"Syriërs in Libanon zitten gevangen tussen hamer en aambeeld", zegt Els hertogen, directeur van de internationale ngo 11.11.11. "Enerzijds willen ze niet terugkeren naar hun thuisland uit vrees voor gedwongen inlijving bij het leger, willekeurige detenties en seksueel geweld. Anderzijds worden vluchtelingen steeds vijandiger behandeld in Libanon, is er een gebrek aan humanitaire ondersteuning en leven ze in continue angst voor gedwongen deportatie." Libanon, dat momenteel zelf een zware economische en politieke crisis doormaakt, vangt anderhalf miljoen ontheemde Syriërs op. Refugee Protection Watch sprak met Syrische vluchtelingen over de penibele situatie. De resultaten van het rapport met de titel "I have not known the taste of safety for ten years" tonen weinig goeds. Van de ondervraagden vreest 70 procent gedwongen inlijving bij het Syrische leger, 43 procent kent iemand of liep zelf dit risico. Van de vrouwelijke repatrianten voelt 60 procent zich 's nachts niet veilig uit angst voor seksueel geweld of misbruik. De sociale spanningen en gewelddadige clashes met de Libanese gastgemeenschap nemen de laatste tijd scherp toe. Bijna 91 procent van de ondervraagde Syriërs kon dit bevestigen. Van de respondenten in Libanon gaf 71 procent aan geen enkele vorm van humanitaire ondersteuning te hebben ontvangen sinds januari 2020. Daarnaast blijkt er een gebrek aan informatie over vrijwillige terugkeer naar Syrië. De verslechterde economische situatie in het land biedt weinig vooruitzichten. Slechts 29 procent van de respondenten in Syrië is in staat om te voorzien in de basisbehoeften. Toegang tot bijvoorbeeld water, voedsel, onderwijs en gezondheidszorg is er beperkt. In haar aanbevelingen roept 11.11.11 de Belgische regering op om internationaal over te gaan tot dringende actie. "België moet diplomatiek leiderschap opnemen en actief pleiten voor duurzame oplossingen", zegt Hertogen. Een internationaal mechanisme dat toezicht houdt op de condities voor veilige en vrijwillige terugkeer, is noodzakelijk, stelt de solidariteitsorganisatie. (Belga)

"Syriërs in Libanon zitten gevangen tussen hamer en aambeeld", zegt Els hertogen, directeur van de internationale ngo 11.11.11. "Enerzijds willen ze niet terugkeren naar hun thuisland uit vrees voor gedwongen inlijving bij het leger, willekeurige detenties en seksueel geweld. Anderzijds worden vluchtelingen steeds vijandiger behandeld in Libanon, is er een gebrek aan humanitaire ondersteuning en leven ze in continue angst voor gedwongen deportatie." Libanon, dat momenteel zelf een zware economische en politieke crisis doormaakt, vangt anderhalf miljoen ontheemde Syriërs op. Refugee Protection Watch sprak met Syrische vluchtelingen over de penibele situatie. De resultaten van het rapport met de titel "I have not known the taste of safety for ten years" tonen weinig goeds. Van de ondervraagden vreest 70 procent gedwongen inlijving bij het Syrische leger, 43 procent kent iemand of liep zelf dit risico. Van de vrouwelijke repatrianten voelt 60 procent zich 's nachts niet veilig uit angst voor seksueel geweld of misbruik. De sociale spanningen en gewelddadige clashes met de Libanese gastgemeenschap nemen de laatste tijd scherp toe. Bijna 91 procent van de ondervraagde Syriërs kon dit bevestigen. Van de respondenten in Libanon gaf 71 procent aan geen enkele vorm van humanitaire ondersteuning te hebben ontvangen sinds januari 2020. Daarnaast blijkt er een gebrek aan informatie over vrijwillige terugkeer naar Syrië. De verslechterde economische situatie in het land biedt weinig vooruitzichten. Slechts 29 procent van de respondenten in Syrië is in staat om te voorzien in de basisbehoeften. Toegang tot bijvoorbeeld water, voedsel, onderwijs en gezondheidszorg is er beperkt. In haar aanbevelingen roept 11.11.11 de Belgische regering op om internationaal over te gaan tot dringende actie. "België moet diplomatiek leiderschap opnemen en actief pleiten voor duurzame oplossingen", zegt Hertogen. Een internationaal mechanisme dat toezicht houdt op de condities voor veilige en vrijwillige terugkeer, is noodzakelijk, stelt de solidariteitsorganisatie. (Belga)