Halverwege het gesprek valt je oog op een reeks Kuifjes achter hem en denk je: de metafoor voor zijn leven staat gewoon in zijn boekenkast. Nasser Nadjmi groeide op in Iran, en als kind verslond hij Tintin in het Farsi. Dat hij zonder het te weten toen al een link met België had, doet hem vandaag glimlachen. Misschien heeft de stripfiguur van Hergé ook wel zijn drang naar avontuur en reizen aangewakkerd, vraagt hij zich opeens af. Wie zal het zeggen.
...

Halverwege het gesprek valt je oog op een reeks Kuifjes achter hem en denk je: de metafoor voor zijn leven staat gewoon in zijn boekenkast. Nasser Nadjmi groeide op in Iran, en als kind verslond hij Tintin in het Farsi. Dat hij zonder het te weten toen al een link met België had, doet hem vandaag glimlachen. Misschien heeft de stripfiguur van Hergé ook wel zijn drang naar avontuur en reizen aangewakkerd, vraagt hij zich opeens af. Wie zal het zeggen. Nasser Nadjmi is mond-, kaak- en aangezichtschirurg aan het UZ Antwerpen en het Antwerpse AZ Monica. Mensen mooier maken is zijn werk, maar schoonheid zit ook in zijn prachtig ingerichte huis in Antwerpen, waar hij met zijn twee kinderen woont. De arts figureerde in het recentste seizoen van Topdokters op Vier, maar loopt wegens zijn uitzonderlijke levensverhaal al langer in de kijker. Op zijn achttiende verliet Nadjmi het ouderlijke huis in Teheran om met een studiebeurs van een Iraanse rederij in Antwerpen aan de Hogere Zeevaartschool te studeren.Het was het ideale ontsnappingsscenario. Vijf jaar eerder was de Iraanse Revolutie uitgebroken. Nadjmi behaalde zijn diploma van kapitein op de grote vaart, maar zijn oude droom om geneeskunde te studeren liet hem niet los. Toen hij zijn ontslag gaf bij de rederij om naar de universiteit van Leuven te trekken, moesten zijn ouders een zware boete betalen wegens contractbreuk. Hij zou zijn studies geneeskunde en tandheelkunde zelf betalen. Bovendien sprak hij tot enkele weken voor het toelatingsexamen geen woord Nederlands. De opleiding aan de rederij was volledig in het Engels gebeurd. Ondertussen is Nadjmi een internationaal gereputeerde MKA-arts. Hij staat vooral bekend om zijn operaties van kinderen met schisis (een spleet van bovenlip, kaak of verhemelte) en heeft in het Iraanse Shiraz een klinisch wetenschappelijk centrum opgericht waar hij kinderen gratis opereert, chirurgen opleidt en onderzoek ondersteunt. Een tweede centrum staat nu gepland in Zahedan, bij de grens met Pakistan en Afghanistan. Daarnaast voert hij ook esthetische ingrepen uit bij rimpels, wallen of andere verzakkingen in het gezicht. U was op een internationaal congres voor maxillo-faciale heelkunde in Teheran toen corona er volop uitbrak. Toen u weer in België landde, werd u niet getest - terwijl u de volgende dag moest opereren. Vindt u dat de crisis goed is aangepakt? Nasser Nadjmi: Ik had zelf gevraagd om getest te worden, maar het kon niet omdat ik geen symptomen had. Ik heb inderdaad nog geopereerd, de volgende dag. Een risico was dat niet, want we waren helemaal ingepakt en alle regels zijn strikt gevolgd. Maar thuis heb ik mijn kinderen wekenlang niet aangeraakt. Mijn ouders, die toevallig voor een tijdje bij mij verblijven, ook niet. En nee, ik vind niet dat we op de juiste manier met het virus zijn omgegaan. We hadden massaal moeten testen. Dat er in de eerste weken een tekort was aan testmateriaal en dus een lockdown nodig was, kan ik nog begrijpen. Maar we zijn met amper 11 miljoen