodzakelijk. Infrabel en de NMBS voeren hierover een haalbaarheidsstudie uit. Voor 2020-2040 zijn drie actieterreinen vastgelegd. Allereerst kan op de bestaande as winst worden geboekt door de sporen minder te laten kruisen en de treinen beter te verdelen over de verschillende kokers. Ook kunnen meer treinen de ringsporen rond Brussel gebruiken. Maar op lange termijn wordt gekeken naar een nieuwe ondergrondse verbinding. De NSL moet internationale treinen apart door de hoofdstad sluizen, zodat er meer ruimte komt voor de nationale treinen. Infrabel schuift voor de nieuwe koker twee trajecten naar voren: van Brussel-Zuid tot Brussel-Noord, of een tunnel van Brussel-Zuid direct naar Schaarbeek, dat in dat geval uitgroeit tot het tweede internationaal station. Aan het project hangt volgens het document een prijskaartje van 2 miljard euro. De werken zouden ongeveer tien jaar duren. Infrabel beklemtoont in de krant dat nog niets beslist is en dat het om een plan op zeer lange termijn gaat. (Belga)