Tijdens de donkere herfst- en wintermaanden neemt het aantal huisinbraken toe. Door de coronacrisis en de beperking van onze sociale contacten zijn we minder uithuizig. Dat creëert de perceptie van een verlaagd risico op een inbraak. De praktijk leert echter dat inbrekers amper 5 minuten nodig hebben om een woning te betreden, te stelen en weg te vluchten. Een korte afwezigheid volstaat. Maar beter voorkomen dan genezen, luidt ook hier het devies. Een inbraak voorkomen begint met goede gewoonten, zoals steeds de deuren en ramen op slot doen, ook al ben je maar even weg en aantrekkelijke voorwerpen zoals laptop en smartphone verbergen. Tijdens de korte herfst- en winterdagen is het makkelijker voor inbrekers om vast te stellen of iemand afwezig is: geen licht, rolluiken niet neergelaten. Daar kan je iets aan doen door lampen met tijdschakelaars te gebruiken of de radio te laten spelen. Een ander aandachtspunt zijn de inbraken via de eerste verdieping, die vaker voorkomen. Het is belangrijk om ook de eerste verdieping van de woning te beveiligen. Inbrekers gebruiken alles wat binnen hun bereik ligt om daar te komen: dakgoot, tuinmeubels, ladder, stelling, etc. Wie meer informatie en aanbevelingen wil over gerichte inbraakpreventie kan een beroep doen op de diefstalpreventieadviseur van de gemeente of lokale politiezone. Die komt gratis langs en analyseert de zwakke punten op het vlak van de beveiliging van de woning. "1dagniet" loopt tot 25 oktober. De campagne van de FOD Binnenlandse Zaken loopt in samenwerking met de federale politie, de provincies, de politiezones en de gemeenten, de lokale preventiepartners en de private partners. (Belga)

Tijdens de donkere herfst- en wintermaanden neemt het aantal huisinbraken toe. Door de coronacrisis en de beperking van onze sociale contacten zijn we minder uithuizig. Dat creëert de perceptie van een verlaagd risico op een inbraak. De praktijk leert echter dat inbrekers amper 5 minuten nodig hebben om een woning te betreden, te stelen en weg te vluchten. Een korte afwezigheid volstaat. Maar beter voorkomen dan genezen, luidt ook hier het devies. Een inbraak voorkomen begint met goede gewoonten, zoals steeds de deuren en ramen op slot doen, ook al ben je maar even weg en aantrekkelijke voorwerpen zoals laptop en smartphone verbergen. Tijdens de korte herfst- en winterdagen is het makkelijker voor inbrekers om vast te stellen of iemand afwezig is: geen licht, rolluiken niet neergelaten. Daar kan je iets aan doen door lampen met tijdschakelaars te gebruiken of de radio te laten spelen. Een ander aandachtspunt zijn de inbraken via de eerste verdieping, die vaker voorkomen. Het is belangrijk om ook de eerste verdieping van de woning te beveiligen. Inbrekers gebruiken alles wat binnen hun bereik ligt om daar te komen: dakgoot, tuinmeubels, ladder, stelling, etc. Wie meer informatie en aanbevelingen wil over gerichte inbraakpreventie kan een beroep doen op de diefstalpreventieadviseur van de gemeente of lokale politiezone. Die komt gratis langs en analyseert de zwakke punten op het vlak van de beveiliging van de woning. "1dagniet" loopt tot 25 oktober. De campagne van de FOD Binnenlandse Zaken loopt in samenwerking met de federale politie, de provincies, de politiezones en de gemeenten, de lokale preventiepartners en de private partners. (Belga)