mensen, we hebben de beste farmabedrijven in de wereld en fantastisch opgeleid medisch personeel, er is een performant leger dat kan bijspringen bij logistieke operaties: dan kan het toch niet zo moeilijk zijn om het nodige testmateriaal te produceren en besmette mensen te isoleren? De langdurige lockdown heeft enorme economische schade veroorzaakt. Kinderen zijn wekenlang opgesloten geweest, armen zijn nog armer geworden. Ik maak me daar grote zorgen over. Toen corona uitbrak, was u volop aan het trainen voor de marathon van Spitsbergen. Die is uitgesteld, maar in december neemt u wel deel aan de Antarctic Ice Marathon op de Zuidpool. Welke sensatie geeft het lopen u? Nadjmi: Het is eigenlijk begonnen als een grap. Enkele jaren geleden zat ik met vrienden op een barbecue en werd er al lachend afgesproken om de volgende dag te beginnen met lopen. Zes maanden later liep ik de marathon van New York in 4 uur en 2 minuten. Ik heb altijd geprobeerd om de lat hoger te blijven leggen. Maar de hoofdreden was om zo de problematiek van kinderen die met schisis geboren worden onder de aandacht te brengen. Mijn stichting (de Nadjmi Foundation, nvdr) zamelt geld in voor elke wedstrijd die gelopen wordt. U hebt de zes grootste marathons afgewerkt, wat was tot dusver uw beste tijd? Nadjmi: Dat was 3 uur 43 minuten, vorig jaar in Londen, in de laatste marathon die ik gedaan heb. Twaalf dagen ervoor had ik ook nog die van Boston gelopen. Het was een dubbeltje op zijn kant geweest: enkele maanden ervoor had ik een blessure gekregen, waardoor mijn lies pijn deed. Maar ik was vastberaden om die twee marathons te lopen en dus klopte ik aan bij kinesist Lieven Maesschalck, die me een strak trainingsschema gaf: twee keer per week om 6 uur 's morgens een uur krachttraining, gevolgd door een uur lopen op een speciale loopband. (glimlacht) Het heeft geholpen. Nog altijd loop ik drie à vier keer per week 10 kilometer. In tijden van corona was het trouwens een goede barometer voor mij: zolang ik niet kortademig was, kon ik de ziekte niet hebben. Is een arts niet minder bang om ziek te worden dan een gewone sterveling? Nadjmi: Dat zou kunnen. (glimlacht) Aan de andere kant weten wij heel goed wat er allemaal mis kan gaan in een lichaam, dus we zouden misschien wat banger moeten zijn. Maar angst is iets wat ik amper ken. (valt even stil) Toen ik in 1987 in Leuven aan mijn studie begon, was dat het laatste jaar van de Irak-Iranoorlog. Dagelijks werd Teheran vanuit Irak gebombardeerd met langeafstandsraketten, en alle communicatie met het land was verbroken. Zes maanden lang heb ik niets vernomen van mijn ouders en mijn familie. En toch heb ik toen die angst overwonnen. Uit overlevingsdrang, denk ik. Falen was geen optie. Met permissie, maar uw parcours klinkt bijna ongeloofwaardig: in enkele weken tijd leerde u Nederlands om deel te nemen aan het toelatingsexamen, u slaagde, u studeerde geneeskunde en tandheelkunde tegelijk, en intussen bekostigde u die studies met studentenjobs. Dat kan toch bijna niet? Nadjmi:(met tranen in zijn ogen) Het klopt toch. Excuus, als ik daarover begin, word ik nog altijd emotioneel. Ik woonde alleen in Leuven, de eerste maanden begreep ik niets van de lessen, en ik wist niet of mijn ouders nog leefden. Er waren momenten dat ik me afvroeg wat me in godsnaam bezielde om dit te doen. Maar vlak erna kon ik het alweer relativeren. Dan dacht ik: ik ben maar een piepklein onderdeel van dit hele bestaan, mijn problemen