Tot nu toe bleven voorschriften voor geneesmiddelen onbeperkt geldig. Een patiënt kon vele maanden later nog altijd bij de apotheker langsgaan om een medicijn af te halen. Maar voor de terugbetaling gold dan weer een iets ingewikkeldere logica. De ziekteverzekering kwam enkel tussenbeide als het geneesmiddel aangeschaft werd vóór "het einde van de derde maand die volgt op de voorschrijfdatum". Vanaf 1 november worden de twee regelingen op elkaar afgestemd. De termijn waarbinnen de apotheker een geneesmiddel mag afleveren aan de patiënt, wordt standaard op exact drie maanden gezet. Maar als een arts het noodzakelijk acht om een kortere of een langere geldigheidsduur te voorzien voor zijn patiënt, dan kan er nog altijd van die termijn worden afgeweken. De arts zal dat wel expliciet moeten aanduiden op het voorschrift. Bovendien zal de geldigheidsduur nooit meer dan één jaar kunnen bedragen. Voor de terugbetaling van het geneesmiddel geldt dezelfde regeling. De standaardtermijn bedraagt drie maanden, tenzij de voorschrijvende arts anders heeft aangegeven. De nieuwe regeling geldt zowel voor de papieren als de voor elektronische voorschriften. (Belga)