stellen echt niets voor in de grootsheid van het universum. Ik zei tegen mezelf: 'Arme Nasser, moet je een beetje studeren? Ach, als het dat maar is.' (denkt na) Weet je wat angst is? Als je gelooft dat iets onmogelijk is. Als je jezelf er op voorhand al van hebt doordrongen dat het zal mislukken. Maar van zulke gedachten heb ik nooit last gehad. Wilskracht is een term die wel bij u past. Nadjmi: Dat zou je kunnen zeggen, ja. Ik denk ook dat het eigen is aan al de Iraniërs die na de Revolutie zijn uitgeweken om tot het uiterste te willen gaan en zich te bewijzen. In 1987 had ik ook de status van politiek vluchteling kunnen aanvragen. Dan zou ik een toelage gekregen hebben en zou het leven wat gemakkelijker geweest zijn. Maar dat wilde ik absoluut niet. Ik vond het al erg genoeg dat ik mijn contract met de rederij niet nagekomen was en mijn land dus eigenlijk in de steek gelaten had. Misschien is het daarom ook dat ik met mijn stichting iets probeer terug te doen voor Iran. Geeft u dat doorzettingsvermogen door aan uw kinderen? Nadjmi: Ik forceer het zeker niet. Je kunt wel een rolmodel voor je kinderen zijn, maar aan de andere kant is het niet zo gemakkelijk om onder de vleugels van een sterke man te groeien en iets te bereiken. Ik probeer mijn kinderen vooral mee te geven dat het behalen van persoonlijke doelen het belangrijkste is, wat die doelen ook zijn. Ik heb heel hoge eisen aan mezelf gesteld, en ik ben trots op wat ik gerealiseerd heb, maar succesvol zijn maakt niet per se een gelukkig mens van je. Bent u gelukkig? Nadjmi: Jawel. Ik heb elke dag het gevoel dat ik mijn hobby mag uitoefenen en dat ik iets kan betekenen voor mensen. Alles wat ik ooit wilde bereiken is gelukt. Dat streelt mijn ego. Maar succes is ook relatief. Als ik morgen doodval, zal iemand anders mij direct vervangen. Hebt u ooit het verwijt gekregen dat u naast uw schoenen loopt? Nadjmi: Het is me nooit rechtstreeks verweten, maar ik ben gedreven en enthousiast, en dat wordt weleens verward met hoogmoed. Zeker in Vlaanderen. Ik kan me voorstellen dat sommige collega's in zichzelf wel eens mompelen: je moet niet denken dat je beter bent dan wij. En denkt u dat u beter bent? Nadjmi:(glimlacht) Hm. Ja en nee. Ik weet wat ik kan in mijn vakgebied. Er zijn bepaalde technieken die ik als enige in de wereld toepas, bijvoorbeeld het gebruik van een robot om kinderen met aangeboren afwijkingen te opereren. Ik heb ook een heel protocol uitgewerkt over hoe die kinderen behandeld moeten worden, en met dat protocol behalen we het beste resultaat in de wereld. Het heeft geen zin om daar vals bescheiden over te zijn. Maar bescheiden blijf ik wel, vind ik zelf. Ach, ik laat me niet beïnvloeden door wat anderen van mijn ego vinden. U maakt gezichten mooier. Hebt u zelf al esthetische ingrepen ondergaan? Nadjmi: Nee. Bij esthetische chirurgie denken de meeste mensen aan mensen die er wanhopig jonger proberen uit te zien, met verbouwde, onherkenbare gezichten waar geen enkele expressie meer in zit. Daar doe ik niet aan mee. De patiënt moet realistisch blijven. Maar als wat je elke dag in de spiegel ziet niet correspondeert met hoe je je vanbinnen voelt, is dat niet fijn. En het is perfect gerechtvaardigd om daar iets aan te laten doen. De grote kunst van esthetische chirurgie is dat de ingreep amper zichtbaar mag zijn. Bij een facelift mag je noch het litteken zien, noch de verandering in de mimiek. Dat is de uitdaging voor een chirurg. Iemand mooier maken zonder dat het opvalt, daar beleef ik evenveel plezier aan als aan het opereren van een kind met schisis. Zou u het overwegen als de spiegel niet meer overeenstemt met hoe energiek u zich voelt? Nadjmi: Ik weet het niet. Vooral omdat ik dan vertrouwen moet hebben in iemand anders die mij zal opereren. En dan zou ik toch eens diep moeten nadenken over wie ik dat wil laten doen. (lacht)Moet een chirurg tijdens het opereren niet voortdurend balanceren tussen durven en voorzichtig zijn? Nadjmi: Wat ik vandaag doe, lijkt in niks meer op de zaken die ik ooit geleerd heb. Je moet je technieken en instrumenten voortdurend vernieuwen en verfijnen om je patiënten beter te kunnen helpen. Maar dat is niet hetzelfde als risico's nemen. Daar heb ik een eenvoudige regel voor: als ik iets niet zou doen bij mijn kind of ouder of vriend, doe ik het ook niet bij een patiënt. Laten we het eens over uw hart hebben. Kunt u dat gemakkelijk verliezen? Nadjmi: Ach. (glimlacht) Laten we zeggen dat ik mijn hart relatief gemakkelijk laat exploreren. Maar iemand vrij spel geven, dat gebeurt niet zo snel. Hebt u al harten gebroken? Nadjmi: Daar kan ik moeilijk een antwoord op geven. Ik probeer altijd zo eerlijk mogelijk te communiceren, denk ik. Maar mijn hart is al gebroken, en ik zal dat zelf ook al wel veroorzaakt hebben bij een vrouw. Liefdesverdriet hoort bij het leven. U hebt op een schip gevaren, u hebt de wereld rondgereisd om liefdadigheidswerk te doen. Is onderweg zijn belangrijk voor u? Nadjmi: Ja, enorm. Ik ben geen mens om op één plek te blijven zitten. Antwerpen is mijn vaste honk, omdat mijn kinderen hier ook wonen. Dat doet mijn onrustige ziel wat kalmeren. Hun liefde brengt mij stabiliteit. Als ik hen niet zou hebben, dan zou ik stoppen met werken en alleen nog maar liefdadigheidswerk doen in het buitenland door er te gaan lesgeven en opereren. Maar mijn twee kinderen moeten nog studeren. Ze moeten nog even kunnen rekenen op een vader die geld verdient. (lacht)Zijn uw lichaam en geest in balans? Nadjmi: Ik zou ja kunnen zeggen, maar dat antwoord is niet meer dan een momentopname. Je balans zoeken is nu eenmaal een constante oefening. Het is de betekenis van het leven. Als mens krijg je veel impulsen, en het is alsof je de portier van je eigen hoofd bent: je moet voortdurend beslissen welke impulsen je laat binnenkomen en welke niet. Ben je een sterke portier, dan is het makkelijk om je balans te vinden. Laat je je door te veel zaken beïnvloeden, dan wordt het zwaarder om je geluk te vinden. En u bent een sterke portier? Nadjmi: Ik probeer dat toch. Maar het zou pretentieus zijn om te zeggen dat ik het geluk gevonden heb. Om gelukkig te zijn, moet je hard werken. Wat zijn uw ambities nog? Nadjmi: Mijn ambities ontstaan op een natuurlijke manier. Als je mijn parcours bekijkt, denk je misschien dat ik een grote planner ben. En toch is dat niet zo. Ik kan me wel afvragen waar ik over vijf of tien jaar wil staan, maar dat resultaat heb ik niet onder controle. (valt even stil) In 2007 is mijn beste vriend gestorven in een auto-ongeval. Hij stond op een punt in zijn leven waarop hij dacht: over vijf jaar stop ik met werken en ga ik reizen. Ik had hem 's morgens nog aan de telefoon gehoord en 's avonds was hij dood. Zijn dood heeft me veel geleerd. Je kunt plannen maken voor de toekomst, maar dezelfde dag nog kan alles anders zijn. Ik plan dus niet te veel. Ik heb nog dromen, maar we zien wel. (glimlacht) One miracle at a time.